zondag 29 maart 2020

Wandelen in Vlaanderen: Lus rond Kelbergen en Vallei van de Drie Beken

Om het kluizenaarsbestaan wat te doorbreken, ben ik ook dit weekend op pad gegaan om te gaan wandelen. Het is een wandelweekend geworden want op drie routes heb ik meer dan vijftig kilometer afgelegd. Afgelopen zaterdag was het de beurt aan de Vallei van de Drie Beken en het gehucht Kelbergen. Een mooie regio die zeker een bezoekje verdient! 

Intro
Deze wandeling begint bij het gehucht Kelbergen en wordt gecombineerd met de Vallei van de Drie Beken en daardoor kent deze route veel diversiteit. De Vallei van de Drie Beken schittert in biodiversiteit en dit moerassige gebied valt op door zijn weilanden en de knuppelpaden die erover gaan. Kelbergen zorgt voor tegengewicht in de vorm van bossen, kleine hellingen en een niet te versmaden passage langs vele bomenrijen.


Boomgaarden
Je kan deze wandeling beginnen bij de Sint-Hubertuskerk in Schaffen, maar ik parkeerde mijn wagen op de kruising tussen de Waterstraat en de Berkestraat. Het begin is al meteen een voltreffer want gedurende twee kilometer wandel je door verscheidene boomgaarden en bomenrijen. Dit is wel bijzonder en zeker gezien de grote omvang van dit landschap aangezien in Vlaanderen bijna alles versnipperd is. Er zitten wel enkele zompige stukken bij, maar gelukkig is het de laatste weken vrij droog gebleven.


Daarna gaat het voornamelijk door bos waar af en toe kleine hellingen bijzitten. Het aantal hoogtemeters is bij deze wandeling echter beperkt waardoor iedereen met een basisconditie deze route kan doen. Af en toe duiken er ook verharde wegen op, maar dit zijn meestal vrij kalme wegen waar het gemakkelijk is om te wandelen. Af en toe zijn er wel drukkere wegen, maar al bij al valt dit heel goed mee.


Vallei van de Drie Beken
Het mooiste stuk is misschien wel de passage door de Vallei van de Drie Beken die ongeveer halverwege het parcours begint. De naam van dit natuurgebied is ontleend aan de drie beken die hier doorstromen: de Grote Beek, Kleine Beek en Middelbeek. Water speelt een belangrijke rol in het landschap en bestaat uit onder andere venen, hooilanden en rietlanden die van water worden voorzien door de drie beken. Vele meters gaan over knuppelpaden waardoor je een goed overzicht krijgt over dit natuurgebied. Wanneer de Vallei van de Drie Beken wordt verlaten gaat het terug richting bos en wacht er de grootste helling van de dag. Van twintig meter gaat het naar ruim vijftig meter, maar zweetparels moet je niet verwachten.


Het derde en laatste gedeelte van deze wandeling passeert langs landerijen, velden, verlaten boerderijen en hier en daar een stukje bos. Hier kom je veel fietsers en mountainbikers tegen, want de wandeling loopt hier namelijk via een populaire fietsroute. Hier vind je minder natuur, maar de diversiteit van het landschap maakt ook dit stuk leuk om te doen. De kracht van deze wandeling is dat er eigenlijk amper saaie stukken in zitten en dat gebeurt niet vaak in Vlaanderen.


Conclusie
Dit is een verrassend leuke wandeling geworden met veel variëteit in het parcours en een aantal bezienswaardigheden in Kelbergen en de Vallei van de Drie Beken. Zeker een aanrader voor de actieve wandelaar!

De route vind je terug op deze link.

zondag 22 maart 2020

Wandelen in Vlaanderen: Bossen langs de Rode Laak

Nu iedereen gedwongen thuis moet blijven de komende weken en misschien wel maanden, heb ik van dit weekend een tweedaagse wandeling gemaakt. De route voor deze zondag komt van originelewandelingen.be en gaat grotendeels door de voormalige bossen van De Merode, de adelijke familie die zijn verblijf heeft in Westerlo en tot 2006 een aanzienlijk deel van deze bossen bezat. 

De kleinste gemeente
Vorig jaar ben ik bij mijn wandelingen in Wallonië door diverse kleine Waalse dorpjes gewandeld, maar ook Vlaanderen kent kleine dorpen. Deze wandeling begint in Varendonk en dit plekje was tot 1977 de kleinste gemeente in België. Na amper een paar honderd meter kom je een kleine kapel tegen waar vroeger (en uitzonderlijk ook nu) huwelijken werden voltrokken. Nu heeft deze kapel voornamelijk een symbolische betekenis. 


Amper honderd meter  na de Varendonkse kapel gaat het richting Varenbroek, een natuurgebied dat zijn naam heeft ontleend aan het gelijknamige dorp. Het is hier waar de Rode Laak langs de bossen kabbelt, maar je ziet deze beek slechts één keer opduiken in het begin bij een klein bruggetje. Varenbroek is één van de minder bekende natuurgebieden in de Zuiderkempen en het is dan ook opvallend rustig op deze erg zonnige zondag. Slechts één persoon kom ik tegen in dit broek dat tweeënzestig hectare groot is. 


Hertberg
Ik verlaat het Varenbroek na 2,5 kilometer en het volgende natuurgebied dat op me wacht is de Hertberg dat in  Herselt ligt. Voor het zover is wandel ik langs enkele verharde wegen die er rustig bijliggen. Het karakter van de Hertberg staat in schril contrast met dat van Varenbroek. Hertberg kent voornamelijk lange naaldbomen, lange dreven en veel wandelaars waar Varenbroek bestaat uit diverse boomsoorten, kleinere paadjes en veel minder bezoekers. 


Hertberg wordt door de Diestsebaan in tweeën gesneden en het stuk voor de Diestsebaan kent nog enkele open landschappen, heide en ruigte. Dit is een landschap dat je niet vaak tegenkomt in de Kempen. Het stuk na de Diestsebaan is helaas eenheidsworst met voornamelijk naaldbomen (Grove den en Corsicaanse den) waar wandelaars langs kleine, verharde wegen en brede dreven wandelen. Het voelt voor mij aan als een verplicht nummer en dit is ook het meest drukke stuk van deze wandeling. 


Helschot
Het derde natuurgebied dat mijn pad kruist op deze wandeling is Helschot. Dit is een bosreservaat van ongeveer zestig hectare groot en heeft ongeveer hetzelfde karakter als Varenbroek. De paadjes zijn een stuk kleiner, er zijn minder wandelaars en af en toe ligt er een gevallen boom op het pad. Hier moet ik nog het meest opletten voor de modder die maar al te graag aan mijn wandelschoenen blijft kleven. De afgelopen weken heeft het erg veel geregend en die neerslag heeft veel wandelpaden getransformeerd tot modderparcours. De zon is echter de laatste twee weken aan een inhaalbeweging bezig en gelukkig zijn veel plassen al verdwenen. 


Literatuurfans zal het allicht opvallen dat Helschot heel erg hard gelijkt op Elsschot en dat is geen toeval. Alfons Jozef de Ridder kwam in zijn jeugd veel wandelen in dit gebied en wanneer hij zocht naar een pseudoniem als auteur was de keuze voor Willem Elsschot snel gemaakt. Vandaag kennen we Willem Elsschot als één van de meest gevierde auteurs in de Belgische literatuur. 


De terugweg
Na zo'n negen kilometer zeg ik Helschot vaarwel en gaat het opnieuw richting Hertberg. Wat ik hier te zien krijg is ongeveer hetzelfde als wat ik eerder zag. Opvallend is wel dat er hier kleine heuveltjes zijn op een ander biljartvlak parcours. Dit zijn ijzerzandsteenheuvels die ontstaan zijn toen hier enkele miljoenen jaren geleden de Diestiaanzee was. Veel hoogteverschil moet je echter niet verwachten want het gaat van negentien meter hoog naar vijfendertig. Alpijnse toestanden zijn dit dus niet. 


Het slot brengt me terug naar het Varenbroek en deze keer volg ik een pad langs de Rode Laak. De modder die ik hier aantref moet zeker niet onderdoen voor de modder van Helschot en er zijn zelfs een paar stroken bij waar ik goed moet opletten waar ik mijn voeten plaats. Er is zelfs een houten pad gebouwd om de voeten droog te houden en daar maak ik dan ook dankbaar gebruik van. Het laatste stuk gaat over enkele verharde wegen om terug naar de startplek te gaan.


Conclusie
In vergelijking met de wandelroute van gisteren heeft deze wandeling minder bezienswaardigheden, maar biedt het wel meer natuur. Dit is een wandeling waar je voornamelijk door bossen stapt met enkele andere landschappen zoals ruigte en open graslanden. De passages langs Varenbroek en Helsschot vind ik voltreffers, terwijl Hertberg minder op mijn enthousiasme kan rekenen omdat het eerder monotoon is. Een mooie wandeling als je de bosrijke Kempen wil ontdekken. 


De route vind je terug op deze link.

zaterdag 21 maart 2020

Wandelen in Vlaanderen: Molse meren

Het Coronavirus houdt België, Europa en zelfs de hele wereld in zijn greep en zelfs de meest evidente zaken zoals wandelen zijn plots niet meer zo evident om te doen. Om even te ontkomen aan mijn rol als kluizenaar ging ik alleen op stap in Mol waar ik wandelde langs verscheidene meren. 

Meer zonder naam
Het startpunt van deze wandeling brengt me vlak bij een onbenoemd Mols meer waar het op deze zaterdag behoorlijk hard waait. De prille lentezon wordt overschaduwd door de strakke wind en ik besluit dan maar om toch een jas aan te doen. Een keuze die ik me zeker niet beklaag. Op het meer zwemmen een aantal vogels rond en het is een mooi moment om mijn fototoestel boven te halen. Het meer wordt vergezeld door bos en de eerste kilometers loop ik via dit bos langs de oevers. Het water is verrassend zuiver en het kenmerkende witte zand zie ik hier en daar opduiken. 


Na ongeveer 2,5 kilometer stuit ik op de eerste bijzonderheid van deze wandeling. De Belgische firma Sibelco baat namelijk een zandgroeve uit waar het kwartszand haalt uit Molse bodem. Hoewel het winningsgebied in principe niet toegankelijk is, kruip ik over de aangelegde natuurmuur om een kijkje te nemen. Ik maak een panoramafoto, maar ik ga daarna terug naar beneden om op het juiste pad te blijven, letterlijk en figuurlijk. Aan de linkerkant bevindt zich het Quartz Experience Center, een educatief centrum opgericht door Sibelco dat vrij toegankelijk is. 


Kanaal
Hoewel de Molse meren het centrale thema vormen voor deze wandeling, vind ik na vier kilometer een andere waterweg. Hier is namelijk het kanaal Bocholt-Herentals dat het nabijgelegen natuurgebied De Maat een nieuwe levensader aanbood. De droge Kempengrond kreeg via dit kanaal namelijk mineraalrijk water uit de Maas en deze combinatie ontpopte zich tot een voedzame bodem waardoor de schrale heide transformeerde tot weelderige weilanden. 


De passage langs De Maat is niet erg lang, maar is misschien wel het mooiste stukje van deze wandeling. Er is een relatief grote diversiteit aan planten en in de nabij gelegen meren zie je een heleboel watervogels die hun eigen ding doen. Het is enorm ontspannen om langs dit stukje Molse natuur te wandelen. 


Zilvermeerhaven
Met zoveel water in de buurt is het geen verrassing dat er een kleine haven is voor plezierboten. Deze boten kunnen via deze weg langs verscheidene kanalen varen. Om te wandelen is dit helaas minder leuk, want ik loop ruim een kilometer langs een drukke weg. Opvallend is dat ik plots een verlaten golfkarretje zie wat vlakbij het water staat. Is het onlangs gebruikt of niet? Wat staat het hier te doen? Twee vragen die door mijn hoofd vliegen, maar waar ik geen antwoord op kan bieden. 


Vanaf kilometer 7,5 bevindt er zich een lang recht pad dat naar het recreatiedomein van het Zilvermeer gaat. Je kan hier vlak naast het meer lopen of langs een dreef. Helaas heb ik de verkeerde keuze gemaakt en stap ik langs de dreef waardoor ik het zicht van Noorse fjordenpaarden bijna moet missen. In Mol wordt er namelijk gebruik gemaakt van Noorse fjordenpaarden om graslanden en heide op een natuurlijke wijze te begrazen. Deze paarden bevinden zich aan de andere kant van het meer en kom ik dus op deze wandeling niet tegen. 


Camping en domein
Bij mijn passage in deze dreef wandel ik de hele tijd langs de camping van het Zilvermeer en die is best wel groot te noemen. De natuur in deze omgeving is prachtig en ik begrijp heel goed waarom veel mensen naar hier komen om van deze natuur te genieten. Natuur maakt echter langzaam, maar zeker plaats voor menselijke bebouwingen wanneer ik bij het recreatiedomein van het Zilvermeer kom. De heide en bomen hebben nu definitief plaatsgemaakt voor vakantiehuisjes en wit zand. 


Het wordt duidelijker dat het hier drukker is, want waar ik op deze wandeling af en toe mensen ontmoette, is dat hier veel meer het geval. Gezinnen trekken er samen op uit en een eenzame jogger haspelt een zanderig parcours af langs het meer. Ik zie hier eveneens enkele watervogels waaronder een troep ganzen van relatief dichtbij en dat is een mooi moment om de zoommogelijkheden van mijn fototoestel te ontdekken. 


Conclusie
Dit is een relatief korte wandeling die het mooiste van de Kempen laat zien. Het zuivere water van de meren is een verademing ten opzichte van de vele vervuilde beken die je in Vlaanderen aantreft en het natuurgebied De Maat is op een zonnige lentedag een bron van leven en diversiteit. Daartussen is er nog de zandgroeve van Sibelco en zoiets zie je ook niet elke dag. Deze route is ongeveer tien kilometer lang, maar er bestaan ook langere alternatieven die langs nog meer meren gaan. 


De route vind je terug op deze link. 

  

zondag 8 maart 2020

Modemuseum Hasselt

Dubbelchecken is soms een noodzakelijk kwaad. Tot die constatatie kwam ik wanneer ik een bezoek wilde brengen aan Z33, een museum in Hasselt. Op de website van Museumpas staat duidelijk dat dit museum 's zondags opent vanaf elf uur, maar toen ik klokslag elf uur aan de ingang stond, zag ik enkel een gesloten deur. Bij een tweede opzoeking blijkt dat Z33 deze zondag pas vanaf twee uur in de namiddag open is. Om toch niet onverrichter zake naar huis te keren bracht ik een bezoek aan het Modemuseum. 


Prachtige inrichting
Het Modemuseum in Hasselt is gehuisvest in een groot, historisch pand en kosten noch moeite zijn gespaard om de inrichting op te fleuren. De ruimtes zijn voorzien met grote foto's op de muur die naadloos overgaan in het interieur, achtergrondmuziek en vast tapijt dat wonderwel past bij het thema van natuur. Het museum bevat hoofdzakelijk jurken in diverse soorten en maten en die worden vrij minimalistisch tentoongesteld. Enkel met behulp van een paar aanwezige spots kan je de kledij bekijken en dat maakt de tentoongestelde kledij toch moeilijk om te bezichtigen. De aanwezige plakkaten die extra uitleg verschaffen zijn eveneens amper leesbaar en dat is toch jammer. 


Ik heb niks met mode en het is dan ook geen verrassing dat ik op minder dan een uur terug buiten ben. Dat wil niet zeggen dat het Modemuseum slecht is - integendeel - maar het thema van het museum spreekt me simpelweg niet aan. Dat is iets waar je best rekening mee houdt wanneer je dit museum bezoekt. De collectie bestaat dus voornamelijk uit jurken en in het bijzonder  jurken die haute-couture zijn. Je ziet er ontwerpen van mode-iconen zoals Christian Dior, maar ook Belgische modeontwerpers zoals Dries Van Nooten, Ann Demeulemeester en Raf Simons. 


Moderne techniek
Je krijgt geen extra brochure met wat uitleg en dat maakt het informatieve aspect van dit museum onvoldoende. Het Modemuseum beweert namelijk dat het een geschiedenis van de mode presenteert, maar dat laat te wensen over. Het visuele aspect van de knappe jurken (en soms andere kledij) wordt vooral benadrukt en hier en daar vind je wat extra uitleg zoals over de Charlestonjurk in de roaring twenties van de vorige eeuw. 


Een ander gedeelte van het museum gaat over het gebruik van technologie voor het vervaardigen van kledij. Waar vroeger alles met de hand werd gemaakt, bracht de introductie van de naaimachine en later nog modernere technologie hier verandering in. Er wordt ook aandacht besteed aan 3D printing en lasertechnologie dat de precisie van de ambachtelijke kunst naar de kroon steekt. 


Op de zolderverdieping vind je een video over hoe een ontwerpstudio en modehuis samenwerken om een nieuwe jurk te vervaardigen en dat vind ik persoonlijk nog vrij interessant. Er is ook een kleine ruimte voorzien om zelf aan de slag te gaan en om je eigen creatie te breien. Gezien mijn twee linkerhanden ben ik hier niet aan begonnen... 


Conclusie
Als je geïnteresseerd bent in mode, is het Modemuseum in Hasselt zeker een aanrader. Het biedt een mooie collectie van verscheidene jurken en staat ook stil bij technologie. Wanneer die interesse niet aanwezig is, is het Modemuseum een saaie verzameling van textiel.     




zaterdag 7 maart 2020

Wandelen in Vlaanderen: Rondom de Vlooybergtoren

De Vlooybergtoren is een stukje Vlaams cultureel patrimonium in Tielt-Winge. Deze uitkijktoren in de vorm van een trap is één van de meest markante trekpleisters die je kan bezichtigen in het Hageland. En het Hageland leent er zich uitstekend toe om te wandelen. 

Tegenvaller
Hoewel het Hageland een mooie streek is om te wandelen met haar talrijke wijngaarden, mooie heuvels en het prachtige Walenbos, is deze wandeling uitgegroeid tot een stevige tegenvaller. Deze wandeling gaat voornamelijk via verharde wegen en enkele drukke wegen zoals de Staatsbaan en ook het bandengekletter van de E314 is soms duidelijk te horen. Een meevaller bij deze tegenvaller is dan weer dat er zoveel regen is gevallen de laatste weken dat wandelen door het bos gegarandeerd een modderparcours opleverde. 


Deze wandeling begint bij de Oudepastoriestraat waar iets hoger de Vlooybergtoren staat te pronken. Ik kies echter voor de andere kant en de eerste kilometer wandel ik langs kleine, verharde wegen vooraleer ik een klein strookje bos tegenkom. Hier maak ik kennis met de vele neerslag die er onlangs is gevallen en enkele bospaadjes zijn veranderd in modderpoelen. Er is zelfs één grote plas waar geen ontkomen aan is en met tippende tenen trap ik door de plas, maar natte voeten zijn toch mijn deel. 


Opflakkering
Op ongeveer vijf kilometer worden de verharde wegen verruild voor een kleine klim naar boven via de Ossebergstraat. Hoewel de straat zelf ook verhard is, vind je hier toch nog wat natuur met vlak naast de straat een klein bos en een aantal hoeves. De Ossebergstraat is overigens vrij smal waardoor er amper verkeer is. Dat geldt voor de wandeling zelf eigenlijk ook. Hoewel ruim drievierde van de wandeling langs verharde wegen gaat, is het meestal opvallend rustig op deze zonnige zaterdag. 


Anderzijds is natuur ver te zoeken bij deze wegen en gelukkig heb ik mijn Panasonic Lumix FZ82 bij om een kleine fotosafari te doen. Zo wordt deze wandeling een combinatie van straat- en natuurfotografie. Op het ene moment neem ik een macrofoto van bloemen die in bloei staan en waar bijen zoeken naar nectar. Het andere moment doe ik een rondje urbex met een verlaten molen als fotoruimte. Ook enkele appelboomgaarden zijn goed voor een aantal fotostops. 


Vlooybergtoren
Het volgende hoogtepunt - en dat mag je letterlijk nemen - is de Vlooybergtoren. die op één van de hoogste heuvels in de buurt is gebouwd. Dit kunstwerk was in 2018 bijna volledig afgebrand na een vandalenstreek, maar is sindsdien opnieuw hersteld. De toren is slechts elf meter hoog, maar biedt toch een mooi overzicht van de streek aangezien het op de top van de Vlooiberg staat die zo'n tachtig meter hoog is. De Wikipedia-pagina leert mij dat bij helder weer de koeltorens van Vilvoorde en de schachtbok van de Beringse steenkoolmijn te zien is. 


De laatste halve kilometer gaat het weer terug naar beneden en arriveer ik bij de Oudepastoriestraat waar mijn auto is geparkeerd. 


Conclusie
De Vlooybergtoren is een prachtig staaltje van architectuur en zeker het bezoeken waard. Het biedt bovendien een mooi panorama over de omgeving. De wandeling zelf is echter een tegenvaller met voornamelijk verharde wegen, hoewel die opvallend rustig zijn. Het Hageland heeft tal van betere wandelingen te bieden dan dit. 

De route vind je terug op deze link.

zondag 23 februari 2020

Taxandriamuseum

Taxandria is de naam die de Romeinen hebben toegedicht aan de Kempen en dit museum vertelt het verhaal van de geschiedenis van deze streek en Turnhout in het bijzonder. Het Taxandriamuseum kent geen vast thema, maar gebruikt Turnhout als rode draad om diverse dingen te presenteren aan de bezoeker: van gereedschap uit het stenen tijdperk tot het leven in een internaat in de twintigste eeuw. 


Klein kasteeltje
Het Taxandriamuseum is gehuisvest in een klein kasteeltje dat dienst deed als buitenverblijf van vooraanstaande adelijke vrouwen en het is geen verrassing dat het museum opent met deze noblesse. Deze vrouwen van Turnhout drukten hun stempel op de ontwikkeling van Turnhout en het kasteeltje en zo leert de bezoeker ook dat de Nederlandse koning Willem-Alexander zich Heer van Turnhout mag noemen. Er is ook een kleine maquette aanwezig die een indruk geeft hoe Turnhout in de middeleeuwen eruit zag. Frappant is dat Turnhout van keizer Karel het aanbod kreeg om stadsomwallingen te bouwen, maar dit afsloeg. Turnhout heeft als stad daardoor steeds een open karakter gekend, hoewel het ook verscheidene keren bezet is geweest door toenmalige buitenlandse mogendheden. 


Op het gelijkvloers is er eveneens een kamer ingericht dat in het teken staat van de jacht. Dat interesseert me persoonlijk minder, hoewel het hert een centrale plaats inneemt in de geschiedenis van Turnhout. In elke kamer is er ook een telefoon van Radio Taxandria voorzien dat telkens een ander verhaal vertelt. In de jachtkamer is dat bijvoorbeeld van hoe een hert wordt opgejaagd. Het museum is bovendien meer interactief dan ik dacht en op het gelijkvloers is er ook een groot scherm dat de meest bijzondere wapenfeiten van Turnhout uit de doeken doet. 


Héél lang geleden
De eerste verdieping biedt meer informatie over archeologie en vondsten uit het neolithicum en zelfs vroeger. Bij het verwerken van turfgronden stootten boeren in de negentiende en twintigste eeuw op diverse objecten en dat bleken stenen wapens en gereedschap te zijn enkele eeuwen voor het begin van onze tijdrekening zoals urnen, pijlpunten en dolken. Er is ook een klein kamertje gebouwd waar archeologie centraal staat. Persoonlijk vind ik dit het meest interessante onderwerp van het museum, maar het dient gezegd te worden dat dit weinig meer met Turnhout te maken heeft buiten de vindplek van deze voorwerpen. 


Er is ook een kleine schatkamer op de eerste verdieping met tal van kunstvoorwerpen zoals schilderijen, vazen, meubilair en anderen. Het is allemaal bij elkaar  gehokt waardoor het een behoorlijk chaotische indruk geeft. De andere kamer illustreert het verhaal van stad zonder muren, maar helaas werkte de telefoon van Radio Taxandria hier niet waardoor ik het verhaal van de torenwachter niet kon beluisteren. De volgende kamer maakte dat onverwacht goed, want het thema van internaat en andere 'kolonies' in de Kempen vond ik best interessant. Zo leerde ik dat het jonge België vanaf 1860 de Kempen wilde 'koloniseren', maar daar eigenlijk niet in slaagde. Andere 'kolonies' in de Kempen waren verscheidene nederzettingen zoals gevangenissen en scholen en daar geeft de laatste kamer op de eerste verdieping meer informatie over. 


Kant en klaar
De zolderverdieping heb ik vrij snel bekeken en handelt over Turnhout als centrum voor de vervaardiging van kantwerk. Hoewel Brugge hier wereldbekend is mee geworden, moet Turnhout - volgens het Taxandriamuseum - hier niet onder voor doen. Er wordt veel aandacht geschonken aan de rol van de vrouw, want veel kantwerksters werden eigenlijk sociaal uitgebuit en moesten voor een hongerloon twaalf uur of langer per dag werken. 


Begin twintigste eeuw waren er ook zes scholen waar men het vervaardigen van kant leerde aan jonge meisjes tot twintig jaar. Veel meer dan dat werd er wel niet geleerd... Dit vond ik minder interessant om te bekijken, ook omdat het licht hier maar spaarzaam aanwezig was en de ramen goed verduisterd.  


Conclusie
Om dit museum te appreciëren, moet je enigszins geïnteresseerd zijn in de geschiedenis van de Kempen, want anders komt de collectie van het Taxandriamuseum rommelig over. Als die voorwaarde is vervuld, kan je gemakkelijk twee uur ronddwalen in dit museum en leer je nieuwe dingen die zelfs doorgewinterde Turnhoutenaars niet weten. 


zondag 16 februari 2020

Wandelen in Vlaanderen: grenswandeling in de Dommelvallei

In januari ben ik op vakantie geweest naar Antarctica en sindsdien was het toch weer drie weken geleden dat ik de benen gestrekt had voor een wandeling. Een leuke wandeling om de beenspieren terug in te werken was volgens mij de grenswandeling in de Dommelvallei die ik gevonden heb op de website van originelewandelingen.be. Deze wandeling is ongeveer twintig kilometer lang en gaat door het natuurgebied van Het Hageven in België en Plateaux in Nederland. Samen is dit goed voor ruim zeshonderd hectare wandelplezier. 


Vogels spotten
Het bezoekerscentrum De Wulp vormt het startpunt voor deze wandeling en toen ik er omstreeks tien uur arriveerde was de parking gevuld met een paar auto's. Toen ik een aantal uren later terugkwam, was de parking volledig volzet. Het moge wel duidelijk zijn dat dit een populair wandelgebied is. De voornaamste reden waarom deze plek zo enthousiast bezocht wordt, is de aanwezigheid van venen en plassen waar veel vogels verblijven. Na amper een kilometer trof ik een eerste vogelkijkhut aan waarin verschillende afbeeldingen van vogels stonden die je in de buurt kan vinden. Ook de fotogenieke ijsvogel zit hier en ik heb een glimp kunnen opvangen wanneer deze gevleugelde visser in het water dook. 


De eerste kilometers word je als wandelaar voornamelijk omgeven door venen, plassen en duinen en af en toe een strookje bos. Het is een omgeving die je in Vlaanderen niet vaak aantreft en daarom zeker gekoesterd moet worden. Zeker omdat hier ook een grote biodiversiteit zit bij zowel planten als dieren. Tijdens deze zachte winterdag zag ik verscheidene watervogels zoals reigers, eenden, watersnippen, futen en ganzen. Dit is dus met andere woorden een ideale locatie om vogels te spotten. Vorige week heb ik een nieuwe camera gekocht, de Panasonic Lumix DC-FZ82. Dit is een superzoom die tot zestig keer kan inzoomen en daar heb ik dankbaar gebruik van gemaakt om enkele watervogels op gevoelige plaat te leggen. 


Langs de Dommel
Even later is er ook een tweede vogelkijkhut die als een kleine toren is gebouwd. Hier heeft men een beter overzicht van de omgeving en het is mogelijk om in alle richtingen te kijken. De vogels zitten echter wel heel erg ver weg, maar anderzijds worden ze op deze manier ook niet gestoord. Dan volgt naar mijn mening het mooiste deel van deze wandeling en is het een oase van rust als ik door venen, heide, duinen, turfgebied en bossen wandel. Er zijn wel een heleboel andere wandelaars, maar dat stoort de rust geenszins. In dit gebied zijn er ook enkele grote grenspalen aanwezig die verraden dat je de grens oversteekt naar Nederland.  


In Nederland ga ik eerst via enkele verharde wegen, maar al gauw wordt koers gezet richting Dommel die al kronkelend deze wandeling opfleurt. Op dit stuk zijn er heel wat graslanden die afgescheiden worden door prikkeldraad. Dat betekent dat er redelijk veel opstapjes gedaan moeten worden om over deze prikkeldraad te stappen. Niet erg handig, maar wel begrijpelijk aangezien koeien en paarden niet zomaar los kunnen rondlopen. Op deze zaterdag zijn er ook veel (jongere) kajakkers die hun kunsten etaleren op de Dommel. Een bruggetje aan de Peedijk vormt een keerpunt van deze wandeling en daar zijn toch redelijk wat ouders die hun kinderen hier afzetten om te kajakken. 


Wat saaier
De laatste acht kilometer van deze wandeling is helaas een stuk minder geslaagd en gaat voornamelijk over trage wegen, velden, akkers en bossen. Volgens de beschrijving op originelewandelingen.be lijkt de tijd hier stil te staan, maar de waarheid is dat ik dit soort beelden al meerdere keren op mijn wandelweg ben tegengekomen: in de Ardennen, maar ook in de West-Vlaamse duinen. Hoewel het hier rustig toeven is, is deze omgeving niet de reden waarom je in de Dommelvallei wil gaan wandelen. 


Bij het laatste deel wordt terug een lus gemaakt, maar voor het zo ver is, komt er nog een avontuurlijk tintje aan deze wandeling. In dit stuk wordt er namelijk gebruik gemaakt van een ietwat verlaten pad wat niet vaak wordt bewandeld en dan is het goed zoeken naar de juiste weg door het hoge riet. Net wanneer ik denk om de lus te kunnen vervolledigen, is er een gracht met water die daar een stokje voor steekt. Er zit dan niks anders op om over de gracht te springen, maar voorzichtigheid is toch wel geboden hier. De laatste anderhalve kilometer gebruik ik dezelfde weg als vier uur geleden toen ik diezelfde wandeling begon. 


Conclusie
Het natuurgebied van Het Hageven en Plateaux heeft me aangenaam verrast en is een paradijs voor vogelspotters en weet te imponeren met zijn prachtige venen en heide. Het is dan ook geen verrassing dat hier veel wandelaars komen, want dit is een erg mooi gebied om te wandelen. Deze wandeling was echter te lang aangezien na kilometer twaalf het saaier stappen was over voornamelijk velden, bossen en akkers. Toch is dit een aanrader om te doen, hoewel ik de wandeling zou beperken rondom het vengebied. 

De route heb ik gedownload op Wikiloc.