Donderdag 15 januari
Uitbolmodus. Dat is mijn modus operandi voor de zelfuitgeroepen excursiekampioen. Op andere reizen ben ik er steeds als de kippen bij om optionele excursies te doen. Waarom? Omdat ik op deze bestemmingen maar één keer kom. Dus dan doe ik met veel plezier die dure helikoptervlucht, een spannend raftingtochtje of die iconische mountainbiketour. In Sri Lanka ben ik echter de - letterlijke - achterblijver. Opnieuw is er vandaag een excursie waar ik als enige verstek voor geef. Wanneer het koude winterweer België overheerst, wil ik maximaal profiteren van de Sri Lankaanse zon die hier wel erg hard brandt.
Uitbolmodus. Dat is mijn modus operandi voor de zelfuitgeroepen excursiekampioen. Op andere reizen ben ik er steeds als de kippen bij om optionele excursies te doen. Waarom? Omdat ik op deze bestemmingen maar één keer kom. Dus dan doe ik met veel plezier die dure helikoptervlucht, een spannend raftingtochtje of die iconische mountainbiketour. In Sri Lanka ben ik echter de - letterlijke - achterblijver. Opnieuw is er vandaag een excursie waar ik als enige verstek voor geef. Wanneer het koude winterweer België overheerst, wil ik maximaal profiteren van de Sri Lankaanse zon die hier wel erg hard brandt.
Mijn doelstelling is om ergens te snorkelen, maar één blik op het water maakt me duidelijk dat ik deze plannen mag laten varen. Verkopers willen me ook laten varen, om te snorkelen uiteraard. Het troebele water en dode koraalriffen ontraden dit echter. Ik beperk me tot zwemmen in de zee die bij het hotel verrassend klein blijkt te zijn. Een veiligheidszone is vastgelegd met touwen en iedereen moet in deze zone blijven. Iedereen blijkt een hele hoop mensen te zijn. Ik moet steeds opletten dat ik niet tegen iemand anders bots. Omgekeerd gebeurt dat minder. Regelmatig voel ik een schampende arm of been van een andere toerist. Ontspannen zit er dus niet echt in bij deze drukte.
Bij het verlaten van de zee ontdek ik echter iets veel erger. Ik ben zo rood als een kreeft. Ik had me niet ingesmeerd met zonnecrème met als resultaat dat mijn hoofd, nek en schouders nu verbrand zijn. Niet slim dus... In de namiddag zoek ik de schaduw op van het balkon van mijn hotelkamer. De Aanslag van Harry Mulisch heb ik als nieuwe lectuur op mijn e-reader gedownload. De zin voor proza staat bij mij echter op een laag pitje en ik sla de Knack open die nu al twee weken meesleur in mijn koffer. De artikels in dit tijdschrift zijn kort en lees ik op een tiental minuten. Ik spendeer echter meer tijd aan het mijmeren over de terugkeer naar België en wat deze vakantie me gebracht heeft.
Het is voor mij een atypische vakantie geworden. Op mijn reizen ben ik vrij actief, in Sri Lanka ben ik echter de meest inactieve. Minder excursies, meer relaxen. Waar dat in Trincomalee onverwacht een grote meevaller is geworden, is dat hier eerder een gevalletje van uren aftellen. Sri Lanka roept dus gemengde gevoelens bij me op. Het is waarlijk een prachtig land dat je zeker moet bezoeken als je de kans krijgt. De invulling van de reis laat hier en daar toch wel een paar steken vallen. Het overtuigt me om later dit jaar zelf op reis te gaan, solo. Als het dan tegenvalt, is het tenminste mijn eigen, dikke schuld.
In mijn hoofd smeed ik al plannen voor Japan totdat ik bij de cultuurbijlage van de Knack kom. Juist, ik ben nog aan het lezen dus! Fysiek ben ik nog in Hikkaduwa, maar mentaal waan ik me al terug in de Belgische vrieskou. Het inpakken van mijn koffer is de ultieme manifestatie van deze overgangsfase van vakantiesfeer naar bittere realiteit. Een laatste avondmaal in dit badplaatsje is wat er me nog rest in dit tropische paradijs voor ik morgen terugvlieg.
Vrijdag 16 januari en zaterdag 17 januari
In aparte busjes worden we vandaag naar de nationale luchthaven gebracht omdat iedereen een andere vlucht heeft. Ik vertrek om één uur 's middags. Ik krijg dus nog de kans om een halve dag te relaxen, maar het wordt uitslapen en een uitgebreid ontbijt. Iets wat ik enkel in Hikkaduwa heb kunnen doen. Niet louter uit keuze, want er valt helaas weinig te beleven bij deze kustplaats. Dus wordt dit weer het beproefde recept van lezen en inpakken. Een succesformule die ik gisteren ook al heb toegepast.
Na het afscheid van de reisgenoten arriveer ik om 15u aan de luchthaven. De ideale kans om mijn laatste rupees op te doen. Nou, dat is buiten de luchthaven gerekend waarin ze enkel dollars aanvaarden en dus niet hun eigen munteenheid. Op dat vlak mogen ze in Sri Lanka toch wel wat chauvinistischer zijn... De vlucht naar Doha in Qatar verloopt zonder enige problemen. Ik land om tien uur 's avonds en ik mag mezelf nog vier uur entertainen totdat ik de volgende vlucht naar Brussel kan nemen. Half slaapdronken wandel ik door de gigantische luchthaven waar de prachtige botanische tuin mijn enige reden is om niet in slaap te vallen. Dat en de cappuccino die ik hier gedronken heb. Ik heb er wel mijn nier voor moeten verkopen om het te kunnen betalen, maar ik ben nog steeds wakker!
De laatste vlucht naar Brussel duurt wat langer, maar ik mag wel plaatsnemen in een moderne Dreamliner. Het is een plezier om in dit toestel mee te vliegen en de uren vliegen dan ook voorbij. De klok slaat zeven uur 's ochtends lokale tijd wanneer ik in Zaventem land. Ik kijk door het raam. Mijn ogen ontmoeten een grauwe hemel waar wolken het onophoudelijk laten regenen in een koude die net de vriestemperatuur overstijgt. De realiteit op zijn meest Belgisch.