zaterdag 15 april 2023

De Müllerthal Trail in Luxemburg

Het wandeltoerisme in het Groot-Hertogdom Luxemburg kende een dip bij het begin van de 21ste eeuw en daarom werden verschillende initiatieven opgericht om dit effect om te buigen. Trails zoals de Eislek Trail, Lee Trail en vooral de Müllerthal Trail werden boven het doopvont gehouden om het wandeltoerisme nieuw leven in te blazen. Van dit trio spreekt de Müllerthal Trail wellicht het meest tot de verbeelding dankzij de regio van Klein-Zwitserland. Deze regio dankt zijn naam aan de mooie rotsformaties en pittoreske landschappen die doen denken aan de Zwitserse Alpen, maar dan in miniformaat. En meer reden heb ik als wandelliefhebber niet nodig om af te zakken naar de omgeving van Echternach en aanpalende dorpjes.

In een verlengd Paasweekend heb ik routes één en drie gewandeld van de Müllerthal Trail die netjes zijn opgedeeld in twee dagen. De trail zelf bestaat uit drie lussen, maar de tweede lus heb ik twee jaar eerder gewandeld op één dag. Nu vertoon ik dus minder ambities en doe ik twee dagen erover om een lus te voltooien. Elke lus is ongeveer 36 kilometer lang die ik dus braaf in twee delen heb gekapt. Bij lus één overnachtte ik in Echternach, terwijl bij lus drie ik overnachtte in Beaufort. 

Transport
  • In tegenstelling tot de Eislek Trail wordt de omgeving van Klein-Zwitserland niet bediend door treinverkeer. In plaats daarvan ben je aangewezen op een uitgebreid netwerk van bussen. Op de officiële site vind je deze pagina waarop een planner staat alsook enkele tips hoe je vanuit Trier en Luxemburg-Stad tot in Echternach geraakt.
  • Je vindt ook een planner van het openbaar vervoer op deze pagina waar je de dienstregeling van de bussen vindt per dorp. Handig als je een route wil doen en later wil terugkeren naar de plaats waar je vertrokken bent. 
  • Daarnaast is er ook Google Maps waar je verbindingen van het openbaar vervoer terugvindt, hoewel ik dit persoonlijk enkel zou gebruiken als laatste redmiddel. Uit ervaring weet ik namelijk dat dit niet altijd even betrouwbaar is. 
  • Het openbaar vervoer in Luxemburg is gratis waardoor het perfect mogelijk is om een etappe te wandelen en vervolgens weer de bus terug te nemen van waar je vertrokken bent. 
Overnachtingen
  • Le Pavillon in Echternach: 98 euro exclusief ontbijt wat 12 euro kostte, een klein hotel met restaurant in het centrum van Echternach. De kamer is klein, maar geriefelijk en ligt zo goed als op de onmiddellijke route van de Müllerthal Trail. 
  • Simon's Plaza in Grevenmacher: 104 euro, exclusief ontbijt wat 20 euro kostte, dit is een wat groter hotel dat op een wat gezichtsloze plek ligt, maar zich wel in de onmiddellijke nabijheid van Trier en Echternach bevindt. Hier beschikte ik over een grote kamer met best veel faciliteiten en het was dan ook mijn favoriete overnachting. Een aanrader als je niet vlakbij de Müllerthal Trail moet zijn.
  • Hotel Meyer in Beaufort: 140 euro inclusief ontbijt, verreweg het duurste hotel van het trio overnachtingen, maar keuzes zijn sowieso beperkt in kleine dorpjes zoals Beaufort. Mijn kamer was ietwat verouderd (bv. geen box spring als bed), maar wel piekfijn in orde. Het hotel bevindt zich op één kilometer van route één. 
  • Net zoals bij de Eislek Trail zijn hotels hier wat duurder omdat de vraag nu eenmaal groot is en het aanbod wat beperkter. Op de officiële site vind je een lijst van hotels waar je kan overnachten. Voordeel is dat deze hotels ook extra diensten aanbieden zoals je ophalen of wegbrengen of kunnen ze je voorzien van een lunchpakket. 
  • Als je op zoek bent naar budgetvriendelijkere alternatieven vind je op de officiële site ook een overzicht van B&B's, campings en jeugdherbergen
Praktische zaken en weetjes
  • De Müllerthal Trail bestaat dus uit drie lussen die toepasselijk lus één, twee en drie zijn gedoopt. Lus één gaat via Echternach naar Moersdorf en terug vlakbij de Duitse grens. Lus twee loopt door het hart van Klein-Zwitserland en start eveneens in Echternach. Lus twee loopt door Müllerthal en gaat vervolgens terug naar Echternach. Dit wordt ook wel de koninginnenroute van de trail genoemd omwille van de vele, spectaculaire kloven op de wandeling. Lus drie loopt van Beaufort via Larochette terug naar Beaufort. Lus drie wordt beschouwd als de meest diverse van de drie lussen. 
  • Routes één en twee ontmoeten elkaar in Echternach, terwijl routes twee en drie elkaar ontmoeten in Müllerthal. Je kan een lus dus stappen als dagetappe of de gehele route combineren in één keer. 
  • Op de kleine dorpjes zal je af en toe eens een café aantreffen, maar supermarkten vind je enkel bij de grotere plaatsen. In Echternach heb je een Cactus of Match 1 waar je inkopen kan doen, terwijl je in Beaufort en Larochette een Proxy Delhaize vindt. Vergewis je er dus van dat je voldoende proviand meeneemt als je een meerdaagse trekking doet, want in de kleinere dorpjes ga je helaas niet veel vinden. 
  • De officiële site bevat een schat aan informatie waar je bijna alles vindt wat je moet weten. Eentje die wel erg nuttig is, is de pagina waar je kan parkeren om zo een nodeloze zoektocht naar een parkeerplaats te vermijden. 
  • Sowieso is het aangeraden om de officiële site - en meer specifiek deze pagina - te raadplegen over de actuele toestand van de trail. Soms is het namelijk mogelijk (vooral in de herfst en winter) dat er stukken zijn afgesloten wegens houtkapactiviteiten of jacht. 
  • Er bestaat ook een dienst om je bagage naar verschillende punten te brengen, maar enkel vanaf de lente. Meer info vind je op deze link. 
  • Naast de drie officiële lussen zijn er ook de zogenaamde extra tours. Dit zijn vier extra lussen:
    • Extra Tour A: is 23 km lang en verkent de omgeving van Medernach
    • Extra Tour B: is bijna 13 km lang en ligt in het verlengde van route 3 waar in de omgeving van Beaufort wordt gewandeld
    • Extra Tour C: deze wandeling verbindt de dorpen Bech en Altrier met de trail en is slechts negen kilometer lang
    • Extra Tour D: dit is een bijna volwaardige lus van ruim 31 km en vertrekt bij het kasteel van Bourglinster om de omgeving van Grünewald te bezoeken. Houd er wel rekening mee dat deze lussen gemeenschappelijke delen hebben met routes één, twee of drie.
  • Bij elke wandeling op de officiële site vind je ook de GPX-bestanden die je kan opladen in een app (Routeyou, Komoot, Wikiloc, AllTrails, ...) om zo via je telefoon de route te volgen. 
  • Als je besluit om een route in twee delen te kappen en wil overnachten, is het aangeraden om halfweg de route te vertrekken en om bij een grotere plaats te overnachten. Zo vertrok ik bij route 1 in Moersdorf en overnachtte ik in Echternach. Bij route 3 vertrok ik in Heffingen en overnachtte ik in Beaufort (wat wel een iets langere route was van 24 km).  
  • Net zoals de Eislek Trail en sinds kort ook het NP Hoge Kempen beschikt de Müllerthal Trail over een label van Leading Quality Trail waar het aan een aantal voorwaarden moet voldoen zoals een minimaal percentage natuurlijke paden, om de zoveel kilometer een bezienswaardigheid, enzovoort. Dit mag gezien worden als een marketingbabbel, maar bij de Müllerthal Trail correspondeert het beloofde met wat er ook daadwerkelijk geboden wordt. 
GPX-routes
Hoewel ik het aanraad om de GPX-routes van de officiële site te halen, zet ik ze hier op als je een gelijkaardige route wil doen. Routes één en drie heb ik dus in twee delen gekapt en in twee dagen gewandeld. Dag één met de wijzers van de klok mee waar ik vertrok uit Moersdorf en stopte in Echternach om te overnachten. Bij route 3 vervolgde ik de weg tegenwijzerzin en vertrok ik uit Heffingen en overnachtte ik in Beaufort. Route 2 heb ik twee jaar geleden als dagwandeling in één keer uitgewandeld. Route 3 bestaat uit drie bestanden omdat bij het opnemen van deze route mijn app stopte in Müllerthal omdat de route die ik volgde daar ook stopte. In werkelijkheid ben ik echter in één keer van Heffingen naar Beaufort gegaan. 
Verslag route 1: Moersdorf - Echternach (vrijdag 7 april 2023)

Van

Moersdorf

Naar

Echternach

Afstand

18,6 km

Meters stijgend

400

Meters dalend

390

Wandeltijd

3u32


Het Paasweekend van 2023 staat voor mij in het teken van de Müllerthal Trail waar ik route één en drie afhaspel gedurende vier dagen. Twee jaar geleden legde ik route 2 op één dag af, maar nu ben ik minder ambitieus en is elke route opgedeeld in twee dagen. Beginnen doe ik met route één waar ik van Moersdorf naar Echternach stap met de wijzers van de klok mee. 

Het dorpje Moersdorf ligt ongeveer op het midden van route één en is daarom een ideale plek om deze wandelroute te beginnen wanneer je die in twee dagen doet. Het plaatsje is niet erg groot en enkel bij het kerkje is er een (betalende) parking. Op de hoofdstraat zijn er echter meer dan genoeg andere plaatsen om ook hier je vierwieler achter te laten. Gepakt en gezakt met een stevige backpack vang ik hier mijn route aan, maar dat doe ik niet via de officiële route. In plaats daarvan kies ik enkele onooglijke paadjes die me naar de officiële route piloteren en wat is dit meteen een verrassing van formaat. Bij Moersdorf bevindt zich ook het natuurreservaat Deiwelskopp wat voorzien is van een bijzonder fraai kunstmatig aangelegd kanaaltje. Via deze weg heis ik me een weg naar boven en dat mag je soms letterlijk nemen. Met een stijging van tweehonderd meter is dit meteen een sportieve opener van de dag. Niet dat ik hier veel aan denk want de fraaie locatie en het mooie panorama over Moersdorf doet al het zweetwerk meteen vergeten. 
 
De toon voor de rest van de wandeling is ingezet, denk ik dan, maar helaas is de waarheid toch lichtjes anders. Nu volgen er kilometers lang verhard wegdek met af en toe veldpaden die de eentonigheid doorbreken. Na de stevige klim bevind ik me nu op een landbouwplateau en bijster veel is hier niet te zien. In de vroege lente ogen de akkers nog vrij leeg en ook de bewolkte hemel draagt niet bij tot het verfraaien van deze kilometers. Blikvangers hier zijn een aantal windmolens en een gedenkteken dat na ongeveer drie kilometer zijn opwachting maakt. De vergezichten zijn zowat het enige positieve aspect dat ik bij dit gedeelte van de wandeling kan waarderen. 
 
Het landelijke dorpje Mompach geeft na vijf kilometer weinig teken van leven en ook het volgende dorpje Herborn doet wat doods aan. Voor het zover is, kruis ik een bos. Het is te zeggen: een strookje bos met een erg breed pad waar de kale kruinen de bomen een wat sombere aanblik geven. Na de kilometers op asfalt, komt dit als geroepen, maar het blijft toch allemaal wat onder de verwachtingen. De Müllerthal Trail kent naast wandelen ook een streepje cultuur en op het parcours staan er enkele fraaie kerkjes zoals die van het dorpje Herborn. De deur staat altijd open, is een gezegde dat ze hier niet kennen want bij mijn passage is de kerkdeur namelijk hermetisch gesloten. Verder dan maar! 
 
Pas vanaf twaalf kilometer worden de verharde en half-verharde wegen ingeruild voor kleinere paadjes. Hoewel het wandeltoneel inmiddels is gewijzigd in een decor van bos, blijven de paden erg breed waardoor dit nauwelijks beter is dan de asfaltwegen door de twee dorpjes. Langzaam, maar gestaag worden de paadjes kleiner en wordt het landschap wat mooier. Wanneer Echternach in de buurt is, wordt het allemaal wat spannender en fraaier. Dat begint met een leuk uitkijkpunt over het kunstmatig meertje van Echternach en wat later is er een vrij sportieve daling waar het toch even opletten is voor al de aanwezige modder. Het gaat hier ook vrij hard naar beneden en op dergelijke momenten ben ik blij dat ik mijn wandelstokken heb meegenomen. 
 
De laatste twee kilometers van de wandeling verlopen wat gemoedelijker en leiden me naar het centrum van Echternach. Hier valt vooral een kerselaar op waar de roze bloesems in bloei staan en voor een mooi beeld zorgen. Hoewel de route niet langs het meer van Echternach loopt, kan je hier eventueel een ommetje maken, mocht je dat zien zitten. Zelf ga ik echter naar het hotel Le Pavillon waar ik overnacht en dit hotel ligt pal in het centrum van Echternach. Hier beëindig ik mijn eerste deel van deze vierdaagse na bijna vier uur wandelen. 
 
Ik heb de volledige Müllerthal Trail gewandeld en helaas moet ik zeggen dat dit verreweg het meest saaie stuk is van deze trail. Ik raad sterk aan om deze helft van route één over te slaan, want deze wandeling heeft helaas weinig kwaliteiten. Er zitten beslist leuke stukken in, maar dat is te weinig om de negatieve punten goed te maken. De vele kilometers op asfalt en half-verharde wegen leiden het niveau danig naar beneden en voelen helaas aan als een verplicht nummer. Deze route scoort niet alleen slecht als wandeling op de Müllerthal Trail, maar ook als wandeling in het algemeen en is beslist geen reclame voor Luxemburgs mooiste langeafstandswandeling.

Verslag route 1: Echternach - Moersdorf (zaterdag 8 april 2023)

Van

Echternach

Naar

Moersdorf

Afstand

19,4 km

Meters stijgend

470

Meters dalend

450

Wandeltijd

3u58


Ianus is de Romeinse god van het begin en wordt altijd afgebeeld met twee gezichten. Hij zou dus een goede kandidaat zijn om route één van de Müllerthal Trail te vertegenwoordigen. Zo saai de eerste dag is, zo geweldig is de tweede dag dat naar mijn bescheiden mening het beste stuk van de gehele trail is. Je vindt hier alles wat de regio Klein-Zwitserland zo mooi maakt in miniformaat en bovendien uitblinkt in variëteit. 

Over Romeinen gesproken: Echternach is de oudste stad van Luxemburg en is gebouwd op een Romeinse site. Je vindt hier dan ook een voormalige Romeinse villa die je kan bezoeken. Het loont sowieso de moeite om eens door Echternach te flaneren aangezien hier heel wat te zien valt. Het meest beroemde gebouw is de abdij van Willibrord die wordt genoemd als stichter van de stad. Daarnaast zijn er nog een aantal kleine musea en een klein, maar gezellig historisch centrum. Dus wie op zoek is naar een snuifje cultuur komt hier prima aan zijn trekken. 
 
Dat snuifje cultuur vind ik ook terug bij het begin van de wandeling want die start meteen aan de mooie kerk van Willibrord en de abdij. Daarna volg ik gedurende twee kilometer de Sûre, dit is de rivier die de grens vormt tussen Duitsland en Luxemburg. Ik begin bij het stadspark en daarna volg ik een voetpad dat parallel loopt met de enorme camping bij de Duitse buren van Echternacherbrück. Vreemd genoeg vind ik deze passage verrassend interessant. Misschien is dit omwille van het rustgevend karakter van de Sûre of dat er op regelmatige basis kleine bezienswaardigheden te zien zijn zoals street art bij een brug. In ieder geval is deze sectie totaal niet te vergelijken met de asfaltkilometers bij de eerste dag. 
 
Na ruim twee kilometer wordt het alleen maar beter, want dan is het beurt voor de zandstenen rotsformaties van Klein-Zwitserland. Langzaam, maar gestaag wordt er geklommen tot een hoogte van ruim vierhonderd meter over een geaccidenteerd parcours. De rotsformaties kennen niet het dramatische karakter van rotspieken in pakweg de Dolomieten, maar zijn daarom niet minder mooi. Begin april ligt hier nog altijd een gigantische hoeveelheid modder en de rotsachtige bodem durft nog wel eens glad te zijn. Van mijn vier dagen op de Müllerthal Trail vraagt dit deel toch de meest aandacht om geen uitschuiver te maken. De kloofjes die ik hier aantref, zijn niet zo smal of indrukwekkend als bij route twee, maar geven wel een goed idee over de pracht van dit landschap. 
 
Na vijf kilometer moet ik bijna een traan van teleurstelling wegpinken wanneer ik dit bos verlaat. Even later blijkt dat de officiële route is geblokkeerd en ik moet een kleine omweg van één kilometer nemen langs een plateau. Dit vergroot alleen maar de diversiteit van de wandeling, want deze meters over akkers zijn - opnieuw - verrassend aangenaam. Zo staat er een schuilhutje na zes kilometer enorm dramatisch te wezen in een zee van leegte waar het alleen is omgeven door akkers. Het is niet iets wat ik hier onmiddellijk verwacht. In tegenstelling tot de eerste wandeldag is dit een vrij korte passage over velden waardoor dit beter verteerbaar is dankzij de kleinere, hapklare brokken. 
 
In de daarop volgende kilometer word ik getrakteerd op enkele mooie panorama's totdat het opnieuw tijd is voor enkele rotsformaties. De rotsen hier zijn net een tikkeltje minder imponerend dan een half uurtje eerder, maar lonen nog steeds de moeite. Het wandelgenot duurt hier ook wat minder lang en na acht kilometer beland ik in Rosport. Naar Luxemburgse normen is dit dorp wat groter en is het vooral beroemd omwille van de watersportactiviteiten die je hier kan uitoefenen. De enige watersport wat ik hier doe, is het leegdrinken van mijn bus water vooraleer ik verder ga. 
 
Er is hier ook een culturele toets aanwezig, want het museum van de Luxemburgse uitvinder Henri Tudor kan bezocht worden tussen twee en zes uur in de namiddag (behalve op maandag en dinsdag). Bij mijn doortocht was het museum echter nog niet open en er rest me niks anders dan verder te wandelen. Via een bos gaat het weer langzaam omhoog, maar deze keer ontbreken de rotsen op het appel. Wel aanwezig is een breed pad dat soms bezaaid is met veel te veel modder. Na twaalf kilometer tref ik misschien wel het mooiste kerkje van de gehele trail: de Girsterklause. Kerk is misschien wat overdreven voor wat eigenlijk een kapel is, maar zelfs als je enkel hier bent om te wandelen, mag je deze plek niet overslaan. 
 
Bij de volgende kilometers wijzigt het landschap spectaculair in verscheidene beekvalleien waar ik twee beekjes volg. Maar liefst vier keer moet ik een beek oversteken. De ene keer met stapstenen, de andere keren met enkele takken die een geïmproviseerde brug moeten voorstellen. Dit staat in schril contrast met de rest van de wandeling en dit is ongetwijfeld mijn meest favoriete gedeelte van deze dag. Het kabbelende beekwater bezorgt deze plek een serene sfeer die moeilijk te kloppen is. Deze wilde beekvallei gooit hoge ogen met zijn groene karakter en het is simpelweg een plezier om door deze vallei te stappen. 
 
Na zestien kilometer wuif ik de beekvallei uit en vervolg ik mijn weg in het bos rondom het plaatsje Born. Dat pakt af en toe eens uit met een stevige kuitenbijter, maar over het algemeen vergen de eensporige wandelpaden geen al te grote inspanning. Ik weet niet waarom, maar het bos hier oogt wat majestueuzer dan op andere plaatsen. Dit landschap wordt na een tijdje onderbroken voor meer open velden en graspaden, maar het duurt niet lang vooraleer het bos terug is van nooit weggeweest. Via de officiële route wandel ik terug naar de kerk van Moersdorf waar ik mijn auto heb geparkeerd. Dit is een mooi pad, maar de zelf uitgestippelde route bij Deiwelskopp van gisteren is toch wel spectaculairder. Na ruim negentien kilometer heb ik de wandeling tot een goed einde gebracht en sta ik met een wel heel erg brede glimlach aan mijn wagen. Deze wandeling is echt wel genieten! 
 
De tweede dag op de Müllerthal Trail is alles wat de eerste dag niet is. Niet elk stuk van deze wandeling is even spectaculair, maar ik kan eigenlijk geen negatieve punten opsommen. Grootste uitblinker is de variëteit: over het wandelen op een jaagpad naast de Sûre, rotsformaties ontdekken, beekvalleien bedwingen, vergezichten bewonderen op velden of gewoon dwalen door het bos. Ik doe het allemaal op deze wandeling en ik geniet er met volle teugen van. Hier en daar zijn er dus meters op verhard wegdek, maar nooit erg lang. En als die er al zijn - zoals bij het begin - is dit verrassend interessant omdat dit op een jaagpad is naast de Sûre. Als je dus één etappe wil doen van de Mûllerthal Trail, laat het dan deze zijn. Met afstand mijn mooiste wandeling van 2023 tot dusver!

Verslag route 2: volledige lus (zondag 23 mei 2021)

Van

Echternach

Naar

Echternarch

Afstand

36,48 km

Meters stijgend

1131

Meters dalend

1131

Wandeltijd

8u04


In deze regenachtige mei wordt het steeds moeilijker om regenloze dagen tegen te komen, maar vandaag was het geluk aan mijn zijde. Dan heb ik er maar meteen van geprofiteerd en een mastodont van een wandeling uitgekozen: route 2 van de Müllerthal Trail. Deze trail is een langeafstandswandeling die bestaat uit drie lussen en al het moois van de streek van Klein-Zwitserland verkent. De tweede etappe wordt beschouwd als de koninginnenroute en kan uitpakken met tientallen blikvangers. Als je deze route wil doen, ben je maar beter fan van bossen en rotsen, want andere landschapselementen vind je niet snel op dit traject. 
 
Bij Rue de la Gare (nummer 66) in Echternach vind je normaal gezien redelijk wat (gratis) parkeerplaatsen, maar in het toeristische Echternach zijn die in het weekend al snel bezet. Om klokslag half acht vertrok ik echter hier aan de parking en toen was er nog ruimte zat. Keerzijde van de medaille was dat ik wel om vijf uur 's ochtends al moest opstaan... In Echternach gaat het al snel omhoog, maar in zeven haasten heb ik na een halve kilometer een verkeerd pad gekozen. Als je deze route wil doen, is het dus beter om een paar tiental meters verder te gaan waar een stenen pad omhoog gaat (en zo ben ik ook teruggekomen). 
 
Het eerste deel van deze wandeling gaat naar Hohllay en wat kan ik hier nog over vertellen? Een half jaartje geleden was ik hier ook en maakte dit stuk deel uit van de Felsenweg 1. Het gedeelte rondom Hohllay was één van mijn beste wandelervaringen van 2020. Hetzelfde wauw-effect heb ik nu niet, maar dit gedeelte blijft sowieso erg tof om te doen. Al is mijn persoonlijke mening dat je dit stuk beter doet van Hohllay naar Echternach, terwijl ik nu in de omgekeerde richting wandelde. Ook het imponerende herfstdecor van begin december ontbrak op het appel. Het is veelzeggend dat ik de kloven Wollefsschlucht en Labyrinth niet heb toegevoegd als waypoint. Het zijn namelijk slechts enkele van een heleboel indrukwekkende kloven onderweg op dit parcours. 
 
De signalisatie op deze wandeling is bijzonder goed weergegeven en is eigenlijk moeilijk te missen. Eén van de zeldzame momenten waar je toch verloren kan lopen, is bij het dorpje Berdorf waar de wandeling een stukje door het dorp gaat. Het is eigenlijk de enige keer dat deze route wat langer over verhard wegdek gaat. Hier is de wandeling ook vrij plat en dat is de uitzondering die de regel bevestigt. Route 2 van Müllerthal Trail is namelijk grotendeels geaccidenteerd of kent veel stukken die vals plat zijn. Na bijna acht kilometer denk ik een kleine binnendoor te hebben gevonden, maar het blijkt dus l'Enfer Hölle te zijn, een spelonk die ongeveer 55 meter diep gaat. Voor mij betekende het een initiatie in speleologie, maar na 55 meter mocht ik dus letterlijk op mijn stappen terugkomen. 
 
Even later wacht er een dubbelklapper van kloven. Eerst is er de Yunusschlüff en wat later de nog imposantere Predigtstuhl. Mooie exemplaren, maar het goede nieuws is dat de echt indrukwekkende kloven nog moeten komen. Dan volgt er een wat langer stuk door bos om uiteindelijk te belanden bij Müllerthal, een onooglijk plaatsje dat de naam heeft gegeven aan deze regio en dus ook de trail. Het gaat hier even langs het centrum en een camping, maar het duurt niet echt lang vooraleer ik opnieuw het bos induik. Deze keer om het magnum opus van deze wandeling te bezoeken: de Schiessentümpel. Dit is een knap watervalletje waar drie kleine stromen vanop een rots naar beneden denderen. Aangezien ik hier vroeger als kind ontzettend veel kwam, laat ik het spektakel maar over aan de andere wandelaars. 
 
Bij de Schiessentümpel is het even opletten aangezien Routes 2 en 3 van de Müllerthal Trail hier samenkomen. Ik stond al op punt om de verkeerde route te nemen, maar ik merkte gelukkig op tijd op dat ik aan de overkant van de autoweg moest zijn om mijn weg te vervolledigen. Dit is misschien wel het mooiste stuk van Route 2 aangezien de fraaie kloven zich hier in sneltempo opvolgen. Eulenburg, Goldkaul en Goldfralay dienen zich aan en de kloven worden langzaam, maar zeker een stuk smaller. De rotsformaties zijn bovendien een kleine pauze waard, want soms zijn het echt pareltjes van moeder natuur. 
 
Na achttien kilometer houd ik even een verdiende pauze bij de parking van de Molen van Consdorf. De parking is volzet en dat vertaalt zich ook in een heleboel wandelaars op dit traject van de wandeling. Na de inwendige mens verzorgd te hebben is het tijd voor de mooiste kloof van de dag: Rittergang. Dit is ook de smalste kloof en op sommige plaatsen amper vijftig centimeter breed. In de kloof ga ik naar links om te genieten van een fraai uitkijkpunt en dan is het even zoeken naar de juiste weg. Het blijkt dus dat ik vanaf het uitkijkpunt een klein beetje naar beneden moet en rechtdoor moet gaan. Er volgt opnieuw een kloof, maar de eerlijkheid gebiedt me toch te zeggen dat ik hier wat sneller doorstapte. Hoe schitterend deze omgeving ook is, het begint toch een beetje eentonig te worden. 
 
Na bijna 22 kilometer ontvouwt er zich een ander landschap met groene velden en glooiende hellingen. Na het vele bos is een beetje variëteit meer dan welkom. De kilometers erna zijn de minst geaccidenteerde van het hele parcours en bospaden worden breder. Deze keer zonder het gezelschap van kloven en rotsen, maar dat vind ik helemaal niet erg, integendeel. De beekvalleien hier zou ik anders bestempelen als doordeweeks, maar voelen nu toch meer bijzonder aan na de vele kloven in de eerste helft van de wandeling. De weg naar het dorpje Scheidgen kent ongeveer hetzelfde patroon en vind ik persoonlijk het gemakkelijkste stuk van Route 2, maar daarom niet minder goed. 
 
Het geaccidenteerde karakter van de wandeling keer terug bij het verlaten van Scheidgen, maar kloven komen deze keer minder frequent voor en worden ter tijd en stond afgewisseld met beekjes en valleien. Een punt dat me hier wel stoorde - en eigenlijk bij veel paden op de Route 2 - is de nabijheid van een drukke autoweg waar het autocircus zich graag laat horen. Hoewel deze wandeling echt wel een natuurwandeling is, doet het autolawaai helaas toch wat afbreuk aan de wandelbeleving. 
 
De laatste hoogtemeters zitten in de staart van deze wandeling waar de allerlaatste helling toch nog een grote inspanning van mij vroeg. Op de teller staan ruim 1100 hoogtemeters, maar dat is wellicht zo'n vijftig meter te veel aangezien op een bepaald punt Wikiloc aangaf dat de route was onderbroken en bij het hernemen, voegde de app er een riante vijftig meter aan toe. Een bug in de app waar ik soms meer last van heb. De eerste achttien kilometer zijn echter de zwaarste met vooral het begin als orgelpunt. De stijgingen erna zijn eigenlijk nooit echt steil en kon ik vlot nemen. Het geaccidenteerde karakter van het parcours draagt meer bij tot mijn vermoeidheid dan de steile hellingen. Toch moet deze wandeling niet onderschat worden aangezien het een combinatie is van een vrij lange dagstapper (36 kilometer) en meer dan duizend hoogtemeters. 
 
De laatste kilometer geeft me nog een knap panorama over Echternach en via het stenen pad van bij het begin van de wandeling daal ik terug naar beneden om me terug te begeven naar de parking. Als je de markeringen van Müllerthal Trail volgt, beland je echter in het centrum van Echternach waar je kan genieten van een welverdiend drankje. Ook onderweg in Berdorf, Müllerthal en Consdorf zijn er gelegenheden om iets te drinken en/of iets te kopen. 
 
Voor deze wandeling had ik drie liter water bij en dat was zeker niet te weinig. Met een erg schappelijke vijftien graden heb ik weinig last gehad van de zon, maar ik kan me inbeelden dat op zonnigere dagen het beter is om zelfs nog een litertje meer water mee te nemen. Onderweg heb ik niet veel pauzes genomen en dat maakt dat ik de wandeling op iets meer dan acht en een half uur heb afgerond. Met meer pauzes denk ik dat het wel realistisch is om te stellen dat deze wandeling ongeveer tien uur duurt. De officiële site van de Müllerthal Trail gaat zelfs uit van veertien en een half uur, maar dat lijkt me echter schromelijk overdreven. 
 
Dit is een erg aangename wandeling waar letterlijk tientallen blikvangers van de streek van Klein-Zwitserland worden gepresenteerd in een fantastisch decor. Helaas zijn er toch wel twee minpunten. Auto's zijn op vele delen van de route goed te horen en persoonlijk vond ik de wandeling iets te weinig variëteit hebben. Al moet ik toegeven dat dit laatste toch wel muggenziften is. Mocht deze wandeling wat te lang zijn, kan je die in twee keer dagen doen of voor andere wandelingen opteren zoals het even geweldige Felsenweg 1.

Verslag route 3: Heffingen - Beaufort (zondag 9 april 2023)

Van

Heffingen

Naar

Beaufort

Afstand

24,2 km

Meters stijgend

430

Meters dalend

390

Wandeltijd

4u49


Mijn derde dag op de Müllerthal Trail kent deze keer iets meer kilometers: 24 in totaal. Van Heffingen gaat het naar Beaufort en ik kom weer heel wat moois tegen op mijn weg: een prachtig plankenpad, een majestueuze waterval, een sprookjesachtig bos, een atmosferische beekvallei en een idyllische bron met helderblauw water dat je hier niet verwacht. En helaas ook wel wat saaiere stukken. 

Het startpunt van de derde dag is het plaatsje Heffingen dat zich op ongeveer één kilometer van de Müllerthal Trail bevindt. Hier parkeer ik mijn wagen aan de lokale sporthal waarop Paaszondag weinig andere auto's te vinden zijn. De eerste kilometers stijgen heel erg langzaam en leiden me weg uit Heffingen. Zoals verwacht, valt er hier niet zo erg veel te beleven en zijn het vooral de vergezichten die me hier kunnen bekoren. Ten opzichte van de eerste dag zijn de kilometers op asfalt hier eerder beperkt en de veldwegen zijn simpelweg toffer om over te wandelen. Een kort stukje bos houdt de illusie omhoog dat het landschap divers is, maar in werkelijkheid zijn het velden en akkers die de toon bepalen bij de eerste kilometers van deze wandeling. 
 
Na ruim vier kilometer komt dat bos uiteindelijk toch meer in zicht en zijn er ook holle wegen waarover ik ga. Eerst gaat het naar beneden richting het dorpje Blumenthal, hoewel dit dorp niet doorkruist wordt. Deze afdaling wordt onmiddellijk opgevolgd door een relatief steile klim en ik zet mijn weg verder door bos. Op deze Paaszondag is er een boel meer wandelverkeer op de Müllerthal Trail dan de voorbije twee dagen zoals ik aan den lijve mag ondervinden. Rond kilometer acht bevind ik me in het hart van dit bos en dit is mijn mooiste moment van de gehele trail. Het bos hier straalt een feeërieke, haast magische sfeer uit. Komt dat omdat het bos bedekt is door een groene vloed van mos met occasionele plassen? Ik kan het niet zeggen, maar ik weet wel dat dit genieten is met hoofdletter G. 
 
Die sereniteit wordt een kilometer later vakkundig de nek omgewrongen omdat er hier een heleboel wandelaars uitrusten bij de Ripsmuer, een kleine plas. Voor mij het signaal om mijn weg verder te zetten en dat doe ik door het bos waar het kleine pad steeds breder wordt en parallel naast een autoweg begint te lopen. Geheel onverwacht schakelt deze bosweg over naar een plankenpad dat zich vlak naast de autoweg naar Müllerthal bevindt. Hier is het leuk toeven, maar ook ontzettend druk. Op de berm zie ik honderden meters lang enkel maar geparkeerde wagens zoals bij de Ninglinspo in zijn betere dagen. Dat mag het plezier niet vergallen en zeker niet wanneer ik op de Kallektuffquell stuit. De Kallewatte? Een bron waar kristalhelder water uit een richel vloeit en één van de absolute trekpleisters is van deze trail. Dit houdt een verplichte fotostop in, maar de tientallen aanwezige wandelaars nopen me ertoe aan om hier sneller dan gepland te vertrekken. 
 
Lang moet ik niet wachten op het volgende hoogtepunt, want de Schiessentümpel tref ik amper twee kilometer later aan. Dit is een oude bekende voor mij aangezien ik hier vroeger een stuk of tienduizend keer ben geweest, maar de drie waterstromen die uit de rotsen vloeien, blijven een mooi gezicht. Opnieuw een verplichte fotostop dus, maar ook hier geldt dat er ontzettend veel mensen aanwezig zijn wat het plezier toch wat wegneemt. Via een zelf geïmproviseerd pad baan ik me een weg naar de Heringer Millen waar zich het toeristisch centrum van Müllerthal bevindt. 
 
Voor deze wandeling gebruik ik Komoot om te navigeren en op dit punt besluit de navigatie om de geest te geven aangezien Müllerthal is ingesteld als eindpunt bij het gedownloade GPX-bestand. Daarom moet ik noodgedwongen een tweede route opnemen, maar bij deze wandeling ga ik dus vrolijk op mijn elan verder. Vrolijk is misschien wat overdreven, want de vier kilometers die nu volgen, zijn toch eerder aan de saaie kant. Een breed bospad heeft last van wel erg veel modder en hier moet ik dus over wandelen. In de verte zie ik de beek Zwarte Ernz lopen, maar voor de rest is er weinig te zien bij deze passage. Af en toe een mooi panorama, maar dit is absoluut niet mijn favoriete gedeelte van deze wandeling. 
 
Beschouw het als een noodzakelijk kwaad, want op weg naar Beaufort word ik verwelkomd door een prachtige beekvallei die naar mijn bescheiden mening nog mooier is dan de omgeving van de Schiessentümpel. Omdat de beek hier zich midden in het bos bevindt, zijn hier uiteraard een pak minder mensen en dan is het toch wel een stuk meer ontspannend om hier door te wandelen. Qua natuurpracht trekt dit gebied hard op het Müllerthal. Hier zie je ook een wild stromende beek met kleine watervalletjes en bruggetjes omgeven door steile rotswanden, maar zoals gezegd dus met een pak minder toeristen. 
 
Via stapstenen kruis ik de beek twee keer en houd ik bij een bankje bijna een half uur halte om volledig tot rust te komen. Wanneer ik verder ga, duurt het niet lang voor ik het fort van Beaufort zie dat op de weg ligt van Route 3. Mijn laatste overnachting heb ik geboekt bij hotel Meyer dat zich wat buiten het centrum van Beaufort bevindt en dat betekent dat ik de trail even moet verlaten om via enkele autowegen naar het hotel te stappen. Op twintig minuten ben ik er en dat houdt ook het einde van deze wandeling in. Vierentwintig kilometer in totaal, maar op het einde voelde dat zo zeker niet aan. De omgeving van Beaufort is prachtig en smaakt naar meer! 
 
Route drie van de Müllerthal Trail wordt beschouwd als de allrounder van het gezelschap en dat kan ik op dit deel wel bevestigen. Hier ga ik van het ene hoogtepunt naar het andere en kom je ogen en oren te kort om alles op te nemen. Helaas denken veel andere mensen er ook zo over zodat het op deze Paaszondag soms over de koppen lopen was. Mijn favoriete gedeeltes zijn dan ook de passages waar veel minder mensen komen, maar dat heb je zelf uiteraard niet in de hand. Het enige minpunt op deze route zijn de vier toch wat saaiere kilometers na de Heringer Millen in Müllerthal, maar dat is slechts een kleine smet op een voor de rest erg blinkend blazoen.

Verslag route 3: Beaufort - Heffingen (maandag 10 april 2023)

Van

Heffingen

Naar

Beaufort

Afstand

16 km

Meters stijgend

280

Meters dalend

330

Wandeltijd

3u09

 
Mijn laatste dag op de Müllerthal Trail brengt me opnieuw langs velden en bos, maar dan wel een stuk minder spectaculair dan bij het eerste deel van Route 3. Landschappen zijn net wat minder dramatisch, er zijn minder bezienswaardigheden en hoogtemeters zijn wat lager. Toch biedt deze dag meer dan genoeg dingen om de wandelaar te blijven boeien. 

Ik vertrek bij hotel Meyer waar ik heb overnacht, maar het duurt niet lang vooraleer ik terug aansluit bij de originele route. Na een kleine afdaling word ik onmiddellijk getrakteerd op een liefelijk tafereel van een vijver in een bos. De Ale Weier is namelijk een vijver (of is het nu een meertje?) in het rotsachtige boslandschap en de beginkilometers gaan dan ook verder waar ik een dag eerder ben geëindigd. Rotsen verdwijnen echter snel van het appel en het is het bos dat de boventoon voert. Een gestage stijging over een enkelsporig pad leidt me weg naar een ander bos dat zich vlak na een witte hoeve bevindt. 
 
Deze passage door het nieuwe bos duurt echter niet lang en voor ik het besef, beland ik op een plateau waar ik afwisselend over verhard wegdek en veldwegen stap. Dit is een recept dat ik bij dag één ook ben tegengekomen en daar viel dat zwaar tegen. Hier ben ik echter verrassend positief over deze kilometers. Misschien komt dat omdat ik deze keer wel begroet word door een lachend zonnetje? Het landschap is hier in ieder geval afwisselender dan bij de eerste dag. Vergezichten zijn een traktatie voor de ogen, de groene veldpaden lopen naast behaaglijke hagen en de meters op asfalt duren nooit te lang. En mocht verveling dan toch onverwachts toeslaan, is er een klein bos om dit patroon te doorbreken. 
 
Richting Larochette verandert de omgeving opnieuw en word ik andermaal verwelkomd door bossen en beekjes. Een holle weg gaat wel erg hard naar beneden en ik prijs me gelukkig dat ik moet afdalen en niet stijgen. De vele trekkers die ik de omgekeerde beweging zie maken, zullen er wellicht anders over denken. De meters naar beneden piloteren me naar het kerkje van Larochette waar ik nu in het centrum duik. Op maandag is er een kleine markt bezig en zelfs rond tien uur 's ochtends is het er gezellig druk met terrasjes en bakkers die goede zaken doen. Het is aanlokkelijk om even een drankpauze in te lassen, maar ik had me voorgenomen om rond de klok van twaalven naar huis te vertrekken en dus zet ik mijn wandeltocht verder. 
 
Die verderzetting begint met een niet al te grote, maar niet te onderschatten klim over trappen en later een bospad naar een uitkijkpunt over Larochette. Het uitkijkpunt bevindt zich recht tegenover één van de twee burchten van Larochette en hier heb je dus een goed overzicht van de burcht en het plaatsje. In tegenstelling tot bij Beaufort passeer je hier niet langs deze burcht. Wil je de burcht bezoeken, zal je dus even een klein zijsprongetje moeten maken in Larochette en later opnieuw aansluiten bij de route. Wanneer ik Larochette achter me laat, wordt het bospad wat breder en de omgeving opnieuw wat minder rotsachtig. Ik steek vervolgens de drukke Rue de Moulin over om de laatste kilometers af te werken richting Heffingen-Soup. 
 
Die laatste kilometers zijn wat minder interessant, hoewel het decor van bos er toch alles aan doet om me van het tegendeel te overtuigen. Toch is het zo dat het brede bospad en de vele gezichtsloze bomen niet het hoogtepunt zijn van deze dag. Bij het gehucht Heffingen-Soup verlaat ik de originele route om terug te keren naar de sporthal van Heffingen waar ik mijn auto een dag eerder heb achtergelaten. Niet geheel verrassend houdt dat in dat ik de laatste kilometer over een wat drukkere weg moet stappen naar het centrum, maar dat is wel relatief snel voorbij. Op het laatste moment kost het me nog wat moeite om te oriënteren, maar na wat speurwerk vind ik de plek waar ik moet zijn en zo kan ik rond twaalf uur 's middags vertrekken. I love it when a plan comes together!
 
Het laatste deel van de Müllerthal Trail is wat korter en minder krachtig, maar weet nog altijd aangenaam te verrassen. De aanlooproute in Beaufort en de omgeving rond Larochette stelen de show, maar ook de kilometers over veldwegen en straten op het plateau na Beaufort zijn verrassend leuk. Het bezorgt me zeker geen wauw-gevoel, maar het voelde zeker niet aan als een verplicht nummer in tegenstelling tot bij de eerste dag op Route 1. Ik tref wel geen echte bezienswaardigheden aan vandaag, maar de wandeling scoort op de gehele lijn meer dan degelijk.

Beluit
Hoewel niet alle kilometers op deze trail een denderend succes zijn, is de Müllerthal Trail de mooiste trail van de Benelux. Dat zeg ik niet als een mening, maar stel ik als een feit. De dichtheid van wandelbelevenissen die je hier vindt, zal je op geen enkele andere langeafstandswandeling in de Benelux vinden. Zo zijn er de absolute kleppers zoals de Schiessentümpel en Kallektuffquell, maar deze punten worden helaas overspoeld door toeristen. De mooiste momenten vind ik juist wanneer ik alleen door de prachtige, rotsachtige omgeving stap of door een haast feeëriek bos. Qua natuurpracht valt er dus heel wat te genieten op deze trail. 

Toch biedt deze langeafstandswandeling ook een verrassende hoeveelheid cultuur aan. Wanneer je in Echternach bent, zijn er diverse plekjes die je kan bezoeken en is het gezellige centrum een drankstop waard 's avonds. Hetzelfde geldt eigenlijk voor Beaufort en Larochette en op deze plaatsen kan je ook een stop maken om de burchten te bewonderen. De leukste cultuurplaatsen zijn misschien wel het handvol kerkjes en kapelletjes die op je weg opduiken, met in het bijzonder de Girsterklause bij route één. Toch is er wel één significant nadeel van de trail en dat is het deel tussen Moersdorf en Echternach (wijzerzin) dat gemakkelijk overslaan kan worden wegens zijn saaiheid.  

maandag 13 maart 2023

Traditie overheerst bij de Oscars in 2023

 De uitreiking van de Oscars verliep dit jaar zonder problemen. Geen Will Smith die klappen verkoopt aan presentatoren en geen onterecht toegekende Oscars deze keer dus. De Oscars lijken dus terug op kruissnelheid te komen in het post-Covid tijdperk. Dit jaar waren er twee slokoppen bij de gnomineerden: Everything Everywhere All at Once en het Duitse oorlogsepos All Quit on the Western Front. Na Parasite dus opnieuw een buitenlandse prent die meedingt naar de grote prijzen, maar helaas voor hen werd hun  concurrent Everything Everywhere All at Once de grote winnaar. 

De hoofdcategorieën
Vroeger ging ik iedere week naar een zaal om een film mee te pikken, maar tegenwoordig gebeurt dit slechts één keer om de paar maanden. Het is nu eenmaal gemakkelijker om thuis snel een film te kiezen uit de verscheidene streamingdiensten in plaats van naar een filmzaal te rijden, daar meer dan tien euro betalen om na twee uur terug naar huis te rijden. Waar ik tot voor een paar jaar geleden nog vrij goed op de hoogte was van films, staat die kennis nu op een laag pitje. Veel van de kanshebbers komen trouwens in uitgesteld relaas naar België aangezien distributeurs pas winst ruiken wanneer men kan profiteren van de publiciteit van de Oscars. 

De winnaar van beste film werd dus Everything Everywhere All at Once, een film die ik dus nog niet gezien heb, maar ongetwijfeld ga bekijken. Ik had de kans om de film te bekijken in het vliegtuig bij een terugvlucht uit Costa Rica, maar om nu zo'n filmparel op zo'n klein schermpje te bekijken... Nee, dank u. Dan wacht ik wel liever tot een andere keer. De film kent ook de beste regisseur, of in dit geval, beste regisseursduo aangezien naamgenoten Daniel Kwan en Daniel Scheinert in de prijzen vallen. Ik heb nog geen werk van dit tweetal gezien, dus ik kan (nog) niet over hun talent oordelen. 

Beste acteur is Brendan Fraser die op twintig jaar tijd een behoorlijke fysieke metamorfose heeft ondergaan. Was hij rond de millenniumwissel enorm populair bij tienermeisjes, dezer dagen valt hij op door zijn overgewicht en dat is ook de rol die hij vertolkt in de film The Whale dat het verhaal vertelt van een zwaarlijvige professor. De Maleise actrice Michelle Yeoh wordt bekroond als beste actrice en gezien haar repertoire is dat zeker verdiend. Ik ken haar het best van het enorm slechte Star Trek: Discovery waar ze één van de weinige lichtpuntjes was. 

De bijcategorieën
Deze editie van de Oscars lijkt een lancering van verloren gewaande carrières te zijn, want ook Ke Huy Quan eist een beeldje op: dat van beste mannelijke bijrol. De naam van de acteur doet wellicht geen belletje rinkelen, maar je hebt hem ongetwijfeld gezien in een kinderrol in legendarische jaren tachtig films zoals The Temple of Doom uit de Indiana Jones-reeks of The Goonies. Dat bijna niemand hem (meer) kent is niet vreemd, want zijn acteercarrière heeft bijna meer dan twintig jaar stil gelegen tot in 2021. 

De winnares van beste vrouwelijke bijrol ging dit jaar naar Jamie Lee Curtis die bijna royalty is in de filmwereld. Ze heeft een indrukwekkende carrière uitgebouwd en daarom alleen al maakt ze aanspraak op een beeldje. Bijzonder is wel dat ze dit verdient op basis van haar rol in Everything Everywhere All at Once waar ook collega Stephanie Hsu voor vocht. 

De cinematografische categorieën
De beste cinematografie was weggelegd voor All Quit on the Western Front. Aangezien ik ook deze film niet heb gezien - die nochtans beschikbaar is op Netflix - kan ik er niet over oordelen, maar er vallen me twee trends op. De eerste trend is dat afgelopen jaren scoren oorlogsfilm sterk in deze categorie, denk bijvoorbeeld maar aan 1917. De tweede trend is dat dit een categorie is die vaak wordt gewonnen door de verliezer van de grootste genomineerden. Everything Everywhere All at Once haalt zeven beeldjes binnen en dus moet All Quit on the Western Front het doen met deze categorie die ik als filmliefhebber op dezelfde hoogte plaats als de categorie van beste film. 

Het beste montagewerk ging naar Everything Everywhere All at Once en is ook zo'n categorie die ik hoog aansla. Het beste productieontwerp ging opnieuw naar Everything Everywhere All at Once en dit is opnieuw een bevestiging dat de film het best scoort op de categorieën die te maken hebben met cinematografie. Voor Belgische filmfans was het ook bang afwachten op het resultaat van Close, maar de cultklassieker van Lucas Dhont wist niet te verrassen.  

Besluit
Aangezien alle categorieën bespreken te tijdrovend is, laat ik de technische categorieën even voor wat het is. Hier zijn geen echt grote namen te vermelden met uitzondering van Avatar: The Way of Water dat de prijs van beste visuele effecten mee naar huis mag nemen. Dit is slechts een voetnoot in deze editie waar Everything Everywhere All at Once zich de grote winnaar mag noemen. In een wereld die onderhevig is aan politiek gekrakemeel zoals de kritiek van #oscarssowhite en de opkomende trend van films op streamingdiensten lijkt deze editie van de Oscars op veilig te spelen. Vooral acteurs met een Aziatische afkomst worden in het zonnetje gezet en ook Netflix scoort goed met Everything Everywhere All at Once. De jury van de Oscars scoort traditioneel op veilig en deze editie is daar dus de perfecte reflectie van.   

donderdag 9 maart 2023

Reisverslag Costa Rica deel vijf: dure excursies in Samara

Donderdag 5 januari
Op het strand bivakkeren, is niet echt mijn ding en daarom ben ik in Samara naarstig op zoek naar excursies die ik in deze omgeving kan doen. De Lonely Planet-gids die ik bijheb, maakt me erop attent dat er ook een trail kan gedaan worden in de naburige heuvels bij deze badplaats in het biologisch reservaat van Werner Sauter. Vroeger was dit een mangoplantage, maar dat leverde niet genoeg geld op en dus werd dit gebied omgevormd tot een natuurreservaat om toeristen een veel te dure rondleiding aan te bieden. Hier zijn ze trouwens goed in geslaagd, want ook deze excursie kost weer een vrij stevige veertig dollar. 

De rondleiding begint om half zeven 's ochtends en samen met twee oudere heren trek ik op pad. Eerst geeft de gids nog een bondige uitleg over dit gebied en zo leer ik dat er verscheidene types bos zijn en dit reservaat bestaat uit tropisch droogbos. 't Is maar dat je het weet. Hoewel de trail zelf niet zo heel erg spannend is, zijn de bomen die ik hier aantref dat wel. Met name de Guanacaste - een boom die zijn naam heeft gegeven aan deze provincie - ziet er met zijn omvangrijke stam er erg imponerend uit. Ook andere bomen weten te verbazen, maar de Guanacaste is toch wel de blikvanger. Weliswaar niet de enige, want in dit heuvelachtige landschap is er op een lokale top ook een mooi panorama waar we even pauzeren. Zoals zo vaak geldt ook hier: niet goedkoop, maar wel de moeite waard. 

In de namiddag trek ik er met Henk, mijn kamergenoot gedurende deze reis, erop uit om een verlaten strand in Samara te verkennen. Na een wandeling van ruim een half uur belanden we op een stuk strand waar enkel een paar locals vissen en voor de rest is er niemand te zien. Pootje baden moet ik in ieder geval al niet doen, want om tot bij het strand te geraken, moet ik eerst nog door een riviertje dat één meter diep is. Dat is snel vergeten want het strand is hier oorverdovend stil en het is een waar plezier om de verschillende vogels te fotograferen. De leukste foto's zijn die van de pelikanen die in het water duiken op zoek naar een hapklare brok. 

Ik volg de kustlijn en wat verder tref ik zelf een broedplaats aan van schildpaddeneieren. Die worden namelijk 's nachts verzameld en op één plaats broedplaats gelegd om ze zo te beschermen. Dit is leuk om een foto te nemen, maar ik blijf niet te lang bij de broedplaats omdat je hier toch echt geen bonje wil. Een dreigende lucht kondigt de avond aan en ik ga langzaam terug van waar we kwamen. Henk besluit om nog op een klif te klimmen om wat betere foto's te nemen, maar mijn wilde haren heb ik bij het laatste kappersbezoek achtergelaten. Ik blijf dus veilig op het strand en rond vijf uur keer ik terug naar het hotel na een mooie dag.        

Vrijdag 6 januari
Dit is mijn laatste volledige dag in Costa Rica en dan mag het wel eens iets bijzonders zijn. Vandaag heb ik opnieuw een smak geld uitgeven: maar liefst honderdvijftig dollar. Weliswaar geld dat goed is gespendeerd, want ik trek er voor een dag op uit met een quad. In Namibië heb ik dat enkele maanden geleden ook gedaan, maar het duinenlandschap van Afrika wordt hier ingeruild voor een mix van straten, zandwegen, stranden, beken en zelfs een rivier. Samen met een Amerikaanse familie van drie generaties worden enkele stranden verkend en wordt er afgesloten bij een fraaie waterval die wat verder weg is. 

Beginnen doe ik bij een bekend punt, want het strand waar ik gisteren nog een halve dag verbleef, is nu de eerste stopplaats van de dag. De obligate stop duurt niet lang, want na vijf minuten mag ik samen met mijn nieuwe Amerikaanse vrienden vertrekken naar een ander strand. Bij het tweede strand blijven we wat langer en het is meteen duidelijk waarom. Een parelwit strand beschikt over een fantastisch strand en er staat daar ook een zomerhuis dat de gemiddelde Belgische villa doet verbleken. Of het daar legaal staat, laat ik in het midden, want in een straal van één kilometer is er verder geen huis te bespeuren. Waarschijnlijk van iemand met heel goede connecties... Bij het derde strand dreigt het wat monotoon te worden, maar hier neem ik een frisse duik in het water. De begeleider weet me te vertellen dat dit strand heel populair is bij surfers en ik ondervind aan den lijve waarom. De golven zijn hier namelijk vrij groot en er zijn betere plaatsen om te zwemmen in de zee dan hier. 

De tocht wordt verder gezet en het parcours begint steeds avontuurlijker te worden. De kuilen in de zandwegen worden dieper, passages door beken moeten nauwkeurig genomen worden en afdalingen zijn soms verduiveld scherp. Het leukste moment van de dag is toch wel wanneer ik met de quad door een rivier, de Rio Negro, mag crossen. Soms is het toch wel opletten om niet te diep in het water te rijden of op heuvelachtige bermen, maar voor iedereen is dit toch wel het leukste moment van de dag. Als slotstuk is er nog een uitstapje bij een mooie waterval. De weg hiernaartoe vergt toch wat stuurmanskunst, maar iedereen in de groep is nu een volleerd quadbestuurder en dat levert geen problemen op. 

De waterval houdt zich schuil achter een paar rotsen en de Amerikaanse familie is klaarblijkelijk toch niet zo happig om een duik te nemen hier. Ik heb minder schroom en na welgeteld één minuut sta ik daar te blinken met mijn zwembroek vooraleer ik een duik neem. Het water is hier heerlijk en kent uiteraard veel minder zout dan het water uit de zee. Ideaal dus om het zeezout van me af te spoelen en een half uurtje later word ik verlekkerd op een barbecue. Die smaakt goed, te goed zelfs, want ik eet me een indigestie zoals ik later deze dag merk. Rond vier uur is het tijd om terug te keren en via autowegen zijn we een half uurtje later terug in Samara. Van alle excursies in Samara is dit met afstand de duurste, maar ook met evenveel afstand de meest geslaagde. 's Avonds is het een strijd om me niet dood te vervelen op een lange busreis naar San José aangezien morgen de laatste dag is op Costa Ricaanse bodem.   

Zaterdag 7 januari
Het hotel in San José bevindt zich buiten het centrum op een steenworp afstand van de luchthaven. Dat betekent dus dat alle bezienswaardigheden zich op een uur wandelafstand bevinden en met een ijverige zon heb ik weinig zin om de benenwagen in gang te zetten. Dus houd ik het maar bij een uitgebreid ontbijt en bezoek ik het lokale park waar zich op deze zaterdagochtend veel lokale bewoners aan het sporten zijn. Ook het nationaal voetbalstadion van Costa Rica bevindt zich hier, maar eigenlijk is hier niet zo gek veel te zien. Om de honger te stillen, ben ik op zoek naar een soda, maar de dichtstbijzijnde is idioot druk. Voor de snelle hap weet meneer McDonald's ook wel raad en eet ik daar nog snel iets vooraleer we afscheid nemen van Costa Rica. 

Op de luchthaven gaat het inchecken relatief vlot en voor ik het besef, vlieg ik terug naar Europa. De tussenlanding in Madrid wordt wel spannend, want er is slechts één uur voorzien om de overstap te maken. Gelukkig landen we iets sneller dan voorzien in Madrid en ook de gebruikelijke activiteiten zoals de security check en douanecontrole gaan verbazingwekkend snel. Vorig jaar had ik in de VS hier akelige ervaringen mee en dit was dus toch wel even spannend moment. Spannend omwille van alle verkeerde redenen, helaas. Gelukkig moet ik me nergens zorgen om maken en op zondag zet ik mijn eerste voet op Belgische bodem na ruim twee weken Costa Rica. Regen, koude, wind: wat heb ik dit gemist! Of toch niet :-) 

woensdag 8 maart 2023

Reisverslag Costa Rica deel vier: relaxen in Rincon de la Vieja

Maandag 2 januari
In Costa Rica hebben ze wel iets met warmwaterbaden, want voor de tweede keer deze reis plant Reisleider Iwan een gezamenlijke trip naar een warmwaterbad. De vulkanische oorsprong van Rincon de la Vieja is daar natuurlijk niet vreemd aan, maar als ik een eerste keer niet ging bij El Arenal, dan blijf ik volharden in de boosheid. De achterliggende reden is dat ik nu eenmaal vrij snel uitgekeken ben op zo'n warmwaterbad en als de groep daar een halve dag spendeert, begin ik me na een kwartier al stierlijk te vervelen. In plaats daarvan trek ik erop uit in het domein en daar is ook wel wat te zien en te doen. Bij een korte avondlijke verkentocht gisteren heb ik gezien dat er een trail is gemarkeerd met wegwijzers en die wil ik uiteraard wel eens even problemen. Het pad leidt me naar een leuk bospad, maar de passage duurt slechts ettelijke honderden meters. 

De rest van het parcours baadt in brede aardenwegen en leidt me naar de warmwaterbronnen waar de rest van de toeristenbende is te vinden. Vooraleer het zo ver is, bezoek ik nog een prachtige waterval waar het water enkele tientallen meters naar beneden dendert. In België zouden we zoiets als een achtste wereldwonder beschouwen, maar in de spektakelrijke natuur van Costa Rica is zoiets dagelijkse kost. Even later begeef ik me naar de warmwaterbronnen, maar zoals verwacht is er niet veel te zien als je zelf niet pootje baadt in deze welnessplek. Het voordeel is wel dat ik met een onvervalste tractor en bijhorende passagierskar terug naar het domein wordt gebracht en dat is in deze hitte wel zo handig. 

In de vroege namiddag keer ik terug op het domein en ik besluit om de hangbruggen op een bezoekje te vereren. Na de immense hangbruggen in Monteverde gaan zo'n petieterige bruggen tegenvallen, maar mijn vooroordeel wordt ogenblikkelijk met de grond gelijk gemaakt. Deze kleine bruggen bevinden zich verrassend hoog waardoor ze een goed zicht bieden op het lokale dierenbestand zoals de brulapen. Bovendien zijn deze kleine bruggen wat leuker om over te lopen omdat ze wel heel wankel zijn. Bij tegenliggers is het wel even opletten, want elkaar kruisen, vergt een klein huzarenstukje. Ondertussen amuseer ik me ook met het maken van foto's en sommige vogels laten zich graag op gevoelige plaat vastleggen. Smaakmaker van dienst is een vogel die ik de Star Wars-vogel doop aangezien hij het geluid maakt van een schietende Stormtrooper. Geen spannende dag vandaag, maar wel een enorm relaxerende!    

Dinsdag 3 januari
Er zijn zo van die magische momenten die je enkel beleeft wanneer je op reis bent. Ik heb me laten vertellen dat de hangbruggen een fantastische locatie zijn om de zonsopgang te fotograferen. Als amateur-fotograaf kan ik die kans uiteraard niet laten liggen en op het veel te vroege uur van half zes sta ik op om het zonnetje in het oosten op te wachten. Het fotograferen van de opkomende zon is niet bepaald een onverdeeld succes, maar de echte magie gebeurt onmiddellijk erna wanneer een familie van slingerapen ontwaakt en langs de boomtoppen en hangbruggen klimt om de zon te begroeten. Van een doodse stilte gaat het plots naar het gezellige gebrul van de apen. Het heeft me een stukje nachtrust gekost, maar dit zijn echt wel onbetaalbare momenten. 

Vandaag wordt het vertrek ingeluid naar de laatste bestemming van deze reis: het kustplaatsje Samara dat aan de Stille Oceaan ligt. Onderweg wordt er echter nog gestopt om een lange wandeling te maken in het nationale park van Rincon de la Vieja. De inkomprijs is opnieuw een heel erg stevige achttien dollar, maar gelukkig krijgen we deze keer wat meer tijd om te wandelen en het park is ook opmerkelijk groter dan het nationale park van Monteverde. De meest interessante route is amper één paar kilometer lang, maar biedt wel tal van trekpleisters zoals diverse geisers, pruttelende modderpoelen, een waterval, lagune en uiteraard heel veel groen. Zelfs op een heel erg rustig tempo hebben we deze lus op ruim een uur voltooid. 

Na een welverdiende en broodnodige koffiepauze, besluit ik met twee andere groepsgenoten om ons geluk te beproeven bij een andere wandeling en dit is een verschil met dag en nacht. Weg is het egale pad, welkom boomwortels, rotsen en steile hellingen. Doel is om een waterval zes kilometer verder te bezoeken, maar zelfs met een trail runtempo zouden we er niet gekomen zijn. Dan besluiten we maar na drie kwartier om rechtsomkeert te maken, want dat redden we toch nooit. Hier had ik dus ook niet op gerekend. Het ironische is dus dat ik al een hele reis zocht naar dit soort paadjes en nu het zich aanbiedt, geef ik het voortijdig op. Ach, ik steek het op een te warme zon. De bus brengt ons in de late namiddag bij Samara waar iedereen kan genieten van drie dagen zon, zee en strand. Nou ja, bijna iedereen...    

Woensdag 4 januari
Ik heb deze reis niet gekozen om op het strand te liggen, dus besluit ik om gedurende drie dagen zoveel mogelijk zee en strand te negeren in Samara. Dat houdt dus in dat ik een aantal excursies bekijk en eentje die me wel aanspreekt, is een kajaktocht op de Rio Negro die uitmondt in de oceaan. In een groepje van zes personen - inclusief twee groepsgenoten - worden we in een SUV gepropt om naar de startplek te rijden. Dat gaat over erg hobbelige wegen en op het laatste stuk gaat het van de ene grote kuil naar de andere nog grotere kuil. Bij het uitstappen, blijkt dat er tweepersoons- en eenpersoonskajaks zijn en ik ben de gelukkige met een eenpersoonskajak. Na mijn avonturen op de packrafttrail in mei vorig jaar op de Ourthe ben ik een klein beetje thuis in het peddelen en me bewegen in de kajak gaat (voor mijn doen) relatief vlot. 

De gids die ons begeleidt is zowat manusje-van-alles aangezien hij dit bedrijfje zelf uitbaat. Dat betekent dus dat hij chauffeur, drager en gids is. Hij weet ons te vertellen dat je een universitair diploma moet hebben in Costa Rica om dit te mogen doen en dat is allicht de reden waarom hij ook zoveel afweet van de plaatselijke flora en fauna. Dit gedeelte van de Rio Negro is namelijk omzoomd met mangrovebossen en dat is één van de redenen waarom ik deze kajaktocht doe. De gids vertelt op een boeiende manier over deze bomen en even later weet hij zelfs een kleine kaaiman te signaleren. Gelukkig is mama kaaiman nergens te bespeuren. Het tochtje brengt ons naar de monding van de rivier en hier zie ik twee waterstromen in volle actie: enerzijds de zee dat landinwaarts trekt en anderzijds de Rio Negro die in de oceaan stroomt. 

Deze rustplaats wordt gedomineerd door aangespoeld hout van de mangrovebomen en andere rotzooi dat door de Rio Negro wordt meegenomen. Geen charmante plaats, maar dat maakt niet veel uit als je verse ananassen als middagmaal krijgt aangeboden. De planning van zo'n kajaktocht staat altijd in het teken van eb en vloed. Bij eb gaan we stroomafwaarts en bij vloed stroomopwaarts om terug te varen naar de start- annex aankomstplaats. Bij de terugtocht stoppen we niet zo vaak en pas dan blijkt hoe snel zo'n anderhalve kilometer gaat. De kajaktocht is echt wel leuk, maar zoals zo vaak in Costa Rica is het duur (deze keer vijftig dollar) en duurt het niet erg lang. Na de kajaktocht besluit ik om een platte rust te houden op mijn kamer en 's avonds maak ik nog een uitgebreide wandeling door Samara, maar buiten massatoerisme heeft deze plaats helaas niet veel te bieden.     

dinsdag 7 maart 2023

Reisverslag Costa Rica deel drie: dure natuur

Vrijdag 30 december
Hoewel La Fortuna en Monteverde in vogelvlucht slechts een paar tiental kilometer van elkaar zijn verwijderd, duurt de busrit toch wel wat langer omdat over het hobbelige parcours in de bergen het er toch wat trager aan toegaat. Toch kijk ik uit naar deze dag, want het nevelwoud van Monteverde is voor mij toch één van de hoofdredenen om deze reis te doen. Helaas werkt het nationaal park met openingstijden en sluit het onherroepelijk om vier uur 's namiddags. Dat is best wel vroeg, maar in deze eindejaarsperiode begint de zonsondergang al na vijf uur. De bus arriveert rond half twee en dan blijft er dus niet bijster veel tijd over om in het park te wandelen. Natuurlijk moet de administratieve molen opnieuw gevoed worden en is er één medewerkster die op een wel heel erg Costa Ricaans tempo de namen, leeftijd en woonplaats noteert. Voor een groep met bijna twintig personen mag je al gauw rekenen op een half uur en dus rond twee uur kan ik eindelijk de beenspieren eens strekken. 

Voor de idioot hoge prijs van 25 euro - dat is namelijk de inkomprijs van dit park - krijg je wel een plannetje mee, maar ik heb de route al op Wikiloc waar ik met een offline kaartje werk. Ik schiet als een pijl uit een boog om de paden te ontdekken: een klein watervalletje, mooie uitkijkpunten, uiteraard nevel in het woud, een erg fraaie hangbrug en diverse vogelsoorten maken van de wandeling een meer dan aangenaam tijdverdrijf. Minpuntje is dat sommige vogelaars denken dat ze het rijk voor zich alleen hebben en me gebieden om stil te staan zodat ik toch maar geen vogels verjaag. Op de vriendelijkst mogelijke manier maak ik duidelijk dat ze in de hoogste boom kunnen kruipen - figuurlijk dan - en ik zet mijn wandeling verder. 

Hoe mooi dit park ook is, het is er helaas wel tamelijk druk en de paden zijn goed aangelegd. Anders gezegd: ik heb niet onmiddellijk de indruk dat ik verdwijn in de natuur en dat is toch wel één van de aspecten waarom ik naar Costa Rica kom. Op het laatste krijgt de route wel een meer desolaat tintje, want een fel stijgend pad bevindt zich in heerlijk verlaten staat en enkel in het begin kom ik enkele tegenliggers tegen. Voor de rest zie ik gedurende een half uur bijna niemand en geniet ik met volle teugen van deze locatie én rust. De natuur is hier niet eens zo heel bijzonder, maar het is hier oh, zo rustig. Heerlijk! Een snelle blik op mijn telefoon leert me dat het bijna vier uur is en dan moet ik me spoeden naar de uitgang. Om stipt vier uur 's namiddags sta ik aan de uitgang en heb ik mijn wandelvitaminen kunnen consumeren.    

's Avonds ga ik voor het eerst in een soda eten, Soda La Amistad. Dit zijn lokale eettentjes met een heel erg elementair interieur, maar waar ook minder toeristen komen. Ideaal voor mij dus en het helpt ook wel dat de prijzen hier nog democratisch zijn. Een fooi geef ik hier omdat ik het wil, bij andere restaurants doe ik het omdat het van mij verwacht wordt. Ziehier het verschil tussen de soda's en de toeristische restaurants en het is ook de reden waarom ik zoveel mogelijk soda's opzoek vanaf nu.

Zaterdag 31 december
Alweer een dure vandaag, maar deze keer heb ik er dat graag voor over. In de voormiddag staat er namelijk een canopy tour op het programma en in de namiddag is het tijd voor een bezoekje aan de hangbruggen van Monteverde. En op 31 december moet er natuurlijk ook wel gevierd worden! We zitten juist niet in het hol van Pluto, maar er zijn wel meer swingende plaatsen te vinden om oudejaar te vieren dan een toeristische plek in de bergen. Voor het zover is, begin ik aan het leukste deel van de dag. De canopy tour is een kabelbaan waar je tussen de boomtoppen van één platform naar het andere suist. Dit is voor mij de eerste keer dat ik dit doe en dus toch wel een beetje spannend. Na een uitgebreide uitleg over de bediening van de zipline, uitrusting en veiligheid mag er begonnen worden aan het echte werk. 

De eerste zipline is een opwarmertje, maar vanaf dan worden de routes beter: de afdaling wordt langer en sneller. Meer moet dat niet zijn! Er zijn ook een aantal ziplines die je per twee moet doen. Ik word gekoppeld aan één van de dames van de groep en samen zoeven we naar beneden. Deze kabelbanen zijn wat langer en daarom zal je wellicht met twee moeten zijn om de baan te nemen. Het topexemplaar is maar liefst achthonderd meter lang en dan heb ik uitgebreid de tijd om de omgeving te bewonderen. Op het laatste wacht er nog de zogenaamde Tarzan swing, een toestel waar je aan een soort van liaan hangt om er à la Tarzan aan te swingen. Klinkt wat commercieel, maar het is best wel een leuke ervaring. 

In de namiddag mag het wat rustiger en ga ik op een gezapig tempo langs de verscheidene hangbruggen van Monteverde. Deze hangbruggen zijn echt wel groot en sommige bruggen zijn ettelijke honderden meters lang. Het minste zuchtje wind of beweging op de brug wordt ogenblikkelijk vertaald in een wankele brug. Deze bruggen zijn uiteraard erg stabiel en veilig, maar ik kan me wel inbeelden dat sommige personen zich toch niet op hun gemak voelen bij deze wankele constructies. De bruggen geven een uniek beeld over de boomtoppen van het nevelwoud in Monteverde en regelmatig hang ik op de brug - woordspeling bedoeld - om de omgeving te bewonderen. In tegenstelling tot gisteren heb ik nu meer dan voldoende tijd om af en toe te stoppen. Nadeel is dat het na elf hangbruggen wat monotoon begint te worden, hoe mooi alles ook is. 

Rond vier uur wordt de terugtocht naar het hotel ingezet en wordt enkele uren later het oudejaarsfeestje gevierd in een wel erg speciaal restaurant. Het restaurant telt namelijk vier verdiepingen en is getooid in een soort van westernsfeertje. Het eten is niet slecht, de gezelligheid zit in de groep, maar de muzikale keuze is jammer genoeg een fiasco die zijn weerga niet kent. Voornamelijk Spaanstalige muziek klinkt er door de luidsprekers en dan heb ik het niet over Ricky Martin, maar wel loungemuziek die ik anders te horen krijg wanneer ik op zondagmiddag mijn kater zit uit te zieken. Pas een tiental minuten voor middernacht komt de sfeer er echt in, maar too little, too late zouden Amerikanen zeggen.   

Zondag 1 januari
Misschien wel de meest bijzondere locatie van deze reis is het hotel in Rincon de la Vieja. Nou ja, ik weet niet of je het een hotel kan noemen, want de site omvat een heel domein inclusief watervallen, bos, wildwaterbaan, hangbruggen, kabelbaan en wandelroute. Bovendien krijgt iedereen een eigen huisje waardoor rust is gegarandeerd. Dat betekent helaas wel een lange pendeldag om naar de provincie Guanacaste te rijden in het noorden van Costa Rica. Guanacaste is zowat de meest verlaten provincie van Costa Rica. Waar andere provincies overwegend verharde wegen hebben, telt Guanacaste nog opvallend veel zandwegen. Die komen we af en toe tegen op onze weg, maar enkel het laatste stukje is het holderdebolder in de bus. 

Het is al aardig in de namiddag wanneer we op het domein arriveren, dus zo heel veel kan ik niet meer doen. Met mijn cameratoestel in de aanslag probeer ik zoveel mogelijk goede foto's te nemen en op deze locatie is dat helemaal niet moeilijk. Vooral de zonsondergang is een echt plaatje. Mijn reisgenoten slagen er in om de ene fantastische foto te nemen van een vogel na de andere, maar op dit aspect scoor ik vrij beroerd. Mijn talent om vogels te spotten, flirt namelijk met het vriespunt en enkel wanneer iemand met heel veel geduld zegt waar er zich een vogel bevindt, kan ik die spotten. Dus ja, morgen maar wat harder proberen... 

donderdag 2 maart 2023

Tien Belgische trekkings voor het to do lijstje

Hoewel België amper drie zakdoeken groot is, speelt ons landje wel een belangrijke rol in het organiseren van wandelroutes. België is namelijk één van de grondleggers van de GR-routes, zeg maar meerdaagse wandelroutes die door Europa gaan. Daarnaast zijn er ook een aantal andere langeafstandswandelingen die de moeite waard zijn en daarom is België een klein paradijs voor wandelaars. Een bloemlezing van de mooiste meerdaagse wandelingen in den Belgique.   


1. Nationaal Park Hoge Kempen
Vorig jaar werd de vernieuwde versie van deze trekking boven de doopvont gehouden en het resultaat is een route van 110 kilometer die de mooiste plekjes van 's lands enige nationaal park - voor enkele maanden nog - verkent. Limburg vind ik persoonlijk de mooiste wandelprovincie van Vlaanderen en deze trail presenteert het mooiste van Limburg met onder andere de hoogste duinen van België, diverse soorten heide, mijnterrils, fraaie plassen, vennen en uiteraard heel veel bos. Bij het nieuwe ontwerp van deze route heeft men erop gelet om zo weinig mogelijk bebouwing en verharde wegen te zien. Voor een beginnende wandelaar is dit een ideale trail aangezien de afstand best te doen is, maar ook het aantal hoogtemeters valt reuzegoed mee. Toch zitten er hier en daar wat steilere hellingen bij de terrils, maar dat zijn slechts heel korte fragmenten in een parcours dat overwegend (vals) plat is. 

2. LAW Rivierpark Maasvallei
Opnieuw een wandeling uit Limburg en opnieuw eentje die recent een verjongingskuur heeft ondergaan. Sinds 2020 is dit wandelfeestje een internationaal festijn, want de route volgt de Maas over de grens en trekt door elf Belgische en Nederlandse Maasdorpen, inclusief het gemoedelijke Maastricht dat sowieso een citytrip waard is. De Maasvallei is een groene regio die vooral wordt gekenmerkt door haar landelijke karakter en in tegenstelling tot het NP Hoge Kempen ga je hier minder variëteit in het landschap aantreffen. Anderzijds zie je op deze route veel waterpartijen en dat is zeker in warme tijden een groot voordeel. De 137 km is misschien wat ambitieus om ze allemaal te doen, maar een verlengd weekendje in deze buurt levert ongetwijfeld veel wandelplezier op.

3. Eislek Trail
Een andere trail die grensoverschrijdend gedrag vertoont, heb ik vorig jaar zelf gedaan: de Eislek Trail. Deze langeafstandswandeling is in vijf etappes braafjes verdeeld over het Groot-Hertogdom Luxemburg en België. Met name de twee etappes in België doen wandelaars watertanden met een sportief parcours door naaldbos in de Ardennen en rotspaadjes langs de Ourthe. Over het Luxemburgse gedeelte ben ik wat minder enthousiast, maar ook hier zitten mooie stukken bij. Enkel is het wel zo dat het allemaal wat monotoner is met minder allure voor de sportieve wandelaar ondanks een alleraardigst aantal hoogtemeters. Ook cultureel erfgoed maakt deel uit van deze trail zoals het Kanaal van Bernistappe en het voormalige klooster van Troisvièrges waar vroeger joden werden gevangen gehouden door de nazi's. Met 106 kilometer is het een korte trail die vooral sportieve wandelaars inspireert. 

4. Entre Lesse et Lomme
Voor al wie eens goed wil verdwalen in de Ardennen en de maatschappij wil achterlaten, is dit een geschikte route. Met 78 kilometer is dit een traject dat je op drie dagen kan afronden, hoewel de meeste mensen zullen opteren voor een comfortabeler aantal van vier dagen. Deze route blinkt uit in zijn eenzaamheid en verlaat de bewoonde wereld voor een parcours van overwegend naaldwoud en grindwegen. Met circa drieduizend hoogtemeters is deze langeafstandswandeling tussen Lesse en Lomme bovendien vrij stevig. Een nadeel is dan weer dat de route niet veel variëteit kent en een typisch Ardennenlandschap aanbiedt van naaldbossen en grindwegen. Dus als je besluit om deze trail te doen, zijn drie dagen allicht meer dan genoeg.     

5. GR 129 Dwars door België
Drie jaar geleden werd deze trail wereldberoemd in Vlaanderen omdat Eén-reporter Arnout Houben een televisieprogramma maakte over deze route waar hij op stap was met twee vrienden. Gedurende meer dan vijfhonderd kilometer trekt deze trail door België en wordt het westen van België in de schijnwerpers geplaatst. Henegouwen is niet meteen het eerste wat bij wandelaars opkomt als plek om te wandelen, maar regio's zoals het Pays des Collines bewijzen dat dit onterecht is. Toch bevindt zich het mooiste stuk van deze route allicht in het midden rondom Dinant waar de Ardennen zich van hun meest spectaculaire kant laten zien. Een veelzijdige route dus, maar wel voor mensen met veel vrije tijd, want je mag rekenen op ongeveer twintig dagen om alle etappes tot een goed einde te brengen.  

6. GR16 In het spoor van de Semois
Wanneer je een titel draagt als koningin van de Belgische rivieren mag je daar wel best trots op zijn. Aangezien de Semois geen persoon is, zal het nooit trots kunnen zijn op die titel, maar personen die de GR16 hiken weten verduiveld goed waarom ze dat doen. Deze trail volgt namelijk de Semois meer dan tweehonderd kilometer en brengt de wandelaar door misschien wel het mooiste stukje van België. Dit gedeelte van de Ardennen ontbeert misschien de spectaculaire watervallen in de Hoge Venen, maar maakt dat ruimschoots goed met uitdagende paden naast de Semois en sportieve weggetjes op verscheidene rotsmassieven. Ook de populaire, maar niet ongevaarlijke laddertjeswandeling in Rochehaut staat op het appel voor al wie dat wil. Volgens velen de mooiste langeafstandswandeling van België en met de wandelingen die ik hier al heb gedaan ben ik geneigd om hen gelijk te geven. 

7. GR56 Door de Hoge Venen
Wat de mooiste trail van België is, kan ik moeilijk zeggen, maar de GR56 is wat mij betreft de grootste titelpretendent samen met de GR16. De streek van de Hoge Venen biedt zowat al het natuurschoon dat je in België kan tegenkomen. Of het nu gaat om wildstromende bergbeken, uitgestrekte vennen, kleine bergpaadjes of spectaculaire watervallen, dit en veel meer komt allemaal aan bod op de GR56. Hoewel dit het hoogste gedeelte van België is, zal de sportieve wandelaar misschien wat op zijn honger blijven zitten aangezien dit eigenlijk een plateau is. Toch zijn er ook hier steile beklimmingen en mooie vergezichten, maar dan eerder sporadisch als je dit vergelijkt met bijvoorbeeld de GR16. De GR56 heeft misschien niet de naambekendheid van een internationale trail, maar moet qua natuurschoon zeker niet onder doen voor meer bekendere trails zoals de West Highland Way. 

8. GR573 Door de Hoge Venen en Vesder Vallei
België bestaat uit verscheidene mooie wandelregio's, maar gek genoeg komen niet alle regio's aan bod bij de GR-lussen. Dat geldt helaas ook voor de Voerstreek en het Land van Hervé die niet zijn opgenomen bij een langeafstandswandeling. De Vallei van de Vesder komt daar gedeeltelijk in tegemoet, want hier vind je dezelfde elementen als in de twee eerdergenoemde regio's zoals een licht golvend landschap dat wordt omgeven door groene velden en weides. Het traject begint wel bij Luik en gaat door Pepinster en dat zijn niet de meest sexy plaatsen in Wallonië. De passage door de Hoge Venen bezorgt deze route wel een stevige toets natuur en verschilt met de GR56 in de keuze van locaties, al zijn er hier en daar wel overlappingen. Toch is deze GR-route zeker en vast complementair met de GR56 dat zich exclusief op de Hoge Venen richt, in tegenstelling tot deze route.  

9. GR15 Hoge Ardennen
Hoewel België geen bergen kent, doet deze langeafstandswandeling er alles aan om je van het tegendeel te overtuigen. Als je op zoek bent naar een traject dat je het mooiste van de Ardennen presenteert dan ben je bij deze GR-route aan het juiste adres. De GR15 begint net zoals de GR56 in de Hoge Venen, maar kruist daarna het hart van de Ardennen en trekt via Houffalize naar Aarlen. Het is vooral de provincie Luxemburg dat de harten steelt van alle wandelliefhebbers op deze route met sportieve parcours rond Houffalize en uitgestrekte bossen in de buurt van Martelange. Het oorlogsrijke verleden kent ook een centrale plaats op deze route en de omgeving van Bastogne heeft verscheidene herinneringen aan het beruchte Duitse offensief in de winter van 1944. In deze tijden gaat het er vredelievender aan toe en bestaat de grootste strijd uit de 220 km die je hier moet afleggen. 

10. Streek-GR Vlaamse Ardennen
Onbekend maakt onbemind en voor mij is dat toch wel een beetje het geval met de Vlaamse Ardennen die - voor mij - aan de andere kant van het land liggen. Het hinterland van de Ronde van Vlaanderen is populair bij wieltertoeristen, maar is ook een mooi wandeldecor. Samen met het Pays de Collines zijn de Vlaamse Ardennen een allegaartje van diverse landschappen zoals beekvalleien, weides, bossen, akkers, beemden en af en toe een stevige heuvel. Op sommige etappes kunnen de hoogtemeters aardig optellen, maar het algemeen karakter van deze route is toch eerder landelijk met een nadruk op akkers en velden. Met de Zwalm die de wandelaar af en toe gezelschap houdt, beschikt deze regio over één van de meest pittoreske rivieren van heel Vlaanderen. Een bont allegaartje van landschappen dus.  

Besluit
Een klein landje zoals België beschikt niet over hooggebergtes, een merendistrict of spectaculaire watervallen. Toch weten de diverse regio's in Vlaanderen en Wallonië wandelaars aangenaam te verrassen met hun aanbod. Of het nu gaat om het microklimaat in de streek van de Gaume, een lappendeken van heide en bos in Limburg of het grillige rotsmassief rondom de Lesse, er is veel te zien en te doen op deze trekkings. Wel is het zo dat je als wandelaar wat meer geduld moet uitoefenen om mooiere dingen te zien en het landschap durft wel eens monotoon te worden, zeker in Vlaanderen. Maar als je dit in het achterhoofd houdt, zijn deze tien trektochten stuk voor stuk aanraders die elke wandelliefhebber in België op zijn bucketlijst mag zetten.  

woensdag 22 februari 2023

Tien trekkings die iedere hiker moet doen

Sinds 2019 ben ik enigszins verrassend in het wereldje van trekkings beland. Wat eerst begon als een schuchtere poging met de West Highland Way is nu gepromoveerd tot een wandelvakantie om naar uit te kijken. Hoewel ik soms met tent en backpack onderweg ben, geef ik er toch de voorkeur aan om een huttentocht te doen indien dit mogelijk is. Ik beschouw me graag als een avontuurlijke hiker, maar dan dan wel eentje die op comfort gesteld is. Mijn trekkings hebben me sinds vorig jaar ook buiten Europa gebracht en dan is het nog maar een kleine stap om trekkings binnen én buiten Europa te doen. Maar welke zijn nu echt de moeite? Een overzicht. 

1. K2 base camp, Concoria en Gondogoro La pas
Veel avontuurlijker dan dit kan het niet, want dit is misschien wel één van de meest spectaculaire bergtochten die je als wandelaar kan doen. De K2 is algemeen gekend als de tweede hoogste berg ter wereld, maar weinigen weten dat deze hoge jongen zich in het Karakoram-gebergte bevindt wat een uitloper is van de Himalaya. Het wandeltoerisme bevindt zich hier op een laag pitje en in tegenstelling tot Nepal vind je hier geen theehuisjes, zijn er geen wegmarkeringen te vinden, zijn de paden soms onbestaande en kunnen rivieren en aardverschuivingen een traject helemaal wijzigen. Bovendien is de landschappelijke variëteit pover vergeleken met het meer diverse Nepal en vergt het parcours een (erg) goede conidite. Dus wat bezielt een mens om hier te komen? Daar biedt Concordia, een plateau, wel een antwoord op. Dit wordt omschreven als de troonzaal der berggoden en nergens anders zal je de spitse bergen zo spectaculair zien zoals hier. Bovendien is het traject fysiek uitdagend en is dit een gevalletje waar inspanning ook ontspanning kan zijn. Of dat is toch althans één van de redenen waarom ik deze trip heb geboekt. Ik ben benieuwd of ik het na augustus hetzelfde zal vertellen, want dan staat deze trekking op het programma. 

2. Inca Trail
Dit is ook een trail die op het programma staat voor 2023, maar dat ik die daadwerkelijk ga doen, is hoogst onzeker gezien de gespannen situatie in Peru. Op moment van schrijven is het niet mogelijk om de Inca Trail te hiken en het ziet er niet naar uit dat hier snel verandering in zal komen. Dat is jammer want Zuid-Amerika's bekendste langeafstandswandeling heeft een heleboel te bieden, al is natuurschoon misschien niet meteen de grootste aandachtstrekker. De Inca Trail moet het voornamelijk hebben van zijn culturele, folkloristisch getint karakter. Op de 42 km zijn er andere nederzettingen te vinden die de Inca's hebben achtergelaten. Dit gaat van een verzameling huisjes waar enkel nog de muren van rechtstaan, voormalige velden tot een heuse mini-ruïnestad. Magnum opus blijft uiteraard Macchu Pichu waar je op dag vier aan de hemelpoort staat en met een beetje geluk mag je een magische zonsopkomst begroeten, als het weer dat toelaat tenminste. De trail duurt slechts vier dagen, maar is door de hoogte tot 4200 meter en de onnoemelijk veel rotstrappen soms wel pittig. Het landschap gedurende deze vier dagen varieert van nevelwoud tot bergtoendra en ook de mooie vergezichten zijn zeker en vast een troef! 

3. West Coast Trail
Niet iedere trail moet zich hoog in de bergen bevinden om spectaculair te zijn. De Canadese West Coast Trail behoort tot één van de meest spectaculaire routes van Noord-Amerika en zoals de naam impliceert, bevindt deze trail zich vlakbij de verraderlijke westkust waar stromingen en getijden zeevaarders het knap lastig maakten gedurende honderden jaren. Tegenwoordig maakt deze plaats deel uit van het Pacific Rim National Park en combineert de trail een landschap van regenwoud met een spectaculaire kustroute die bestaat uit grotten, watervallen en... zee. Deze trail is niet erg moeilijk, maar vergt toch wat tredzekerheid door de vele boomwortels en rotsen bij de kust. Onderweg is er heel wat geknutseld om de route wat makkelijker te maken zoals ladders, houten paden en een onvervalste kabelbaan - die je op eigen spierkracht aanstuurt - om een meertje over te steken. Soms is het wel opletten voor natte voeten, want de vloed kan verrassend snel opzetten en ook verborgen kreken kunnen waterstofdioxiden in de wandelschoenen smokkelen. Maar het is ook dit verrassende karakter dat deze trail kleurt. Want waar anders vind je een route die regenwoud combineert met een kustroute?    

4. Rwenzorigebergte
Wat krijg je als je een mineraalrijke ondergrond aan de Afrikaanse evenaar combineert met één van de hoogste gebergtes op het zwarte continent? Het juiste antwoord is het Rwenzorigebergte: een regio die zo veelzijdig is dat het zowel regenmaker als bergen van de maan wordt genoemd. De smaakmaker van deze trekking is ongetwijfeld de vegetatie die door de veelvuldige neerslag en mineraalrijke bodem reuzenexemplaren tentoonstelt: varens, diverse bloemsoorten, maar vooral de sprookjesachtige lobelia's die wel tot tien meter hoog kunnen worden. Het landschap is hier dan ook elke dag anders en transformeert iedere keer opnieuw. Tot ruim drieduizend meter domineert het groen, maar daarna zie je vooral gletsjers en bergmeertjes. Voor de echte durfals wacht er nog een beklimming van de Margherita-top die overigens erg zwaar is. Dat geldt eigenlijk voor de gehele trail, want door de vele regenval, bestaan paden uit modder, heel veel modder en dat vergt dus een meer dan behoorlijke conditie. Een kritische noot bij deze trail is dat de gigantische hoeveelheid modder de kwaliteit van de trekking wel eens durft aantasten. Dat de route ligt in de bijzonder labiele regio tussen Congo en Oeganda helpt ook niet echt om het wandeltoerisme aan te zwengelen.   

5. Milford Track
Nieuw-Zeeland is een paradijs voor de natuurliefhebber en de climax hiervan is misschien wel de Milford Track. Dit is een trail van slechts vier dagen die de schilderachtige omgeving van Milford Sound, een fjord, verkent. Water speelt een belangrijke rol bij deze langeafstandswandeling, want onderweg kan de wandelaar de op één na hoogste waterval van Nieuw-Zeeland bewonderen en een blik op de Milford Sound trekt ook veel (andere) toeristen aan. Je zou haast om regen vragen bij deze trail, want pas dan laat het regenwoud zich van zijn meest mysterieuze kant zien. Sijpelende rotsen stralen iets geheimzinnigs uit, beekjes transformeren tot kolkende rivieren en een mysterieuze mist omhult zich langs het regenwoud. Als je dan over een hangbrug stapt, is een mijmering naar een Lord of the Rings-achtig landschap niet ver af meer. Regenbuien zijn wellicht minder welkom bij de ruim duizend meter hoge bergpas waar de wanden stijl naar beneden gaan. Voeg hier nog prachtige panorama's aan toe en je weet waarom de Milford Track is uitgegroeid tot één van de meest legendarische trails van Oceanië. 

6. Laugavegur Trail
Oorspronkelijk wilde ik in dit lijstje enkel trails opnemen die ik zelf nog niet heb gedaan, maar waarom zou je niet één van 's werelds beste trails opnemen als je die al hebt gedaan. En zie hier: de Laugevegur is nummer zes in dit lijstje. Dit IJslands avontuur moet het vooral hebben van zijn landschappen tussen Landmannalaugar en Álftavatn die buitenaards mooi zijn. Het beginpunt van Landmannalaugar bestaat uit warmwaterbronnen en rhyolietbergen waarvan de kleuren verschillen afhankelijk van hoe hard de zon schijnt. Dit is dus al een ideaal gebied om wandelingen te doen nog voor je effectief aan de trail begint. Verder bestaat het traject uit ijsbruggen, ijsgrotten, rotslandschappen, stoomgeisers en één van 's werelds mooiste kloven. Bij mijn verdere reis door IJsland viel al de rest tegen omdat de natuur hier zo spectaculair is, zo goed is de Laugavegur Trail. Naar het einde toe richting Þórsmörk wordt het landschap wat meer monotoon, maar kan het nog steeds uitpakken met een spectaculaire daling op een uitgedoofde vulkaan of een mooie waterval onderweg. IJsland wordt het eiland van vuur en water genoemd en al dat spektakel ontdek je in compact wandelformaat op deze trail.    

7. Alta Via 2
Dramatische pieken zijn zowat het handelskenmerk van de Dolomieten in Italiaans Zuid-Tirol en omgeving. Dat heb ik zelf ondervonden wanneer ik vorig jaar de Alta Via 1 heb gehiket wat volgens mij één van de mooiste trails in Europa is. Toch neem ik deze langeafstandswandeling niet op in mijn lijstje, maar wel zijn broertje. De Alta Via 2 is namelijk wandelen in de Dolomieten op steroïden: meer kilometers, meer hoogtemeters, lastigere paden, maar ook via ferrata's die je moet overwinnen en uiteraard veel natuurschoon met de typische Dolomietpieken en idyllische alpenweiden. Ongeacht waar je ook in de Dolomieten zit: de vergezichten zijn altijd adembenemend. Door het superlatievenmantra van de Alta Via 2 is deze trail ook niet voor iedereen weggelegd. De via ferrata's vragen toch wat klimervaring en je moet je comfortabel voelen op soms hachelijke rotspaadjes die zich akelig dicht bij de afgrond bevinden. Voor wandelaars die dit niet zien zitten, is de Alta Via 1 een meer dan waardig alternatief dat qua landschappelijke variëteit de Alta Via 2 misschien zelfs naar de kroon steekt.  

8. Annapurna Circuit
Zelden is een tegenstelling zo groot als die tussen de berg Annapurna en het wandelcircuit. Deze berg van meer dan achtduizend meter in Nepal geldt als één van de - zoniet dé - gevaarlijkste bergen ter wereld, terwijl het circuit rondom Annapurna geldt als een toegankelijke poort tot de wondere wereld van de Himalaya. Alles wat de Himalaya zo bijzonder maakt, krijg je hier in overvloed gepresenteerd: prachtige groene terrasvelden bij het begin van de voet, al even prachtige vergezichten op grotere hoogtes, kolkende rivieren, gezellige theehuisjes waar je kan overnachten, diepe kloven, een uitdagende bergpas op 5400 meter en groene bossen. Kortom, je zal je niet snel vervelen op deze trail. Hoewel deze langeafstandswandeling zich in de Himalaya bevindt, is het relatief gemakkelijk in die zin dat veel wandeldagen zich onder drieduizend meter bevinden en hellingen zijn zelden erg steil. Toch is het een stevige trektocht van drie weken met de nodige hoogtemeters en soms lange dagen. Hoewel het Annapurna Circuit tegenwoordig neigt naar toeristische attractie blijft het de beste optie als je maar één trekking in de Himalaya kan maken. 

9. Fish River Canyon Trail
Ik weet niet of ik kan zeggen dat ik gewandeld heb in de Fish River Canyon. Deze Namibische kloof vlakbij de grens met Zuid-Afrika is één van de grootste canyons ter wereld en daar kon ik vorig jaar volop van genieten, maar ik ben weliswaar niet in de kloof gegaan, wel errond. Van alle trails in dit lijstje is de Fish River Canyon misschien de saaiste als het aankomt op landschappelijke variëteit. De kloof bevindt zich namelijk in een woestijn en gedurende de vier à vijf dagen dat je hier wandelt, zie je weinig variëteit. Toch is de bodem van de canyon een stuk groener dan het plateau erboven. Wat deze route zo bijzonder maakt, is dat je kilometerslang de Fish River volgt op soms erg nauwe doorgangen en hier komen dan ook bijzonder weinig mensen. Op de gehele trail zijn slechts maximum veertig mensen toegelaten en als je weet dat de trail slechts van 15 april tot en met 15 september open is, weet je dat hier wel erg weinig wandelaars komen. De hitte en plots opkomende flash floods zijn namelijk een reëel gevaar. Als je dus eens een trekking wil doen door de woestijn en in een kloof, combineer je met de Fish River Canyon het beste van beide werelden. 

10. Fitzroy Trail 
Het Argentijnse El Chalten was tot 1985 een anonieme vlek in de Patagonische bergen, maar werd daarna door wandelaars en bergbeklimmers ontdekt en is sindsdien een paradijs voor bergsporters. Zelf noemde ik dit in 2019 mijn beste wandeling ooit en zelfs na mijn hikes in de Dolomieten, IJsland en andere exotische plaatsen, blijf ik bij die mening. Nog nooit had ik meegemaakt dat ik vier seizoenen letterlijk op één dag meemaakte. Bij mijn vertrek nabij El Pilar sneeuwde het lichtjes en vergezelde een snijdende wind me bij een uitzicht op een gletsjermeer. Bij de daling stuitte ik om drie uur 's namiddags op zonnebadende toeristen aan een lagune. Het zegt alles over hoe divers deze route is. Maar dit gebied heeft zoveel meer te bieden, maar dan moet je wel eerst een monsterlijke klim overwinnen naar Laguna de los Tres waar het wel erg stevig omhoog gaat over rotsen die soms één meter groot zijn. Je wordt dan wel getrakteerd op een fantastisch zicht op een gletsjermeer en bergtoppen van het Fitzroy Massief. In de buurt zijn er nog diverse watervallen en lagunes die het plaatje compleet maken. Idealiter combineer je een uitstap in El Chalten met het bijna even magistrale Torres del Paine dat net over de grens met Chili ligt, maar Fitzroy is naar mijn bescheiden mening net dat tikkeltje magischer.   

Conclusie
Welke van deze trektochten je ook doet, je bent gegarandeerd dat je als wandelliefhebber met iets bijzonder te maken hebt. Het natuurschoon laat zich zelden zo mooi zien zoals bij deze trails. Niet alleen de pittoreske vergezichten fleuren deze trektochten op, maar ook andere factoren zoals uitdaging en cultuur maken integraal deel uit van deze ervaring. Kiezen is ergens ook verliezen, want als je één van deze trektochten doet, betekent dat wellicht dat je een andere moet laten schieten en er zijn zoveel andere mooie trails. Met dit lijstje probeer ik een gebalanceerd overzicht aan te bieden van trails door diverse landschappen, klimaten en locaties. Zo bieden de Alpen of Pyreneeën ook talloze trektochten die de moeite waard zijn, maar ga je wel vervallen in - mooie - eentonigheid. Dat gaat bij deze trails niet het geval zijn, mocht je ooit zo fortuinlijk zijn om ze allemaal te doen.