vrijdag 11 juni 2021

Hoe je van een virus naar een koorts gaat: de EK-koorts in België

Het jaar 2020 is een groot, zwart gat geworden in onze annalen, maar in 2021 lijkt het gewone leven terug langzaam op gang te komen. Dat houdt dus ook in dat evenementen terug mogen doorgaan en daar horen uiteraard de Olympische Spelen, maar ook het EK voetbal bij. Het Europees Kampioenschap is voor België één van de laatste kansen van deze zogenaamde gouden generatie om een trofee te pakken. Maar kan België daadwerkelijk hoger mikken dan de derde plek van het vorige WK? 

Moeilijk gaat ook
Het wordt moeilijk. Daar is iedere Belgische voetbalfan zich van bewust. Hoewel de Belgen meer ervaring hebben, telt het omgekeerde ook: ze worden een dagje ouder. Niks illustreert dit beter dan de relatief oude defensie van de Belgen waar Denayer de enige twintiger is in een driemansachterhoede. Vertonghen en Alderweireld zijn al een stuk over de dertig en ouderdomsdeken Vermaelen is zelfs al 35. Snelheid is dus wellicht hét grootste gebrek in de Belgische defensie en dan wordt het spannend als je tegenstander pakweg Mbappé heet die over een heel voetbalveld snelt in ruim tien seconden. Bovendien is de spoeling achterin dun met enkel nog Boyata die ook al dertig lentes telt. Europees kampioen worden met deze oudjes? Het kan, maar het zal in ieder geval niet eenvoudig worden. België heeft bovendien met Kompany een belangrijke leider verloren en het is afwachten hoe Denayer zich ontplooit als opvolger van Kompany. In doel staat de onbetwistbare Courtois die ook nu titularis zal zijn. Op het vorige WK werd de zelfzekere keeper uitgeroepen tot doelman van het toernooi en op dat vlak zal het een moeilijke opgave zijn om zijn prestatie te herhalen. Mignolet en Sels zullen genoegen moeten nemen met een rol als bankverwarmer. 

Bondscoach Martinez dweept met een systeem waarin vleugelbacks een cruciale rol spelen en deze posities zijn wellicht de meest veeleisende van het volledige team. Ook hier zijn er de nodige twijfels. Chadli werd verrassend opgeroepen, maar heeft als voordeel dat hij zowel links als rechts kan spelen. Bovendien heeft Martinez door al die jaren een beroep gedaan op een select kransje van vaste internationals waartoe ook Chadli behoort. Maar het moge duidelijk zijn dat de beste dagen van de Belgische Marokkaan achter ons liggen. Ook Meunier is zo'n vaste klant in de selectie, maar zat in zijn eerste seizoen bij Borussia Dortmund meer op de bank dan hem lief was. Maar met een bijna onophoudelijke motor is Meunier cruciaal om de kilometervreter van dienst te spelen in een fysieke rol als vleugelback. De logica gebiedt dat Castagne een basisplek opeist na een degelijk seizoen bij Leicester, maar dat is nog hoogst onzeker. Op papier is de voormalige verdediger van RC Genk de beste vleugelback, maar mist hij wel de aanvallende impulsen die Chadli en Meunier wel kunnen voorleggen. Ook Thorgan Hazard kan hier terecht, al zal zijn rol wellicht in een aanvallender compartiment schuilen. Hetzelfde geldt voor Carrasco die bij Atletico Madrid een boerenjaar heeft beleefd.

De weelde
Waar er bij de verdediging significante vraagtekens staan, is het omgekeerde het geval bij het middenveld. Ten opzichte van het WK drie jaar geleden, is Fellaini er niet meer bij, maar zijn naam werd amper of niet genoemd als een gemis naar aanloop van het EK. Het zegt veel over de luxe die België op dit vlak heeft. Toch zijn er wel bezorgdheden, want enkele cruciale namen hebben een blessure opgelopen naar aanloop van dit toernooi. De gescheurde achillespees van Witsel betekende wellicht dat hij een kruis mocht maken over het EK, maar wonder boven wonder kan de voormalige Gouden Schoen toch deelnemen. Witsel wordt door Martinez als onmisbaar beschouwd om een evenwichtige balans te houden in het offensief georiënteerde voetbal dat België wil spelen. 

Hetzelfde geldt voor De Bruyne die in de Champions League-finale na een uur het veld moest verlaten met een hoofdblessure. De eerste wedstrijd tegen Rusland moet hij missen, maar in principe moet hij daarna beschikbaar zijn. In afwezigheid van deze twee heeft Tielemans zich opgeworpen als dé leider van dit België en behoorde hij telkens tot de beste spelers van het veld in de twee voorbereidingswedstrijden. Dendoncker bewees ook zijn waarde als defensieve middenvelder, terwijl Praet toch niet kon overtuigen in de voorbereidingswedstrijd tegen Griekenland. Vanaken deed wel wat van hem verwacht wordt, maar niemand verwacht dat hij veel speelminuten zal krijgen op dit EK. 

Buiten spelen
De buitenspelers in het Belgische elftal zijn per definitie niet altijd typische buitenspelers die een flank afdweilen en voorzetten geven aan de lopende band. Integendeel, sterspeler Eden Hazard is op z'n sterkst op deze positie, maar sinds zijn transfer naar Real Madrid heeft hij geen hoge toppen meer geschoren en is het hoogst onzeker of hij een basisplaats kan opeisen in dit elftal. De Bruyne speelt nu wat hoger op ongeveer dezelfde positie als Hazard en heeft nu zijn rol als drijvende kracht van het elftal overgenomen. KDB is door zijn collega's voor de tweede keer op rij verkozen tot beste voetballer in de Premier League en zijn genialiteit zal wellicht het verschil betekenen tussen winst of verlies in wedstrijden tegen de groten.

Voor Mertens beginnen de jaren inmiddels ook al te tellen, maar zijn statistieken bij Napoli blijven tot de verbeelding spreken. Driesje is zelfs de ongenaakbare Maradona voorbijgestoken als doelpuntenkoning bij de Italiaanse club en dat zijn toch adelbrieven die kunnen tellen. Carrasco verkeert bij Atletico Madrid dus in bloedvorm en het is moeilijk om hem uit het elftal te laten. Thorgan Hazard was dit jaar minder prominent aanwezig bij Borussia Dortmund dan vorig jaar, maar is door zijn polyvalentie een graag geziene gast in het Belgische team. Plaatsen op deze posities zullen erg duur verkocht worden. Voor jongens zoals Trossard en aanstormend talent Doku zal elke speelminuut een onverwacht geschenk zijn gezien de concurrentie.

Big Rom
Lukaku is inmiddels al enkele jaren de onbetwiste aanvalsleider van het team nadat Wilmots Benteke verkoos boven Lukaku. Onder Martinez is Lukaku gegroeid van ongeslepen diamant tot blinkende edelsteen en de spits van Internazionale bedankte dit met een krankzinnige zestig doelpunten totnogtoe voor de Belgen. Big Rom is misschien wel de best presterende Belg dit jaar en won met Inter de Serie A en hij werd zelfs verkozen tot beste voetballer in de Italiaanse competitie. De bookmakers tippen Lukaku ook als topschutter van dit EK, dus ook in het buitenland verwacht men veel van de bonkige spits. 

Het nadeel is echter dat na Lukaku er een grote leegte gaapt in het aanvallend compartiment. De Benteke die een transfer verdiende naar Liverpool behoort definitief tot het verleden, hoewel de voormalige aanvaller van Standard en RC Genk terug de neus aan het venster steekt met een respectabele tien doelpunten voor Crystal Palace. Supersub Batshuayi is ploeggenoot van Benteke, maar vergaat het minder met slechts twee doelpunten dit seizoen. Als supersub had Batsman altijd wel zijn waarde in het nationale team en ik vermoed dat Martinez hem opnieuw gaat gebruiken als joker in bepaalde wedstrijden. Als Lukaku echter uitvalt met een blessure of schorsing, zit het Belgische elftal wel met een levensgroot probleem...

De voorspelling
Dit team is het aan zichzelf verplicht om minstens de kwartfinale te halen. Bij het vorige EK lag de weg naar een finale wagenwijd open, maar werden de Belgen in de kwartfinale verrast door een flitsend Wales. Met Martinez als bondscoach beschikt België momenteel echter over veel meer tactische branie en is zo'n verrassing veel minder waarschijnlijk. De loting is echter ook minder gunstig gezind en vanaf de kwartfinale wacht er telkens een groot land dat geklopt moet worden om verder te gaan. Dus een kwartfinale is zeker haalbaar, maar halve finale of finale gaat een stuk moeilijker worden. 

Ten opzichte van het WK drie jaar geleden heeft België mijns inziens kwaliteit verloren met het verlies van Kompany en een achterhoede waarvan de gemiddelde leeftijd de dertig jaar overschrijdt. Bovendien verkeert Hazard in vormcrisis en is het bang afwachten hoe de blessures van Witsel en De Bruyne evolueren als Martinez hen wil gebruiken als basisspelers. Je kan echter ook zeggen dat het glas halfvol is met Lukaku die in zijn beste vorm ooit verkeert, Carrasco die een erg complete flankspeler is geworden en een Belgisch elftal dat over meer ervaring beschikt dan gelijk welk ander nationaal elftal. Toch wegen wat mij betreft de voordelen niet op tegen de nadelen en zie ik de Belgen geen Europees kampioen worden. Mijn pronostiek is dus de halve finales, al denk ik dat een kwartfinale helaas zelfs realistischer is. 

Wie dan wel?
Wie het wel wordt, is bijna iedereen het roerend over eens: Frankrijk. De Fransen werden al wereldkampioen in 2018 en deze selectie is sindsdien enkel maar beter en sterker geworden. Het verlies tegen de Fransen in de halve finale ligt de Belgen nog zuur op de maag, aangezien België van zichzelf vond dat het een betere wedstrijd speelde. Het klopt wel dat België de wedstrijd maakte, maar Frankrijk was tactisch wel sterker. Datzelfde Frankrijk beschikt nu over nog meer voetballend vermogen en is daarom alleen al de te kloppen ploeg. Elke wedstrijd moet gespeeld worden, maar het zal een heel goed team moeten zijn die dag om van Frankrijk te winnen. 

Daaronder volgt er een heel kransje van usual suspects zoals Spanje, Italië en in mindere mate Duitsland, Nederland en Portugal. Spanje en Italië beschikken na Frankrijk over de meest complete selecties en zijn daarom in mijn opinie de grootste concurrenten voor Frankrijk. Nederland heeft dankzij de recente clubsuccessen van Ajax een kwaliteitsinjectie gekregen en oogt vooral in het defensief compartiment erg indrukwekkend. Enkel de aanval mist wat klasse en Frank De Boer is misschien niet de beste bondscoach om dit jonge geweld te leiden op een groot toernooi. Titelverdediger Portugal zit ongeveer in hetzelfde schuitje als België. Het beschikt over fantastische spelers, maar Cristiano Ronaldo en co beginnen een jaartje ouder te worden. Bovendien zitten de Portugezen in een erg moeilijke poule. Het Duitsland van 2014 is inmiddels lang verleden tijd en zelfs in de rol als outsider wordt Duitsland amper genoemd. Met de Duitsers ben je nooit klaar, maar dit Duitsland is misschien wel de minst grote titelkandidaat voor een Europese titel.   

dinsdag 16 maart 2021

Pandemische Oscars

Het duurde wat langer dan gewoonlijk, maar gisteren zijn eindelijk de nominaties voor de Oscars van dit jaar bekendgemaakt. Normaal gezien is het award season al lang voorbij, maar in de tijd van het nieuwe normaal hebben we er even langer op moeten wachten. Zoals verwacht is het een mager jaar geworden omdat veel producties zijn stilgezet door het virus of uitgesteld naar - hopelijk - betere tijden. Veel studio's hebben eieren voor hun geld gekozen en hun filmproducties doorverkocht naar streamingplatforms die daar gretig gebruik van maken. Het is dus geen toeval dat Netflix net nu grossiert in de nominaties. De jaren er voor was het blij als het een aantal nominaties überhaupt had. 


Slokop van dit jaar is Mank van David Fincher die tien nominaties heeft gekregen voor de 93ste Academy Awards. Dit is een traditionele biopic over de scenarioschrijver van Citizen Kane, maar dan voorzien met de ziekelijke zin voor perfectie van Fincher en een sublieme Gary Oldman die zoals altijd het beste van zichzelf geeft. Voor Fincher kan dit eindelijk een erkenning van zijn artistieke talent betekenen aangezien nog geen enkele film van hem een beeldje kon verzilveren ondanks enkele eerdere nominaties voor onder andere The Social Network en The Curious Case of Benjamin Button. In het zog van Mank zijn er zes andere titels die zes nominaties hebben binnengehaald waaronder stalgenoot The Trial of the Chicago 7. Dit is de verfilming van een berucht proces in 1968 waarbij een zevental links-georiënteerde amokmakers politiek werden afgerekend. Aangezien beide films uit de stal van Netflix komen, heb ik ze al bekeken, net zoals Ma Rainey's Black Bottom dat geïnspireerd is op het gelijknamige toneelstuk. 


Normaal gezien neem ik de moeite om de voornaamste genomineerde Oscar-films te bekijken, maar dat is nu wat moeilijker aangezien het aanbod verspreid is over verscheidene streamingplatforms. Andere grote titels zoals The Father, Judas and the Black Messiah, Minari, Nomadland en Sound of Metal kan ik niet op Netflix bekijken en eerlijk gezegd heb ik niet veel zin om deze films te gaan bekijken aangezien het ook een beetje de keuze van de armoede is. Niet dat ik deze films tekort wil doen, maar het is nu eenmaal een feit dat de grote kanonnen dit jaar niet deelnemen. Ik kijk ieder jaar uit naar de resultaten van de Oscars, maar bij deze editie zal het met net een tikkeltje minder interesse zijn. 


Andere noemenswaardige nominaties zijn er voor Chadwick Boseman en Sacha Baron Cohen. Boseman krijgt postuum een nominatie voor beste acteur nadat hij op 42-jarige leeftijd veel te vroeg is gestorven aan kanker. Cohen krijgt - ietwat verrassend - een nominatie voor beste mannelijke bijrol, maar is eveneens genomineerd voor best aangepast scenario voor zijn tweede Borat-film. Een niet alledaagse combinatie voor Cohen. De tweede Borat-film weet ook een andere nominatie te scoren voor Maria Bakalova als beste vrouwelijke bijrol. Bakalova werd enkele maanden geleden wereldnieuws toen Rudy Giulliani zijn broek voor haar uitdeed. De politieke ondertoon van Hollywood zal wel mede debet zijn aan haar nominatie... 


Deze Oscars zijn historisch, maar dat heeft alles te maken met de situatie in de wereld en niks met de Academy Awards zelf. Met Tenet is er vorig jaar slechts één echt grote film uitgekomen en die heeft amper twee nominaties voor technische categorieën weten te scoren. Voor Fincher kan deze editie zijn grote erkenning worden, al vermoed ik dat het eerder één of twee beeldjes zullen zijn omdat Mank een goeie film is, maar geen fantastische.   

donderdag 4 februari 2021

Donkey Kong Country: Tropical Freeze review voor Nintendo Switch

 “Als Mozes niet naar de berg komt, dan komt de berg maar naar Mozes.” Onder dat motto heeft Nintendo bijna heel haar assortiment van first party titels voor Wii U overgepompt naar de Switch waaronder het onvolprezen Donkey Kong Country: Tropical Freeze. Zeven jar naar zijn release is dit nog steeds één van de mooiste 2D platformers die je kan krijgen.

Pixar op je Switch
Ik vind het oppervlakkig om meteen met graphics te beginnen bij een review van een spel, maar bij Tropical Freeze kan je bijna niet anders. De HD-kuur heeft de Donkey Kong Country-reeks deugd gedaan en het spel ziet er uit als een interactieve cartoon die weggelopen is uit de animatiestal van Pixar. De verhoogde resolutie valt meteen op, maar ook de framerate van zestig beelden per seconde zorgt voor vloeiende animaties. De aandachtstrekkers van dienst zijn echter de interactieve omgevingen die er werkelijk prachtig uitzien. Elke wereld heeft een bepaald thema zoals windmolens, de savanne of een fruitfabriek. Tijdens het spel worden omgevingen letterlijk voor je neus opgebouwd. In een level met een mijnkarretje in een houtzagerij spuwen zaagmachines platforms uit waarop je moet springen of in de fruitfabriek worden fruitschillen voor je neus getoverd waar je in zeven haasten op moet springen. Het omgekeerde gebeurt ook en platforms verdwijnen vliegensvlug voor je neus, terwijl je er op rekende om erop te landen. Tropical Freeze is platforming op het scherpst van de snee!

De graphics worden misschien nog wel overtroffen door een magnifieke soundtrack van David Wise. Liefhebbers van de originele Donkey Kong Country-trilogie uit de jaren negentig zullen hem nog wel kennen als de componist die verantwoordelijk is voor de muziek van de twee eerste DKC-games en heeft daarmee een cultstatus verworven. Spelontwikkelaar Retro Studios vroeg aan Wise om ook een soundtrack voor Tropical Freeze te componeren. Wise heeft bijna het onmogelijke gedaan en heeft de buitengewoon hoog gespannen verwachtingen helemaal overtroffen. Bijna elk muzieknummer in een level is namelijk een oorwurm die je verlatingsangst bezorgt wanneer het einde van het level nadert. De savanne heeft vrolijke muziek zoals het allereerste level van deze wereld dat je een Lion King-gevoel bezorgt. Ik heb het level onmiddellijk opnieuw gespeeld door de prachtige combinatie van vrolijke muziek en schitterende opbouw van dit level. Wise heeft ook enkele nummers uit het verleden geremixt met als hoogtepunt Aquatic Ambiance dat nog steeds hetzelfde therapeutische effect heeft als vijfentwintig jaar geleden.

Mission statement
Tropical Freeze is een vervolg op de Wii-game Donkey Kong Country Returns dat de reeks na anderhalf decennium terug nieuw leven in bloes en gaat verder op deze fundamenten. Dat betekent dat je de logge gorilla Donkey bestuurt met daarnaast een nevenpersonage. Je kan kiezen uit Dixie, Diddy of Cranky die elk een eigen power-up hebben om je te helpen. Dixie kan met haar paardenstaart eventjes naar omhoog zweven, terwijl Cranky met zijn wandelstuk kan pogoën op anders onbereikbare plaatsen zoals doorns en stekels. In praktijk zal bijna iedereen standaard Dixie kiezen als tweede personage aangezien zij het meeste helpt bij de platformperikelen. Want die perikelen zijn er in overvloed. 

Retro Studios heeft namelijk als mission statement genomen dat ze een 2D-platformer ontwikkelen die moeilijk, maar genietbaar is. Dat was al merkbaar bij DKC Returns, maar bij Tropical Freeze hebben ze het gaspedaal helemaal ingeduwd en het spel is best moeilijk te noemen. Het gebeurt namelijk bijna bij elk level dat op arbitraire moment er erg moeilijke stukken zijn ingebouwd. Meeste gamers waarderen wel een uitdaging, maar bij het merendeel van deze momenten bekruipt mij het gevoel dat het gaat om contra-intuïtief spelontwerp gaat. Op momenten wanneer dat je denkt dat je moet springen is er een platform aanwezig, maar wanneer je net aankomt verdwijnt het voor je neus. Of een ideaal pad dat is gemarkeerd, maar wanneer je dat volgt word je geheid geraakt door rotsblokken. Er zijn ook levels waar je bijna een waarzegger moet zijn om te voorspellen waar platforms wel of niet opduiken.

Soms is geduld geen schone deugd
Een level uitspelen heeft dan niks meer te maken met vaardigheden, maar is een testsessie geworden van je geduld en volharding om verder te geraken met behulp van trial and error. Het voelt soms toch net iets te veel aan als dat de speldesigners van Retro Studios mind games spelen met jou als slachtoffer. Er waren ook meer dan genoeg keren dat ik iets twintig keer opnieuw moest proberen, maar dan was het mijn eigen fout en het zijn deze momenten die me het meeste speelplezier bezorgden. Denk maar aan levels waar het tempo vaststaat zoals de levels met mijnkarretjes of wanneer je Rambi de neushoorn bestuurt. Deze levels voelen het eerlijkst aan en zijn daarom ook het leukst om te doen.

De meeste 2D-platformers zijn bedoeld om snel te spelen – bij Tropical Freeze is bijvoorbeeld ook een time attack modus aanwezig wanneer je een level afrondt – maar het ritme in deze game is soms snel, maar soms ook tergend langzaam. Sowieso is Donkey een log personage en daarom niet vergelijkbaar met andere kwikzilveren platformhelden zoals Rayman of Sonic. Dat is een kwestie van gewenning, maar het is opnieuw het contra-intuïtieve spelontwerp dat een schaduw werpt op de plezierfactor van Tropical Freeze. Levels dagen je namelijk uit door verscheidene platforms die op verschillende snelheden opereren en waar je dus niet even snel door raast. Het is een gekende mechaniek om platformgames moeilijker te maken, maar bij Tropical Freeze wordt dat al vanaf de tweede wereld toegepast zodat de game trager aanvoelt dan dat ie in werkelijkheid misschien is.

Rollebollen
De besturing van Donkey Kong verloopt vlot en er is weinig op aan te merken, op uitzondering van één move. Het rollen en slaan op de grond gebeurt namelijk met dezelfde knop (B) en daardoor ben ik meer dan eens een ravijn ingekukeld omdat ik wilde slaan op de grond, maar dan wel vrolijk in een ravijn rolde omdat ik onbewust nog het pookje van de joystick aanraakte. En een goede besturing is onmisbaar bij de bazen van elke wereld die tactische veldslagen leveren met de Kongs. Elk baasgevecht bestaat uit drie rondes waar de kunst van patroonherkenning winst oplevert. Deze gevechten zijn echter niet gemakkelijk en de bazen kunnen bij momenten onvoorspelbaar gedrag vertonen. Verwacht dus dat je elke baas een paar keer – tot misschien zelfs tien keer of meer – gaat bevechten vooraleer je verder mag naar de volgende ronde. Deze gevechten kennen geen checkpoints en dat betekent dus helemaal vanaf nul herbeginnen…

Het mission statement van Retro Studios indachtig richt deze game zich voornamelijk op de hardcore platform gamer en het moet wel gezegd worden dat eens je beter wordt in het spel het ook een stuk leuker wordt om te spelen. Je weet namelijk wat je kan verwachten en de (ongewenste) verrassingen zoals verdwijnende platformen of plots opduikende vijanden beginnen minder een probleem te vormen. De vraag is echter of je eerst vijftien tot twintig uur in een platformspel wil stoppen om het maximale eruit te halen. Voor de echte liefhebber is dit wellicht geen probleem, maar voor de gemiddelde gamer is dat misschien toch net iets te veel van het goede.

Met z'n tweetjes
Als je besluit om veel moeite in Tropical Freeze te stoppen, krijg je wel een heleboel terug. In de eerste plaats de lonende ervaring om zonder veel problemen door een level te razen wat bij het begin ontbreekt. Maar je krijgt ook extra content aangeboden met geheime uitgangen en nieuwe levels die beschikbaar worden als je alle KONG-letters in een wereld verzamelt. Deze levels geven de moeilijkheidsgraad nog een extra boost en testen je platformvaardigheden helemaal. Mocht je dit ook uitspelen, krijg je een hard mode die je het leven nog moeilijker maakt. Voordeel van deze spelmodus is wel dat je nu met één van de drie andere personages kan spelen: Dixie, Diddy of Cranky. Iets wat volgens mij bij het begin van het spel onmiddellijk beschikbaar moest zijn.

Er is wel een manier om één van deze drie personages vroeger beschikbaar te maken en dat is door in co-op te spelen. De tweede speler bestuurt dan één van de drie overgebleven personages. Tropical Freeze is met één persoon al niet gemakkelijk, maar met twee wordt het nog moeilijker omdat je snel het overzicht verliest als je beide niet op dezelfde snelheid door een level dendert. Het helpt ook niet dat je in co-op twee levens per spelbeurt verliest. Moeilijke levels kunnen dan wel erg snel een game-over scherm opleveren.

Besluit
Tropical Freeze balanceert door zijn moeilijkheidsgraad op de losse draad van frustrerend enerzijds en uitdagend anderzijds. Die moeilijkheidsgraad is echter meestal ingegeven door – wat ik noem – contra-intuïtief spelontwerp waar je gestraft wordt voor acties die op het eerste gezicht logisch lijken. Dat deed de balans eerder naar frustratie dan spelplezier neigen en dat is erg jammer want de wereld van Tropical Freeze zit echt wel verdomd goed in één. Wanneer je als platformliefhebber de tijd en moeite neemt om door deze zure appel te bijten, krijg je echter het spelplezier in tienvoud terug. Als je geen liefhebber bent van deze trial and error aanpak, kan je je portie geduld beter voor iets anders reserveren.




zaterdag 2 januari 2021

The Legend of Zelda: Link's Awakening review voor Nintendo Switch

De Nintendo Switch is een groot succes voor Nintendo nadat de vorige console - de Wii U - op een financieel debacle eindigde. Aangezien het Nintendo's minst verkochte console ooit is, biedt dat wel het voordeel om het assortiment van spellen integraal over te pompen naar de Switch. Gek genoeg haalt Link's Awakening zijn mosterd bij een veel ouder broertje: de roemrijke Game Boy.

Chibi Link
Mijn allereerste Nintendo-console was er eigenlijk geen: het was de draagbare Game Boy. Deze handheld heeft inmiddels een legendarische status bereikt en mijn exemplaar kostte toen 3200 Belgische frank, maar werd wel samen met Tetris en Link's Awakening verkocht. Aan het legendarische puzzelspelletje Tetris heb ik uren versleten, maar voor Link's Awakening toonde ik veel minder liefde. Ik kwam toen al vast te zitten in de tweede kerker en het internet had nog een jaartje of drie, vier nodig om echt door te breken. Oplossingen zoeken in walkthroughs zat er dus nog niet in. De liefde voor de Zelda-serie kwam er wel met de Nintendo 64-klassieker Ocarina of Time en sindsdien ben ik grote fan van de serie. De remake op de Switch geeft me dus de kans om alsnog te genieten van dit digitale avontuur.

De stap van een 8-bit handheld met monochrome kleuren naar een HD-toestel is wel erg groot, maar spelontwikkelaar Grezzo heeft een geweldig resultaat afgeleverd met deze remake. Met name de grafische stijl is er lichtjaren op vooruitgegaan, al zal misschien niet iedereen deze update waarderen. Grezzo past namelijk een soort van chibi-stijl toe waar de personages met een klein lichaam en veel te groot hoofd rondlopen in een diorama-omgeving. Vooral wanneer je met Link binnenwandelt in een huis lijkt het alsof je een kijkdoos bezichtigt. Deze stijl valt nog het best te vergelijken met claymation à la Wallace and Gromit. 

Wij zoeken oplossingen
Deze grafische stijl komt helaas niet zonder nadelen. Omwille van één of andere bizarre reden heeft Grezzo de randen wazig gemaak waardoor de kijkhoek op het scherm kleiner wordt. Vooral bij het begin heb ik me hieraan gestoord. Deze stijl lijkt ook het uiterste te vragen van de Switch, want dalingen in de framerate komen af en toe voor. Voornamelijk de gebieden met wat extra toeters en bellen in de grafische effecten zoals het woud zorgen voor deze daling. Het gebeurt niet erg frequent, maar is wel waarneembaar. 

Een Game Boy-spel beschikt uiteraard over een heleboel beperkingen, maar Grezzo heeft de meeste van deze beperkingen op een gracieuze manier opgelost. In het origineel scrollde je van scherm naar scherm, terwijl je op de Switch een volledige wereld krijgt gepresenteerd. Ook de beschikbaarheid van amper twee knoppen op de Game Boy is aangepakt en nu hebben enkele items zoals het zwaard, schild en Pegasus-boots om te rennen een eigen knop gekregen. Met andere woorden: nu vertoef je veel minder in het pauzescherm om van item te wisselen. Hier en daar heeft Grezzo het leven van de speler ook wat gemakkelijker gemaakt. Breekbare muren vertonen nu bijvoorbeeld barsten terwijl dat op de Game Boy niet mogelijk was. Het blijft echter bij zeer kleine aanpassingen en het is markant hoe natuurgetrouw deze remake blijft aan het origineel.

Volwaardig avontuur
De vraag van zestig euro is of dit wel een volwaardig spel is aangezien de roots van Link's Awakening zich bevindt op een draagbare spelcomputer. Link's Awakening is vast en zeker een volwaardig spel, want het is echt verbazingwekkend hoeveel inhoud er destijds in die cartridge is gepropt. De spelwereld van Koholint Island zit boordenvol met diverse gebieden en is bovendien erg compact wat het pendelen tussen de gebieden vergemakkelijkt. De acht kerkers zitten goed in elkaar en vanaf de vierde kerker gaat de moeilijkheidsgraad gevoelig naar omhoog. 

Deze remake is dus erg getrouw gebleven aan het ontwerp van het origineel wat betekent dat het de beperkingen van het spelontwerp mee overerft. De kerkers missen de complexe omgevingspuzzels van de latere 3D-games en concentreert zich meer op het vinden van sleutels. De Zelda-reeks heeft altijd in het teken gestaan van exploratie en puzzels, maar bij Link's Awakening gebeurt dat nog net een stukje meer dan bij andere titels. De complexiteit schuilt dus voornamelijk hierin en met name de twee laatste kerkers zijn goede voorbeelden van hoe je op een ingenieuze wijze een kerker ontwerpt. 

Eigenzinnige Link
Naast de kerkers weet Link's Awakening zich te onderscheiden van de andere titels in de serie door zijn eigenzinnige aanpak. Het spel werd in de begindagen van de reeks uitgebracht en nog niet alle conventies van de reeks waren toen vastgelegd. Zo zie je dus een heleboel personages uit het Mario-universum opduiken en zijn er ook kleine segmenten waar het topdown-perspectief overschakelt naar een 2D zijaanzicht met korte platformstukjes. Toch wel een curiositeit dat we sindsdien niet meer hebben gezien in de Zelda-reeks. 

Het spel is niet Link's grootste avontuur, maar de ongeoefende speler haalt hier toch nog gemakkelijk twintig uur uit om alles te ontdekken. Meestal is het net een tikkeltje eenvoudiger en compacter dan andere avonturen omwille van de beperkingen op de Game Boy, maar soms is het toch goed zoeken om iets te ontdekken zoals een sleutel die plots in een put valt of bestaat de uitdaging erin om je op de juiste manier te oriënteren zoals de zevende kerker die je op dit vlak erg veel vrijheid geeft maar eveneens desoriënterend is. 

Extra feature
Om de levensduur wat te verlengen, zijn er ook extra dingen in deze Switch-editie toegevoegd. Je kan nu meer schelpen verzamelen die soms erg goed zijn verborgen en er is ook een toepassing om je eigen kerkers te ontwerpen. Deze laatste feature is geïnspireerd op Super Mario Maker, maar op veel beperktere schaal. De kamers die je ontwerpt zijn namelijk gebaseerd op de kamers die je aantreft in elke kerker waardoor een eigen ontworpen kerker transformeert in een wirwar van ongeschikte kamers. Elke kerker in dit spel kent een eigen thema, maar dat gaat helemaal de mist in wanneer je kamers van verscheidene kerkers aan elkaar haakt waardoor deze feature toch gedeeltelijk de mist in gaat.   

Een aspect wat toch ook zeker aandacht verdient, is de muziek wat bij Link's Awakening een centrale plaats inneemt. Als speler dien je namelijk acht muziekinstrumenten te verzamelen om de windvis wakker te maken. Sommige deuntjes zijn erg aanstekelijk zoals de ballade van de windvis. De muziek is grotendeels een remix van de 8-bit deuntjes uit het origineel en zijn een klein feest voor het oor. De beroemde Overworld theme neurie ik al in mijn gedachten mee als ik het hoor en ook de aparte mix van gemiauw en geblaf in Animal Village is heerlijk abstract. De meest aanstekelijke oorworm is wellicht de muziek van de zesde kerker dat zich moeiteloos kan meten met het beste muziekwerk dat uit een Zelda-game is gekomen. 

Azijn pissen
Buiten de beperkingen van het originele Game Boy-spel - die bewust mee zijn opgenomen - in deze remake kan ik weinig nadelen terugvinden of ik moet doen aan pure azijnpisserij zoals de controles die niet volledig digitaal zijn en soms daardoor wat onnauwkeurig. Mijn grootste kritiek is misschien wel juist om deze game natuurgetrouw na te maken in een remake. Een nieuw spel gebaseerd op Link's Awakening, maar met nieuwe ideeën, ontwerpen en spelwereld zoals A Link between Worlds zou persoonlijk veel meer op mijn enthousiasme mogen rekenen. Het leidt geen twijfel dat Link's Awakening een zeer goed spel is, maar aan het spelontwerp is wel duidelijk dat dit soms een gedateerd spel is. En misschien wel de grootste schande van allemaal is de prijs. Nintendo vraagt een nieuwprijs waar andere bedrijven een budgetprijs vragen voor een remake. De vraag is dus of je zestig euro wil spenderen aan een remake van een 25 jaar oud Game Boy-spel...

Besluit
Link's Awakening is één van de leukere 2D-avonturen in de Zelda-reeks en de remake op de Switch maakt een goede game alleen nog maar beter. De grafische stijl is een pezier om naar te kijken, maar kent wel enkele kleine technische onvolmaaktheden. Het ontwerp en architectuur van de kerkers is naar huidige maatstaven soms wat gedateerd, maar nog altijd wel een toonbeeld van creativiteit. Het enige grote minpunt is toch de prijs die aan de hoge kant ligt voor een remake. 

vrijdag 25 december 2020

Dit was 2020 in film

Tja...
De vorige jaren werd Netflix bij de Oscars straal genegeerd, maar dat zal dit jaar totaal geen sprake van. Niet dat de heren en dames van de kiescommissie van de Oscars plots een totaal andere mening hebben over de streaminggigant, maar simpelweg omdat het bioscoopbezoek dit jaar letterlijk gedecimeerd is. De wereldwijde pandemie heeft filmzalen maandenlang gesloten houden en wanneer ze in de zomer terug open waren, kwam er bijna niemand kijken. De tweede lockdown is voor veel onafhankelijke zalen een voordeel bij een nadeel. 

Voor mij betekende dit dat ik tot en met februari nog wel regelmatig een filmpje meepikte, maar vanaf maart heb ik tussendoor slechts één film gezien: Tenet. Aangezien ik dit jaar zo weinig films heb bekeken, volgt er een minibeoordeling per film.

Beoordelingen

1917
Beoordeling: Goed
Recensie: Dit is een oorlogsfilm die de heldhaftige epiek van de oorlogsstrijd laat varen voor een solitaire opdracht waar twee soldaten een brief moeten overhandigen aan een bevelhebber om een nieuwe veldslag te voorkomen. Deze film weet vooral te scoren met de geweldige cinematografie waar het lijkt alsof alles in één opname is gebeurd. Daardoor leef je als kijker mee met de lotgevallen van het duo. Soms een beetje zeemzoet, maar wel sterk over de gehele lijn.


JoJo Rabbit
Beoordeling: Goed
Recensie: De Nieuw-Zeelande acteur en regisseur Taika Waititi timmert hard aan de weg met als voorlopig magnum opus JoJo Rabbit. Dit is een film met het duistere concept dat een jongentje Adolf Hitler heeft als denkbeeldig vriendje, maar is wel erg lichtvoetig uitgevoerd met hier en daar een donkere ondertoon. Waititi schittert als Adolf Hitler, maar wordt van het scherm gespeeld door een nog excentriekere Sam Rockwell als Captain K. Een tikkeltje melancholisch, met daarop ook het gevaar om het nog steeds gevoelige onderwerp van Wereldoorlog II te bagatelliseren.

Parasite
Beoordeling: Goed
Recensie: De verrassende Oscarwinnaar van 2020 en daarmee de eerste buitenlandse prent die hierin slaagt. De film is zonder meer goed te noemen, net zoals 1917 in dezelfde categorie valt. De film moet het vooral hebben van zijn verrassingseffect ongeveer in het midden en wijzigt van ludieke feelgood movie langzaam naar een thriller met dank aan de sublieme acteerprestaties van de hoofdrolspelers. Mijn verwachtingen waren net een tikkeltje te hoog gespannen voor Parasite, maar het is ontegensprekelijk één van de beste films in de recente geschiedenis.

Tenet
Beoordeling: Matig
Recensie: Christopher Nolan is één van mijn favoriete regisseurs omdat hij graag intelligente films maakt, maar met Tenet gaat hij toch (gedeeltelijk) de mist in. Het concept deze keer is dat niet mensen reizen door de tijd, maar objecten waardoor een aaneenschakeling van acties eigenlijk hetzelfde gebeurt. Het script zal ongetwijfeld sterk in één steken, maar als kijker komt het vooral over als een kluwen van willekeurige scènes. Dat is nog te vergeven als andere aspecten goed zitten, maar ook die verdwijnen in een moeras van middelmatigheid: overdrijvende acteurs, loeiharde soundtrack, weinig suspens in de plot en een onoriginele cinematografie. Ik had beter verwacht. 

Nieuwe films die enkel op een streamingkanaal verschijnen, tellen dit jaar uitzonderlijk ook mee voor de Oscars, dus tel ik bij mijn lijstje ook twee films die dit jaar op Netflix zijn verschenen.



The Old Guard
Beoordeling: Slecht
Recensie: Alweer een film gebaseerd op een comic, maar deze keer niet het superheldenwerk van DC Comics of Marvel. Een groepje van onsterfelijke huurlingen strijdt voor de goede zaak. Het klinkt als een interessant concept, maar de film weet op geen enkel moment te boeien. Er zitten één erg sterke scène in deze film, maar de rest is een vergeetbare ervaring. Het mist de immersie die de andere blockbusters wel hebben en neemt zichzelf (te) serieus. Men ging hier voor een grauwe film met als eindresultaat dat alles grauw is en daar word je als kijker niet gelukkiger van.

Mank
Beoordeling: Matig
Recensie: Dit kan je een typische Oscar-kandidaat noemen. Gary Oldman speelt Mank die volgens de film de echte auteur is van het script van Citizen Kane, officieus bestempeld als de beste film ooit. Deze biopic verkent het leven van Mank voor, tijdens en na zijn periode wanneer hij het script heeft geschreven. Oldman haalt zijn gebruikelijke niveau, maar het is wel zo dat deze film heel erg hard drijft op de dialogen en daardoor (erg) traag is. Regisseur David Fincher heeft zijn ziekelijke zin voor perfectie losgelaten op deze film waardoor er op cinematografisch vlak niks valt op te merken, maar het is een film die duidelijk verdeeldheid zaait. Ik heb er grotendeels van genoten, maar het duurde toch wat te lang naar mijn zin. 

donderdag 24 december 2020

De twintig mooiste wandelroutes in 2020 (deel twee)

Het tweede deel van mijn beste wandelingen van 2020 is een mix van wandelingen op Madeira, enkele avontuurlijke wandelingen in België en een bezoekje aan de prachtige streek van Klein-Zwitserland. Een bijzondere vermelding verdient de website van Originele Wandelingen die met zes wandelingen in de top tien de onbetwiste hofleverancier is van dit topassortiment aan wandelingen.

10. De Wilde Vallei van de Hermeton

De streek van de Semois in de omgeving van Bouillon vind ik persoonlijk het mooiste wandelgebied van België en het herbergt ook verborgen parels zoals de wilde vallei van de Hermeton. De Hermeton is de eerste bijrivier van de Maas op Belgisch grondgebied en dit riviertje heeft een rotsachtige vallei uitgehouwen door al die jaren. Het is een plezier om naast de rotsachtige paden naast de Hermeton te wandelen. Het hoogtepunt - en dat mag je letterlijk nemen - van deze wandeling zijn echter verscheidene klimtouwen die aan bomen zijn gespannen en die je kan gebruiken om naar boven te stappen. Dat is soms nodig, want de hellingen kunnen behoorlijk steil zijn. Het doet me wat denken aan de wandeling in Boninne, maar dan nog wat avontuurlijker. De eerste helft van deze wandeling is verrassend intensief, maar gelukkig kon ik uitblazen gedurende de tweede helft. 

9. Oude Steengroeven langs de Amblève

Op de site van Originele Wandelingen zijn er drie routes beoordeeld met vijf blokjes, de hoogste moeilijkheidsgraad, en dit exemplaar is daar één van. Met name de afdalingen zijn hier niet zonder gevaar en door een foutieve interpretatie van de GPX-coördinaten balanceerde ik letterlijk op de afgrond wanneer ik me op een klif begaf die tientallen meters naar beneden gaat. En uitgerekend op dit gedeelte maakte ik een uitschuiver... Gelukkig liep het allemaal goed af, maar het hoeft dus geen betoog dat dit een avontuurlijke route is en dat is ook de reden waarom deze wandeling zo hoog prijkt bij dit overzicht. Op deze wandeling duikt er ook een verrassing op, want midden in de bossen bevinden zich de ruïnes van een kasteel dat honderden jaren geleden was vernietigd. 

8. Het Land van de Bevers

In de omgeving van Achouffe zijn er rond de millenniumwwisseling een aantal bevers uitgezet en twintig jaar later hebben die een klein imperium aan vastgoed gebouwd in de waterlopen van deze regio. Deze wandeling verkent deze beverdammen en daarvan zie je er bijna letterlijk tientallen. In het begin gaat het nog om beken die vlot te bewandelen zijn tot aan het punt van brouwerij Lachouffe. Dit is het keerpunt en hier neemt de wandeling een meer wilde en ongerepte vorm aan. Het rotsachtige parcours is erg geaccidenteerd door de bouwwerken van de bevers. Het koninginnestuk is echter een passage naast de Ruisseau du Pré Lefèbre wat het meest stukje ongerepte natuur is dat ik in België tot dusver ben tegengekomen. Deze vallei is quasi onder water gezet door Bert Bever & co en daarom een ongeëvenaarde - en soms hachelijke - onderneming om dit stuk te passeren. Maar een grotere natuurpracht zal je zelden tegenkomen in België.

7. Grand Site de la Boucle de l'Ourthe

De meest avontuurlijke route die ik dit jaar heb gewandeld is ongetwijfeld de Grand Site de la Boucle de l'Ourthe in de buurt van Esneux. Dat is te danken aan twee zaken: een ontzettend steile klim van soms zeventig procent naar Rocher aux Faucons die me erg veel krachten kostte en een al even steile daling naar beneden enkele kilometers later. Ervoor en erna stond ik in de wei met enkele koeien, loop ik door een beekvallei met een sterke daling en improviseer ik me een weg midden in een kloof dat zich in een bos bevindt. Veel avontuurlijker dan dit wordt het niet. De hellingsgraad bij de Rocher aux Faucons is zelfs zo steil dat je je kan afvragen of dit nog wel wandelen is, want een klein beetje gek moet je toch wel zijn om de helling op deze manier te beklimmen. Onderweg is er gelukkig nog voldoende materiaal om te genieten zoals een deugddoende passage langs de Ourthe en het schitterende uitkijkpunt bij Rocher aux Faucons. 

6. Het schiereiland São Lourenço

In mijn vakantie op Madeira was het opvallend rustig bij de wandelingen die ik deed. Er was telkens wel een groepje mensen aanwezig, maar verre van de hoogtijdagen die ze op Madeira in Coronavrije tijden beleven. De spreekwoordelijke uitzondering hierop was het het schiereilandje São Lourenço dat op het meest noord-oostelijke punt is gelegen van Madeira. Dit is een vulkanisch stukje van Madeira waar de wandelaar wordt getrakteerd op prachtige kliffen, mooie rotspartijen, een fraaie baai en op het einde wacht er nog de plaatselijke top die 160 meter hoog is en uitzicht biedt op twee eilandjes die zich vlak voor de kust bevinden. De wandeling is slechts drie kilometer lang en gaat over dezelfde weg terug en bestaat bovendien enkel uit een vulkanisch landschap, maar deze kleine pretbedervers wegen niet op tegen al het moois dat dit gedeelte van Madeira te bieden heeft.

5. De Muziekberg

Deze top twintig wordt voornamelijk bevolkt door wandelingen in het buitenland of de Ardennen, maar af en toe duikt er ook een parel op uit de Vlaamse regio. Dit is zo'n exemplaar, hoewel de naam is ontleend van onze Waalse buren: de Vlaamse Ardennen. Dit is een heuvelachtige regio in Oost-Vlaanderen waar zich onder andere de Muziekberg  bevindt. Deze "berg" doet aan de Ardennen denken met een uitgestrekt naaldbos en een beekvallei, maar het is vooral het stuk erna dat me aangenaam wist te verrassen. Kleine paadjes in niemandsland die door de tijd vergeten zijn, een kleine tunnel amper die naam waardig en als kers op de taart enkele kunstwerken die wandelpaden opfleuren. Misschien wel de meest originele wandeling die ik dit jaar heb gedaan.  

4. De Watervalroute in de Blauwe Ardennen

De Blauwe Ardennen is geen officiële regio, maar is een verzamelnaam van een aantal gemeenten in de omgeving van de Hoge Venen waar er veel waterlopen zijn en enkele mooie watervallen zoals die van Spa. Dit vind ik één van de mooiste regio's in België om te bewandelen en deze wandeling is een aaneenrijging van hoogtepunten. De route naar de waterval van Bayehon is leuk om te doen en ook de waterval zelf is leuk om te bekijken. Daarna gaat het door een vallei en kloof met hier en daar een pittige afdaling en stijging. Onderweg zijn er tal van bezienswaardigheden zoals een steengroeve, het stuwmeer van Robertville en het kasteel Reinhardstein. Het bijzonder diverse landschap maakt van deze wandeling één van de beste totaalervaringen die ik dit jaar heb gehad op het gebied van wandelen. 

3. Felsenweg 1 in Klein-Zwitserland

Klein-Zwitserland is voor mij geen onbekende streek aangezien ik hier regelmatig als jonge knaap op vakantie was. Toch was de Felsenweg 1 een erg aangename (her)ontdekking van deze prachtige streek in de nochtans niet zo fraaie decemberperiode. Felsenweg betekent vrij vertaald rotsenweg en dat is wat je op deze route mag verwachten. De zandstenen rotsformaties zijn een feest voor het oog met enkele knappe attractiepleisters onderweg zoals de grotten van Hollhay en enkele kloofjes zoals de Wollefsschlucht en Labyrinth. Vooral de passage tussen Echternach en de grotten van Hollhay is schitterend. Deze beekvallei verdient het predikaat 'schilderachtig' zonder meer. Dit stuk is wel vrij toeristisch, maar dat is het enige nadeel op een anders schitterende route. Op het gebied van landschappen is deze wandeling een echte topper.



2. Het Graf van de Reus

Het Graf van de Reus in de buurt van Botassart is één van de beroemdste uitkijkpunten van de Ardennen en België, maar op de site van Originele Wandelingen hebben ze er ook een erg knappe wandeling van gemaakt. Wat deze wandeling zo bijzonder maakt, is dat het zowat elk element bevat dat je op een avontuurlijke wandeling kan verwachten. De Semois wordt twee keer doorwaad, de erg sportieve laddertjeswandeling van Rochehaut zit er mee in, er zit een stuk 'bushcrafting' in wanneer je door een verloren gewaande kloof ploetert, bos en open landschap worden regelmatig afgewisseld en de vele (steile) beklimmingen zorgen voor erg knappe uitzichtpunten over de omgeving. Ondanks het toeristische karakter van deze plek viel het aantal wandelaars - op uitzondering van de laatste klim - eigenlijk erg goed mee. Door de nodige hoogtemeters en het geaccidenteerde parcours geen eenvoudige wandeling, maar misschien wel Belgiës mooiste!

1. PR1: Vereda do Areeiro - Pico Ruivo

Hoe mooi de andere wandelingen dit jaar ook waren, over het nummer één was er nooit bij mij enige twijfel. Dat is namelijk de PR1-wandeling op Madeira die gaat van Vereda do Areeiro naar Pico Ruivo. Of anders gezegd: van de derde hoogste top van Portugal naar de hoogste top van Portugal. Die eer heeft het te danken aan één ding en één ding alleen: de ongelofelijk fantastische panorama's. Dat begint al bij de Vereda do Areeiro waar een groot, lelijk bezoekerscentrum is gebouwd, maar dat is al snel vergeten wanneer je het wolkendek ziet net onder deze top. Als wandelaar ben je hier dus letterlijk in de wolken. Het begin van de wandeling is een aaneenschakeling van ooh's en aah's wanneer er na elke bocht weer een ander fantastisch panorama schuilt. Is het over het imponerende Nonnendal, de prachtige wolkenformaties of de sublieme bergen die je onderweg tegenkomt, monden vallen iedere keer open van verbazing. Er zitten ook enkele idyllische scènes in deze wandeling zoals een soort van 'luchtbrug' wanneer het pad erg nauw wordt, terwijl er links en rechts een ellenlange leegte gaapt. Er is ook een steile trappendaling naar beneden die je zo naar de onderwereld lijkt te brengen. De Pico Ruivo - letterlijk vertaald Rode Top - doet daar nog een schepje bovenop met een zelden gezien landschap van rode ondergrond. Aankomen dwaal ik door een dikke, haast mystieke mist om de ervaring helemaal compleet te maken. De wandeling zelf is sportief, maar niet buitensporig. Je kan het zeker niet vergelijken met de sportieve wandeling van het Graf van de Reus, maar dat maakt het dus dubbel en dik goed met de mooiste vergezichten die ik dit jaar heb gezien. 

maandag 14 december 2020

De twintig mooiste wandelroutes in 2020 (deel één)

Twintigtwintig, het klinkt als een magisch getal, maar dit jaartal zal de geschiedenisboeken ingaan als één van de meest miserabele jaren van de laatste eeuw door de uitbraak van Covid-19, of Corona voor de vrienden. Wijlen Johan Cruyff zei dat elk nadeel zijn voordeel heeft en dat is ook bij deze virale uitbraak het geval. Door het verplicht thuiswerken, quarantaine, samenscholingsverbod en wat nog allemaal zijn nog nooit zoveel mensen aan het wandelen geslagen. Ook ik ben regelmatig gaan wandelen, zelfs in die mate dat ik moeiteloos een top twintig kan maken. Daarom het eerste deel van mijn top twintig van mijn wandelavonturen van 2020.

20. Van Titisee naar Nortschrei (Westweg)

Deze zomer deed ik een trekking van de Westweg door het Zwarte Woud en dat riep toch gemengde gevoelens op. Een etappe die echter uitblonk was de vierde etappe van Titisee naar Nortschrei en dat is eigenlijk maar aan één ding te danken: de beklimming van de Feldberg. De Feldberg is de hoogste berg van het Zwarte Woud en de beklimming van deze berg was mijn meest alpijnse wandelervaring van dit jaar. De klim naar de top met een loodzware backpack was wel vermoeiend, maar werd wel opgefleurd met kleine paadjes, knuppelpaden, een rotsachtig parcours en af en toe boomwortels op het pad. En mijn meest avontuurlijke klim van 2020 levert deze wandeling plek twintig op in deze lijst. 








19. PR6: Vijfentwintig fonteinen en Risco waterval
In september ben ik op vakantie geweest naar Madeira en dit paradijselijke eiland voor de kust van Afrika is beroemd omwille van zijn levada's, kleine irrigatiekanalen dat het regenwater naar de lager gelegen dorpjes aan de kust brengt. De PR6 is beroemd omwille van een idyllisch plekje waar vijfentwintig kleine fonteinen - eigenlijk watervalletjes - samenkomen. Deze plek lijkt zo weggelopen te zijn van een sprookjesverhaal en ziet er wonderschoon uit. De wandeling zelf in 's werelds grootste laurierbos was niet super, maar dat was deze plek dus wel. Als toemaatje is er ook nog de hoge Risco waterval, maar die kende in september eerder een bescheiden debiet.

18. Bossen langs de Aisne
Dit is een eerder gemakkelijke wandeling afkomstig van de website Originele Wandelingen, mijn primaire bron van wandelplezier. Je kan deze wandeling beschouwen als een soort van best of van wat de Ardennen te bieden heeft: fraaie beekjes, prachtige rotsformaties, dichtbegroeide bossen, open landschappen vanaf een plateau en ook sterke afdalingen. Er is niet één aspect dat er echt uitspringt, maar als geheel is het niet te versmaden. 

17. In de valleien van de Ninglinspo en Chefna
De Ninglinspo is het enige bergriviertje in België en wordt zeker in deze tijden overrompeld door wandelaars. Ik ben er naartoe gegaan voor de grote drukte en dan is het wel dubbel genieten van de fraaie watervalletjes en vallei die je hier aantreft. De Chefna is dan wat minder bekend, maar deze beek is ook een mooi decor om langs te wandelen. Samen vormen ze een mooi dubbelpakket als je door een beekvallei wil wandelen. 

16. Van Haldenhof naar Kandern (Westweg)
De tweede en laatste etappe van de Westweg in dit lijstje gaat over twee toppen: de Belchen en Hochblauen. De klim naar de top van eerstgenoemde evenaarde bij momenten het alpijnse karakter van de Feldberg, maar als beloning wachtte op mij het mooiste panorama van mijn hele trekking. Een dikke twintig kilometer verder was er de beklimming van de Hochblauen die wat gemakkelijker verliep, maar ook een erg fraai panorama opleverde. Ongetwijfeld de meest deugddoende dag van mijn trekking door het Zwarte Woud. 

15. De vallei van de Our
Het eerste uur van deze wandeling liep ik me vooral te frustreren omdat de GPX coördinaten voor geen meter klopte en ik steeds hopeloos verloren liep. Na dat uur ben ik min of meer mijn eigen weg gegaan en dan heb ik optimaal van deze omgeving kunnen genieten die verrassend groen is. Deze vallei is gelegen op de grens van Luxemburg, België en Duitsland en is een erg leuke omgeving om te wandelen. Groene stroken worden moeiteloos afgewisseld met een rotsachtige passage langs de Our. Deze streek is erg toeristisch, maar na deze wandeling begrijp ik waarom: dit is simpelweg een leuke omgeving om in te verblijven. 

14. Naar het dak van Vlaanderen
Vorig jaar ben ik al in de Voerstreek geweest en ik wist dus dat dit een prachtige wandelstreek is. Dat heeft deze wandeling opnieuw bevestigd want de groene omgeving van deze streek is een leuke variant op de vele naaldbossen in de Ardennen. Onder het motto kort maar krachtig gaat het hier door groene velden, zompige broekbossen en de mooie vallei van de Vesder. Een mooie amalgaam van wat deze streek te bieden heeft. 

13. Het berggevoel in de vallei van Trôs-Marets en het veengevoel romdom Ferme Libert
Ik noemde de Ninglinspo de enige Belgische bergrivier, maar dat is niet helemaal waar. Ook Trôs-Marets heeft de allure van een bergrivier, maar deze waterloop moet zich helaas een beek noemen. Op deze wandeling daalde ik samen met deze rivier af en dat bezorgde me bij momenten een echt berggevoel wanneer ik de kronkelende waterloop volg over gladde rotsen of wanneer ik op een smal paadje wandel met links een hoog rotsmassief en rechts de beek die tientallen meters lager is gelegen. Het prachtige hoogveen van Négus is de kers op de taart op deze mooie wandeling in de Hoge Venen.








12. Congo aan de Amblève
Deze aparte naam voor een wandeling is toe te schrijven aan Congolese werkkrachten die tientallen jaren geleden een spoorweg hebben aangelegd vlak door een rotsmassief. Deze wandeling gaat dus met andere woorden over een rotsmassief via een smal paadje wat deze wandeling wat avontuurlijker maakt. Het hoogtepunt van deze wandeling is echter de passage langs de Amblève door een verwilderd veld waar de natuur nog de kans krijgt om te groeien en je kan enkel maar met een brede glimlach hier door heen stappen. 

11. Het fraaie grensgebied rondom de Sint-Pietersberg
Deze wandeling is geplaveid met bezienswaardigheden zoals de kerk en fort van Sint Pieter. Dit is ook de streek van de mergel waar je de mergelgrotten kan bezichtigen. Dat heb ik niet gedaan, maar het fraaiste landschap van dit jaar in België (en Nederland) was misschien wel de Encin steengroeve waar ik me zo in Canada waande. De rest van de wandeling is minstens even fraai met leuke passages door verscheidene stukken natuur zoals een bos, het plateau van Caestert en de Oehoevallei.