donderdag 31 mei 2018

Horloges mei 2018

Geen geïnteresseerden
De laatste tussenstand van het dragen van mijn horloges dateert van twee maanden geleden en dan vind ik dat een kleine update wel op zijn plaats is. In de maanden april en mei is het een stuk zonniger geweest dan het begin van het jaar en dan is het ook niet vreemd dat m'n horloges met meer casual look een inhaalbeweging maken zoals de Rado D-Star en de immer populaire Omega Speedmaster Dark Side of the Moon. Ook de Orient FFD0F001W is de laatste weken significant in populariteit bij mij gegroeid. 

Datum Horloge
1/apr Portsea
2/apr Accutron
3/apr SBGA011
4/apr PP 3940
5/apr DSotM
6/apr SBGR083
7/apr Seamaster
8/apr D-Star
9/apr KS
10/apr Portsea
11/apr SBGA011
12/apr SDGM001
13/apr DSotM
14/apr DSotM
15/apr /
16/apr Seamaster
17/apr FFD0F001W
18/apr DSotM
19/apr SBGA011
20/apr D-Star
21/apr D-Star
22/apr D-Star
23/apr SBGR083
24/apr D-Star
25/apr SDGM001
26/apr Portsea
27/apr PP 3940
28/apr PP 3940
29/apr PP 3940
30/apr SBGA011
1/mei SBGR083
2/mei Seamaster
3/mei Portsea
4/mei FFD0F001W
5/mei FFD0F001W
6/mei D-Star
7/mei DSotM
8/mei D-Star
9/mei SDGM001
10/mei D-Star
11/mei FFD0F001W
12/mei SBGA011
13/mei Portsea
14/mei PP 3940
15/mei PP 3940
16/mei DSotM
17/mei Seamaster
18/mei FFD0F001W
19/mei PP 3940
20/mei SBGA011
21/mei D-Star
22/mei SBGR083
23/mei SBGA011
24/mei PP 3940
25/mei PP 3940
26/mei DSotM
27/mei FFD0F001W
28/mei PP 3940
29/mei DSotM
30/mei SBGR083
31/mei SDGM001

In dit lijstje duiken de King Seiko 4502-7010 en Bulova Accutron 214 Spaceview minder op en dat komt omdat ik een beetje uitgekeken ben op deze horloges. De Bulova vind ik net wat te onhandig qua afmetingen en bij de KS ontbreekt de wauw-factor in vergelijking met andere stukken. De Accutron staat in de uitverkoop en als alles goed gaat, vindt dit horloge begin juni een nieuwe eigenaar. De KS heb ik op de veilingsite Catawiki gegooid met een erg redelijke minimumprijs van 250 euro. Althans dat dacht ik aangezien ik een jaartje geleden zelf 365 euro heb betaald. De teller stopte echter bij 170 euro en dat betekent dat deze vintage Seiko (voorlopig) in mijn collectie blijft. 

Als ik dit in een rijtje giet, kom ik tot volgende aantallen:
- Patek Philippe 3940: 10 keer
- Rado D-Star: 9 keer
- Omega Speedmaster Dark Side of the Moon: 8 keer
- Seiko SBGA011: 7 keer
- Orient FFD0F001W: 6 keer
- Melbourne Watch Company Portsea, Seiko SBGR083: 5 keer
- Omega Seamaster, Seiko SDGM001: 4 keer
- King Seiko 4502-7010, Bulova Accutron 214 Spaceview: 1 keer

Waar de Rado bij de vorige telling schitterde in afwezigheid, staat het in deze telling ei zo na aan de leiding. Het ingekorte bandje en zomerse weer zijn daar mede debet aan. De King Seiko blijft onderaan de populariteitsladder staan en het is dus niet vreemd dat ik dit horloge wil verkopen voor een deftige prijs. Ook 'usual suspect' Seiko SBGR083 kent een kleine terugval met slechts vijf draagbeurten terwijl het normaal gezien één van mijn meest gedragen horloges is. Bij de volgende telling is de collectie wellicht gereduceerd tot tien stuks en misschien zelfs meer als ik geïnteresseerde verkopers vind voor de King Seiko en eventueel nog andere horloges. De Deep Blue en Wwoor zijn dus al eerder verkocht en komen dus ook niet meer in bovenstaand rijtje terug. 

zondag 8 april 2018

Anderlecht, c'est Coucke

Fan
Een onderwerp waar ik door al die jaren heen nog geen letter aan heb gespendeerd, is sport. Dat is eigenlijk vrij bizar, want ik ben een groot supporter van RSC Anderlecht. Of beter gezegd: was. Door de hervorming van de competitie met de play-offs een aantal jaren geleden, is de spanning door het reguliere seizoen verwaterd en volg ik de Belgische competitie en Anderlecht sindsdien veel minder. Dat is dit jaar ook zo, hoewel er nochtans erg veel gebeurt bij de Brusselaars. 



Anderlecht staat voor de grootste verandering sinds de intrede van de clan Vanden Stock ruim veertig jaar geleden bij Anderlecht. Roger Vanden Stock wil genieten van zijn oude dag en heeft de club daarom verkocht aan Marc Coucke. Dat heeft natuurlijk gevolgen en het eerste slachtoffer hiervan is Herman Van Holsbeeck. De general manager is overbodig en mag dus van Coucke beschikken. 

Nieuwe baas, nieuwe wetten
Er luidt een algemeen credo dat zegt wanneer er een nieuwe baas is er dan ook nieuwe wetten gelden. Coucke heeft zijn entourage van KV Oostende integraal mee overgenomen en wil hen de belangrijkste posities laten bekleden. Dit betekent dus het exit voor Van Holsbeeck, maar de verstandhouding tussen Coucke en de oud-manager van Anderlecht is op z'n minst koel te noemen. Tijdens de persconferentie van de overname ontnam Van Holsbeeck het licht van de schijnwerpers van Coucke en daar is de eerzuchtige pillendraaier niet gelukkig mee. 



Anderlecht (lees: Coucke) heeft daarna op een kille manier bericht dat de samenwerking met Van Holsbeeck wordt stopgezet en wil dit zo snel en goedkoop mogelijk beklinken. Coucke heeft een schikking aangeboden om dit op te lossen, maar dit werd pardoes van tafel geveegd door Van Holsbeeck. Die laatste wil namelijk waarop hij recht heeft: een schadevergoeding van twee jaren loon wat overeenkomt met anderhalf miljoen euro. Coucke en co zien dat uiteraard niet zitten en nu proberen ze Van Holsbeeck onder druk te zetten door hem een zware fout aan te wrijven. De vraag is enkel: welke zware fout wil men hem aanrekenen? 

Een terugblik
Van Holsbeeck, Herminator voor de vrienden, arriveerde in 2003 bij Anderlecht waar hij de haast onmogelijke taak had om icoon Michel Verschueren op te volgen. Daarvoor werden er al andere kandidaten binnengehaald, maar die namen telkens de benen door de dominantie die Verschueren uitstraalde. Van Holsbeeck is echter meer uitgekookt en wachtte totdat Verschueren helemaal verdwenen was om de macht te grijpen. Zijn bilan in die vijftien jaar bij Anderlecht oogt indrukwekkend met een palmares van acht landskampioenschappen, één bekerzege en een jaar geleden nog een Europese kwartfinale. Van Holsbeeck is echter - net zoals bij bijna alle andere sportleiders - een omstreden figuur. 

Van Holsbeeck heeft net zoals elke manager zo zijn voor- en nadelen die in de pers en bij supporters worden uitvergroot. Hij was meer sportief manager dan corporate shark en nam ook een grote sportieve verantwoordelijkheid op zich. De scouting van Anderlecht is in al die jaren dikwijls hit and miss waar Van Holsbeeck een belangrijk aandeel in heeft. Ook was hij bedreven in het verkopen van luchtkastelen door de schare supporters een grote transfer te beloven die er telkens nooit kwam. 



Natuurlijk heeft Van Holsbeeck ook belangrijke bijdrages geleverd bij de successen van Anderlecht. Hij was een goed onderhandelaar, want de bedragen die Anderlecht kreeg voor zijn spelers was zeker correct te noemen (en soms zelfs boven de marktwaarde). Hij straalt ook een zeker flegma uit die een tumultueuze club als Anderlecht nodig heeft in crisistijden die om de zoveel maanden opduikt. Over het algemeen is de balans van Van Holsbeeck eerder positief dan negatief. 

De toekomst
Coucke heeft echter Luc Devroe meegenomen uit Oostende en de voormalige general manager van Club Brugge vertolkt diezelfde positie zoveel jaren later bij Anderlecht. Met Coucke waait er een nieuwe wind en is er eveneens een nieuw beleid op komst. Coucke heeft er geen geheim van gemaakt dat hij schoon schip wil houden en wil zoveel mogelijk kosten besparen. Het sportief beleid van Anderlecht was geënt op het betalen van exuberante salarissen van spelers om zo de beste spelers aan te trekken en te houden. De loonmassa is zo zwaar dat het boekhoudkundig niet verantwoord is en structureel niet te houden is. Regelmatig zag Anderlecht zich genoodzaakt om een grote speler te kopen voor veel geld om zo de boekhouding weer in orde te krijgen. Cijfers liegen niet: niet in de boekhouding, maar ook niet in de sport. De boekhouding is dan misschien een kleine ramp, maar de acht titels op vijftien tonen wel aan dat dit model werkte. 



De algemene verwachting is dat de loonmassa onder Coucke significant naar beneden gaat en ook overtollige functies in het organigram van Anderlecht gaan wellicht voor de bijl. Coucke wil werken aan een gezonde club met een duidelijke visie. Bij Oostende boerde Coucke verrassend goed en leverde het vorig seizoen zelfs Europees voetbal op. Maar het sympathieke weireldploegske aan zee is totaal niet te vergelijken met het instituut Anderlecht dat de vaandeldrager is van het Belgische voetbal. Heel veel ogen zullen gericht zijn op de flamboyante ondernemer, niet in het minst van de Waalse pers die een Brusselse club plots zien Vervlaamsen. 

In tegenstelling tot andere ondernemers in het voetbal zoals Verhaeghe of Duchatelet heeft Coucke geen verborgen agenda bij deze overname. Hij is oprecht betrokken bij de sport en doet het enerzijds uit eerzucht, maar anderzijds ook uit liefde voor de sport. De West-Vlaming Coucke is eigenlijk een Club Brugge-supporter maar weet ook dat hij met Anderlecht veel meer sportief succes in België en erbuiten kan boeken dan met Oostende, hoewel hij met die laatste heeft bewezen een succesvolle club te kunnen uitbouwen (met behulp van heel veel geld). Hij wil geen zakenimperium uitbouwen in de sport of een stadion neerplanten dat ten goede komt van zijn eigen bedrijf. Het is enkel afwachten hoe zijn geanimeerde persoonlijkheid valt te rijmen met de veel grotere druk bij Anderlecht. 

En Van Holsbeeck?
De toekomst van persona non grata Van Holsbeeck is nu onzeker, maar met zijn 63 jaar is de pensioengerechtigde leeftijd binnen handbereik. Er waren geruchten dat hij misschien aan de slag zou kunnen bij Antwerp, maar veel meer dan een wild gerucht is dit voorlopig niet. Ook voor een positie bij één van de talrijke comités die het Belgische voetbal rijk is, bedankt hij liever. Op termijn is een uitstapje naar een buitenlandse club misschien een mogelijkheid. Anderen, zoals Filips Dhondt, deden het hem voor en Van Holsbeeck heeft een uitgebreid netwerk van contacten opgebouwd in al die jaren bij Anderlecht. 

donderdag 5 april 2018

Patek Philippe 3940

Patek Philippe 3940
De huidige financiële rentevoet in Europa is een asymptoot die naar nul convergeert. Dan komt het principe van opportuniteitskost – of in dit geval investering – aan de orde. Andere zaken worden dan aantrekkelijker om te doen: niet alleen om te sparen, maar ook om aan te kopen. Jan Modaal gaat dan een verre reis boeken of een in duurdere auto rijden. Het aparte ras dat horlogeliefhebber heet, doet aan deze rationaliteit niet mee en koopt dan een duurder horloge aan. Ondergetekende ging dan meteen voor de heilige graal in de vorm van de Patek Philippe 3940.


Geen goed idee
Regelmatig wordt de vraag gesteld of investeren in een horloge een goed idee is. Op zich is dit geen onterechte vraag, maar het algemene antwoord luidt dat investeren in horloges even zinvol is als investeren in luchtkastelen. Twee namen die deze dans ontspringen zijn Rolex en Patek Philippe. De eerste profileert zich als hèt gekende luxemerk in deze consumptiemaatschappij terwijl de laatste de hoogwaardigheidsbekleder is bij de fijnproevers. Hoewel ik de modellen van Rolex apprecieer, beschouw ik dit voormalige Britse merk eerder als een fabrikant van tool watches. Ik ben echter een liefhebber van dress watches en dan vind ik mijn gading eerder in het aanbod van Patek Philippe dat een heel breed scala aan complicaties aanbiedt zoals annual calendars en perpetual calendars terwijl de tierlantijntjes van een Rolex eerder zitten in de hoeveelheid karaat van een edelmetaal. Mijn zoektocht bracht me eerst langs een annual calendar, perpetual calendar, nieuw en vintage en uiteindelijk viel de keuze op een geelgouden Patek Philippe 3940 die is uitgerust met een eeuwigdurende kalender (die ironisch genoeg accuraat is voor maximaal 122 jaar…).


Er waren enkele factoren die beslissend waren voor dit verdict, maar de eerste en belangrijkste is toe te schrijven aan de prijs. Verscheidene perpetual calendar-modellen van Patek Philippe zoals de 5040 zijn door spectaculaire prijsinflatie een heel stuk duurder geworden op korte termijn, terwijl de 3940 een stabiliteit kent waar het bestuur in het Witte Huis enkel jaloers op kan zijn. Mijn voorkeur ging oospronkelijk uit naar de minder opvallende witgouden versie, maar subtiliteit kent een prijs en die prijs was niet aan mij besteed. Bij de geelgouden versie had ik schrik dat ik me meteen erelid mocht maken van de Casa Nostra, maar het maffiagehalte blijkt gelukkig goed mee te vallen. De gouden accenten van de Patek Philippe 3940 zijn uiteraard aanwezig en deze accenten zullen het niet nalaten om bijstaanders te attenderen op de aanwezigheid van dit edelmetaal. Anderzijds ligt dit mooi in balans met de kristalheldere opalen wijzerplaat van het horloge waardoor je over het algemeen kan spreken van een mooie balans tussen opvallende aanwezigheid, maar toch ingetogen présence. Qua schreeuwerigheid moet de Rolex Yachtmaster II dus geen concurrentie verwachten van dit exemplaar.

Magnum opus
De bouwkwaliteit van het gemiddelde Patek Philippe-horloge is genoegzaam bekend, maar zelfs in deze middens geldt de 3940 als iets bijzonders. Met een beetje zin voor overdrijving kan het omschreven worden als het magnum opus van Patek Philippe in zijn recente geschiedenis. Voormalig CEO van deze Zwitserse horlogemaker, Philippe Stern, noemde de 3940 zijn lievelingshorloge en dit was het horloge dat hij standaard droeg tijdens zijn hard labeur. Bovendien wil de overlevering dat slechts twee medewerkers in het hele bedrijf goed genoeg werden geacht om de 3940 in elkaar te knutselen. Een ander bewijs van de kwaliteit van dit model is de productielooptijd van 1985 tot en met 2006 die ruim twee decennia duurde. Er zijn slechts weinig horloges uit de haute horlogorie die zich zowel tot Generation Y als de Milennials mogen rekenen, maar de 3940 maakt er geen punt van. Qua adelbrieven kan de Patek Philippe 3940 dus meteen tot horlogebaron worden geslagen!

5

Dit zijn leuke feitjes voor een trivia, maar wat maakt dit specifieke model zo bijzonder zonder naar het presenteerblaadje van de verkoper te grijpen? In de eerste plaats de présence van dit horloge wat meedingt naar de prijs van ultieme dress watch. De afmetingen zijn ideaal met een dikte van amper negen millimeter en een wijzerplaat van 36 millimeter. Zoals eerder gezegd eisen de gouden accenten de aandacht op, maar wel op een manier waar je respectvol gebiologeerd naar dit horloge staat te kijken. Eén blik op de volmaakte afwerking volstaat om te beseffen dat dit niet zomaar een horloge is. Die indruk wordt verscherpt door de enig mooie registers en de maanfase die erg verlegen om de hoek komt piepen als de lichtinval het enigszins toelaat. Dit bedoelt men dus als men spreekt over liefde voor het vak.

240Q
Onder de motorkap bevindt zich het 240Q-movement van drie hertz dat het levenslicht zag in 1977, maar het nog steeds goed doet bij de knutselaars van Patek Philippe. Getuige hiervan die Nautilus Perpetual Calendar die amper een paar dagen geleden werd voorgesteld op Baselworld, maar ook mag rekenen op de kracht van het artisanale kunstwerkje dat 240Q heet. Als je een blik werpt op dit movement – gezien de gevoeligheid van dit binnenwerk doe je dit best figuurlijk – zie je waarom het aandrijfmechanisme van deze perpetual calendar zelf eeuwigdurende aspiraties lijkt te koesteren. Het is vanzelfsprekend met veel oog voor detail in elkaar gestoken, kent een ziekelijke zin voor afwerking, telt 275 componenten en is een lust voor het oog. Maar het is vooral hoe dit movement eruitziet dat niet beschreven kan worden. Hier volgt dan toch een poging. De microrotor van 22 karaat is de blikvanger van het geheel en valt zowel esthetisch als in compositie op door zijn centrale plaats en de frappante gouden kleur. Door het goud krijgt de microrotor extra gewicht toebedeeld waardoor het ondanks zijn minuscule formaat toch het kloppend hart vormt van dit uurwerk. Mochten onverlichte geesten nog niet doorhebben dat dit een Patek Philippe is, kan je fijntjes wijzen op de aanwezigheid van het Calatrava-kruis op de rotor.


Een goede tweede in dit eeuwigdurende fabriekje van secondetikkerij is het escapement dat ijverig het beste van zichzelf geeft om de eeuwigheid te verwelkomen in zijn gezelschap. De mooi afgewerkte steentjes op de rest van het movement zijn de spreekwoordelijke kers op de taart. In de begindagen van de Patek Philippe 3940 werd het enkel geleverd met een gesloten medaillon, maar de Zwitsers werden aangeklaagd door Amnesty International omdat het op deze manier het internationaal recht schond. Een rechtbankbezoek zagen de managers van Patek Philippe niet zitten en na enkele jaren kregen horlogeenthousiatelingen eindelijk waar ze zolang recht op hadden: een doorzichtbodem. Is dit dan het mooiste movement ooit? Nou…, euhm nee. Het movement dateert dus van 1977 en ondanks zijn superlatieve kwaliteiten staat de tijd niet stil – dat zou redelijk rampzalig zijn voor een horloge met eeuwigdurende kalender – en heeft de concurrentie ondertussen ander kunstwerkjes geproduceerd. Denk bijvoorbeeld maar aan het Duitse zilverwerk dat Lange & Sohne presenteert in de Datograph. Dat neemt niet weg dat het 240Q-movement iets bijzonder is en nog steeds blijft.

Wordt irrelevant
In een bepaalde prijscategorie worden bepaalde zaken irrelevant omdat substantie in de vorm van kunst boven functionaliteit gaat. Bij Rolex dweept men met een standaardafwijking van plus en min twee seconden per etmaal. Haalt deze Patek Philippe 3940 deze norm? Ik weet het niet en eigenlijk interesseert me dat ook weinig. Hoe contradictorisch het ook mag klinken: de meeste movements van bijvoorbeeld Rolex zullen deze Patek Philippe 3940 een pak voor zijn broek geven als het aankomt op nauwkeurigheid. Maar eerdergenoemde irrelevantie wordt benadrukt door de secondewijzer, of beter gezegd de afwezigheid van een secondewijzer. In de wereld van gentlemen heeft men geen nood aan een secondewijzer. De kabbelende tijdsstroom vormt reeds een meander door de grote en de kleine wijzer, de wildwaterbaan van de secondewijzer heeft dus geen plaats in deze zee van tijd. Toch zal de nauwkeurigheid van de Patek Philippe 3940 kunnen uitgedrukt worden in een afwijking van ettelijke seconden, maar enkel de grootste cijferfetisjist hecht hier belang aan. Wanneer je de tijd instelt met de fijnzinnige kroon valt op hoe kwalitatief het uurwerk is. Met een ongeëvenaarde precisie kan de tijd worden ingesteld op het juiste uur en valt op hoe strak dit verloopt. Andere movements – ondanks een juistere nauwkeurigheid – voelen dan plots een stuk armzaliger aan qua bouwkwaliteit.

7

De echte sterren van een eeuwigdurende kalender zijn uiteraard de drie registers die vormgeven aan deze kalender. Links vind je het register met de dagen dat ook een 24-uursfunctie heeft. De kleine gouden wijzer duidt het verschil tussen voor en na twaalf uur ’s middags aan en de donkere wijzer vervult de rol van dagaanduider. Rechts vind je het register voor de maanden dat eveneens twee functies kent: de gouden wijzer houdt de jaren van het schrikkeljaar bij en de donkere wijzer begroet twaalf keer per jaar een andere maand met de glimlach. Tenslotte is er het onderste register dat de dagen bijhoudt en ook de thuishaven is van een maanfasecomplicatie. De maanfase is de pièce de résistance van de Patek Philippe 3940 maar laat zich niet graag zien of op gevoelige plaat leggen – al is die zelfs tegenwoordig digitaal – omdat het erg afhankelijk is van de juiste lichtinval. Op dat vlak is deze maanfase helaas niet onder een goed gesternte geboren.

Optimaal ontwerp
De aanwezigheid van drie registers lijkt het begin van een horlogehorrorverhaal van onduidelijkheid, maar deze Patek Philippe 3940 wordt niet het ultieme dress watch genoemd door kenners – in casu ondergetekende – als dit het geval zou zijn. De twee registers links en rechts zijn op een geraffineerde manier een fractie verzonken zodat het wat aantrekkelijker en leesbaarder oogt. Het register onderaan heeft dit effect niet, maar wordt wel ogpesmukt met de aanwezigheid van Jannetje Maan, de beroemdste persoonlijkheid ter wereld na Madame Soleil. De symmetrie op de wijzerplaat wordt op deze manier perfect bewaard en ik vermoed dat het een onmogelijke taak is om dit ontwerp verder te verbeteren. Tel daarbij de opalen wijzerplaat plus de gouden (sub)indices en wijzers en je hebt de reden(en) waarom Philippe Stern dit zijn lievelingshorloge noemde.

8

Zowel bovenaan als onderaan is de Patek Philippe voorzien met een saffier glas. Het bovenste gedeelte van het glas is bolvormig, maar is zo vormgegeven dat het glas geruisloos overgaat naar de kast. De kast zelf is een expressie van minimalisme met een flinterdun ontwerp, elegante rondingen en lugs die zich tot de essentie beperken. De kast dingt dus eerder mee naar de Oscar van beste bijrol en eist geen hoofdrol op. Het stelt zich tevreden met een achtergrondfunctie waar het de wijzerplaat – de onbetwiste ster van dit ensemble – ondersteunt in zijn glorie.

Oefening in esthetica
Mijn exemplaar dateert van 1994 en heeft van de juwelierszaak een standaard bandje gekregen en het is dus niet gezegend met een lederen bandje van Patek Philppe. Persoonlijk til ik hier niet te zwaar aan, want het bruine bandje vind ik persoonlijk goed passen bij het karakter van deze Patek Philippe 3940. De gouden Patek Philippe gesp is wel aanwezig, maar beschouw ik eerder als een verplicht attribuut wat de doorverkoopwaarde van het horloge doet stijgen of nivelleren in plaats van dalen.

9

Als horlogeliefhebber is het dragen van de Patek Philippe 3940 een oefening in esthetica waar je het aan jezelf verplicht bent om het maximum te scoren. Deze ochtend bezocht ik het kleinste kamertje en nadat ik een belangrijke boodschap overbracht aan de toiletpot werd mijn tijd opgeslorpt door mijn fascinatie voor dit werkje van liefde en tijd. Onder het kunstlicht werd andermaal duidelijk hoe gracieus dit horloge is door zijn perfecte afmetingen, het glimmende goud van de wijzers dat de opalen wijzerplaat ten dans vraagt in een tijdloos nummer en de spielerei van de maanfase die je eraan doet herinneren dat je nog steeds niet weet wat the fuck een bloedmaan is.

Zijn geld waard?
De vraag rest dan of de Patek Philippe 3940 zijn geld waard is. Kort antwoord: nee. Lang antwoord: nee. Eigenlijk is elke aankoop boven de vijftig euro voor een horloge onzinnig, maar wanneer de prijsdimensie richting ettelijke tienduizenden euro’s begint te neigen, kan je helemaal spreken over totaal onverantwoord en onzinnig. De wet van dalende meeropbrengten kan je bekijken als een functiecurve die start bij vijftig euro en pijlsnel de hoogte inschiet, maar steeds meer begint af te platten wanneer je richting Patek Philippe en consoorten nadert. Maar om mezelf te citeren: “In een bepaalde prijscategorie worden bepaalde zaken irrelevant omdat substantie in de vorm van kunst boven functionaliteit gaat”. Je vraagt ook niet aan een museumcurator of het elfendertigste portret van Marylin Monroe dat op twintig minuten is geschilderd door Andy Warhol zijn geld waard is. Voor de Patek Philippe 3940 geldt hetzelfde.

zondag 1 april 2018

Horloges maart 2018

Parijs en uitverkoop
Bij de vorige tussenstand van hoe vaak ik in 2018 een horloge draag, was de Patek Philippe 3940 heer en meester. De balans is nu wat evenwichtiger, hoewel de Patek nog altijd de grootste slokop van het geheel is. Het gebeurt nu af en toe dat ik een bepaald horloge meer dan één dag draag. Eind februari was ik voor een weekendje in Parijs en daar heb ik gedurende vier koude winterdagen de Seiko SDGM001 gedragen. Ook de veelzijdigheid van de Omega Speedmaster Dark Side of the Moon overtuigt me om dit horloge wat vaker te dragen. Februari en maart 2018 leveren volgend rijtje op:

1/feb Donderdag DSotM
2/feb Vrijdag Seamaster
3/feb Zaterdag Accutron
4/feb Zondag Deep Blue
5/feb Maandag PP 3940
6/feb Dinsdag PP 3940
7/feb Woensdag DSotM
8/feb Donderdag DSotM
9/feb Vrijdag DSotM
10/feb Zaterdag SDGM001
11/feb Zondag /
12/feb Maandag Seamaster
13/feb Dinsdag SBGR083
14/feb Woensdag SBGA011
15/feb Donderdag PP 3940
16/feb Vrijdag Portsea
17/feb Zaterdag KS
18/feb Zondag Accutron
19/feb Maandag SBGR083
20/feb Dinsdag PP 3940
21/feb Woensdag PP 3940
22/feb Donderdag PP 3940
23/feb Vrijdag SDGM001
24/feb Zaterdag SDGM001
25/feb Zondag SDGM001
26/feb Maandag SDGM001
27/feb Dinsdag DSotM
28/feb Woensdag SBGR083
1/mrt Donderdag PP 3940
2/mrt Vrijdag FFD0F001W
3/mrt Zaterdag Deep Blue
4/mrt Zondag Accutron
5/mrt Maandag SBGA011
6/mrt Dinsdag Portsea
7/mrt Woensdag PP 3940
8/mrt Donderdag KS
9/mrt Vrijdag Deep Blue
10/mrt Zaterdag DSotM
11/mrt Zondag Seamaster
12/mrt Maandag SBGR083
13/mrt Dinsdag SDGM001
14/mrt Woensdag SBGA011
15/mrt Donderdag SBGA011
16/mrt Vrijdag FFD0F001W
17/mrt Zaterdag PP 3940
18/mrt Zondag Accutron
19/mrt Maandag DSotM
20/mrt Dinsdag PP 3940
21/mrt Woensdag SBGR083
22/mrt Donderdag SBGA011
23/mrt Vrijdag SDGM001
24/mrt Zaterdag Portsea
25/mrt Zondag Seamaster
26/mrt Maandag PP 3940
27/mrt Dinsdag DSotM
28/mrt Woensdag SBGR083
29/mrt Donderdag SDGM001
30/mrt Vrijdag FFD0F001W
31/mrt Zaterdag PP 3940

Twee horloges zullen in toekomstige lijstjes niet meer opduiken: de Wwoor en Deep Blue Protac 1000. Ik zoek namelijk wat rust in mijn collectie door het aantal stuks te verminderen en de collectie telt nu elf stuks in plaats van dertien voorheen. Andere horloges staan ook in het uitstalraam zoals de Mebourne Watch Company Portsea en King Seiko 4502-7010, maar dan moet ik er uiteraard wel een gegadigde voor vinden. 

Wanneer ik in bovenstaand lijstje tel hoe vaak een horloge is gedragen, is dit de conclusie:
- Patek Philiippe 3940: 12 keer
- Seiko SDGM001 en Speedmaster Dark Side of the Moon: 8 keer
- Seiko SBGR083: 6 keer
- Seiko SBGA011:5 keer
- Bulova Accutron 214 Spaceview en Omega Seamaster: 4 keer
- Deep Blue Protac 1000, Orient FFD0F001W, Melbourne Watch Company Portsea: 3 keer
- King Seiko 4502-7010: 2 keer

In dit lijstje dus geen liefde voor de Rado D-Star en Wwoor. Bij de Rado is dit voornamelijk te wijten aan het armbandje dat de groot is afgesteld en nog ingekort moet worden. De Wwoor is de deur uitgegaan omdat het te weinig gedragen wordt en je kan in het lijstje zien waarom de Portsea en King Seiko mogen beschikken.

donderdag 22 maart 2018

De collectie van twee horloges: een Japanse koning en Zwitserse zeemeester als ouderdomsdekens

Welke twee horloges kan je haast perfect combineren als je op zoek bent naar horloges die de tand des tijds hebben doorstaan? Dat zijn er veel, maar bij de betaalbare exemplaren is de keus niet erg groot. Een duo dat steevast wordt genoemd zijn de King Seiko en Omega Seamaster. De eerste is een ter ziele gegane lijn die wedijverde met Grand Seiko in de jaren zestig en zeventig. Bij de Seamaster kan je terecht over een icoon spreken, maar is de prijs nooit de hoogte ingeschoten omdat de marketingmachine door Omega volop werd ingezet bij zijn grotere broer Speedmaster. Dat maakt dat je met een betaalbaar budget deze mijlpalen uit de horlogorie kan aanschaffen. 



King Seiko 4502-7010
Het maagdenvlies bij vintage horloges was bij mij nog niet gebroken en voor de allereerste keer zocht ik toch naar een speciaal iemand. Die iemand is de King Seiko 4502-7010 geworden. De keuze voor deze Seiko werd ingegeven door een aantal criteria. Eerst en vooral de prijs die niet te hoog mocht zijn. Uiteindelijk betaalde ik 365 euro voor dit exemplaar wat een billijk bedrag is voor dit Japans horloge uit het middensegment. Daarnaast ben ik altijd op zoek naar variëteit en deze specifieke King Seiko beantwoordde aan dit criterium door zijn movement. Het 4502-movement is namelijk een horloge dat tikt aan vijf hertz ofwel 36000 slagen per uur. Zo’n horloge had ik nog niet mijn collectie en met de komst van de King Seiko kon ik ook deze checkbox afvinken. Een bijkomend voordeel is dat de kast ontworpen is met de beroemde ‘grammar of design’ van Toro Tanaka in het achterhoofd. De eerlijkheid gebiedt me echter om te zeggen dat de kastvorm (verwijzend naar referentie 7010) mooi is vormgegeven, maar wel wat anoniem door het horlogeleven stapt. 



Deze hi-beat handopwinder is het perfecte dress watch voor de hedendaagse gentleman, ook al dateert mijn King Seiko van 1971. Het meet 36 mm en beantwoordt daarmee aan de geplogendheid dat dress watches traditioneel gezien een iets kleiner formaat hebben. De lugs lijken echter lang uitgerokken tentakels waarmee het horloge een fractie groter toont dat het effectief is. De wijzerplaat is gezegend met een linnen patroon waar door de jaren heen enkele sporen van patina zijn terug te vinden. Het horloge ademt verfijndheid uit met flinterdunne indices en wijzers die de grens van anorexia lijken op te zoeken. Het gebolde glas maakt de King Seiko één of twee milometer dikker, maar het effect is nihil op het totaalbeeld. De afwerking is verheven boven het plebejese proletenland door factoren zoals de gesigneerde kroon en het medaillon op de achterzijde. 

Omega Seamaster Day Date
Ik weet niet of Omega werd beschouwd als een luxemerk in de jaren zeventig van de vorige eeuw, maar hun horloges uit dit tijdperk worden in ieder geval aangeprezen als luxehorloges. Waar de Speedmasters minstens 1500 euro kosten, zijn de Seamasters nog te vinden voor éénderde van die prijs. Voor mijn exemplaar betaalde ik 620 euro wat een stukje boven de marktprijs is. Dit is voornamelijk toe te schrijven aan de zekerheid die ik zocht en ik vond de geruststelling in het feit dat dit horloge kwam van een Britse horlogezaak. Omega’s Seamaster-lijn bestaat uit een aantal subcollecties en biedt niet alleen robuuste duikers aan. Deze Day Date bijvoorbeeld is ontegensprekelijk een dress watch en zou een archieslecht duikhorloge zijn met een waterdichtheid van slechts dertig meter. De Seamaster vertoont in mijn ogen wat meer karakter dan de klinische King Seiko door de tonneau kastvorm en geïntegreerde bracelet. Plaats deze Omega in een vintage collectie en hij valt ogenblikkelijk op. 



Deze Day Date dateert van 1979 uit een periode waarin de Zwitserse horlogeindustrie de quartzcrisis trachtte te bezweren door het aanbieden van goedkopere automaten. Het concept van de Seamaster lijkt ontsproten te zijn uit het hoofd van de hoofd Boekhouding met kostenbesparing als centraal thema. De personificatie hiervan is het 1020-movement dat synoniem staat voor een minuscule hartverzakking bij ongeoefende horlogemakers. Dit uurwerk is vereenvoudigd in zijn ontwerp, maar helaas ook minder ambachtelijk gemaakt met als eindresultaat goedkopere, poreuze onderdelen. Gelukkig heb ik hier geen last van en werkt mijn horloge zonder horten of stoten. Het verticaal gelijnde patroon van de wijzerplaat is moeilijk waarneembaar tenzij het licht met de juiste invalshoek op de wijzerplaat valt. Bij kunstlicht lijkt de kleur van de wijzerplaat op een soort van parelmoer, bij een lachend zonnetje van moeder natuur is de kleur dan weer lichter. Het karakter van een dress watch wordt bij deze Seamaster geaccentueerd door het bolle glas van Hesaliet dat het licht gebolde glas van de King Seiko niet één, maar wel twee keer overtreft. Ook hier zie je dat de afwerking geen zweem van goedkoopheid vertoont door details zoals het opgelegde Omega-logo, het beroemde embleem van het zeepaardje op de achterzijde en een bracelet dat na bijna acht lustra nog altijd erg solide aanvoelt. 

Meesterlijk of koninklijk?
Dit tweetal is een mooi startschot om een vintage collectie uit te bouwen, maar zijn wel niet meteen complementair aan elkaar. Beide horloges zijn namelijk toonbeelden van dress watches, maar de karakters hebben anderzijds een duale invulling gekregen van hun Japanse en Zwitserse broodheer. De King Seiko is een illustratie van een klinische, gesofistikeerde ambacht. Het ziet er allemaal piekfijn uit, er valt op de afwerking helemaal niks af te dingen, maar het mist in mijn ogen wel wat karakter. Vraag mij wat deze King Seiko zo bijzonder maakt en ik zal lang moeten nadeken. Het presenteerbladje oogt nochtans imponerend met het vijf hertz movement, het ontwerp van Tanaka en een betaalbaar prijskaartje. De King Seiko is een horloge voor mensen die handelen uit rede. 



In tegenstelling tot zijn confrater is de Seamaster een voorwerp van (gematigde) emotie en weet het te overtuigen door zijn curieuze combinatie van tonneau kastvorm, geïntegreerde bracelet en gebold glas. Het is geen wulpse schoonheid, maar weet het zijn vormen wel goed te presenteren. De pin-up uit Omega’s collectie zal het echter nooit worden. De Seamaster is één millimeter kleiner dan de King Seiko, maar oogt net iets indrukwekkender dan dat ie in realiteit is door het lijnenspel van kast en bracelet dat naadloos in elkaar overgaat. Het is door dit soort dingen dat deze Zwitser haaks staat op de afgeborstelde Japanner. Dat betekent echter niet dat de twee elkaar naar het leven staren. De King Seiko voelt zich onmiddellijk thuis op wat chiquere feestjes of aangelegenheden, terwijl de Seamaster een graag geziene gast zal zijn op cocktailparty’s of aan een strandbar in de zomer. 

maandag 5 maart 2018

The Shape of Diversity

Het onmogelijke - voor mij persoonlijk dan - is gebeurd: een matige film zoals The Shape of Water gaat naar huis met vier Oscars waaronder die van beste film en beste regie. Ik vermoedde dat The Shape of Water wel een aantal Oscars zou winnen, maar ik had nooit gedacht dat het in 'grote' categorieën zou zijn en zeker niet voor die van beste film en beste regie. Ik vond het eigenlijk al een hele prestatie dat de film in eerste instantie tot het beperkte kransje der genomineerden behoorde aangezien er werkelijk tientallen films beter zijn dan dit moderne sprookje. 

The Shape of Water is geen slechte film, maar roert veel te graag in de pot mosterd met clichés waardoor het voor de regelmatige filmganger een festiviteit van voorspelbare scènes wordt. Als je dit vergelijkt met del Toro's meesterwerk van El Laberinto del Fauno besef je hoe pijnlijk het is dat dit stukje pellicule 's werelds belangrijkste filmprijs wegkaapt. 

Zoals vorig jaar vergelijk ik mijn voorspellingen met de effectieve winnaars. 

Categorie
Beste film
Categorie
Beste regisseur
Voorspelling
Three Billboards Outside Ebbing, Missouri
Voorspelling
Chistopher Nolan (Dunkirk)
Persoonlijk
Phantom Thread
Persoonlijk
Paul Thomas  Anderson (Phantom Thread)
Winnaar
The Shape of Water
Winnaar
Guillermo del Toro (The Shape of Water)

De verrassing van de Oscars en helaas niet in goede zin is dus The Shape of Water dat de Oscar voor beste film wint. Des te minder woorden hier aan worden vuil gemaakt, des te beter. De beste regie ging ook naar Shape of Water voor Guillermo del Toro en dat verdient hij wel op basis van zijn loopbaan en eerdere films. Voor The Shape of Water is die eer naar mijn bescheiden mening zeker niet weggelegd. 

Categorie
Beste acteur
Categorie
Beste actrice
Voorspelling
Gary Oldman (Darkest Hour)
Voorspelling
Sally Hawkins (The Shape of Water)
Persoonlijk
Gary Oldman (Darkest Hour)
Persoonlijk
Frances McDormand (Three  Billboards…)
Winnaar
Gary Oldman (Darkest Hour)
Winnaar
Frances McDormand (Three  Billboards…)

Iedereen wist op voorhand dat Gary Oldman de Oscar voor beste acteur ging winnen en zo geschiedde. Zijn prestatie in Darkest Hour is één van de zuiverste soort en Oldman verdient de Oscar dan ook dubbel en dik. Bij beste actrice zag ik Sally  Hawkins winnen, maar het is Frances McDormand die haar tweede Oscar voor beste actrice in de wacht sleept. Haar acteerprestatie is minder subtiel dan die van Sally Hawkins, maar het acteursgilde van Three Billboards Outside Ebbing, Missouri vormt de hoeksteen van deze film. 

Categorie
Beste bijrol (man)
Categorie
Beste bijrol (vrouw)
Voorspelling
Sam Rockwell (Three Billboards…)
Voorspelling
Allison Janney (I, Tonya)
Persoonlijk
Sam Rockwell (Three Billboards…)
Persoonlijk
/
Winnaar
Sam Rockwell (Three Billboards…)
Winnaar
Allison Janney (I, Tonya)

Ook de beste mannelijke bijrol is geen verrassing met Sam Rockwell als winnaar. Zijn prestatie is ontegensprekelijk goed, maar hij heeft zich ook kunnen baseren op een rol die geweldig goed is geschreven. De beste vrouwelijke bijrol is weggelegd voor Allison Janney wat ook geen verrassing is. Zelf kan ik geen oordeel vellen over haar acteerprestatie aangezien ik I, Tony (nog) niet gezien heb. 

Categorie
Beste scenario (origineel)
Categorie
Beste scenario (aangepast)
Voorspelling
Three Billboards Outside  Ebbing, Missouri
Voorspelling
/
Persoonlijk
Three Billboards Outside  Ebbing, Missouri
Persoonlijk
The Disaster Artist
Winnaar
Get Out
Winnaar
Call Me by Your Name

Voor beste scenario ging ik ervan uit dat het naar Three Billboards Outside Ebbing, Missouri ging, maar het is uiteindelijk Get Out dat volgens de jury het beste originele scenario kan voorleggen. Voor mij is dit een kleine verrassing, maar Get Out is misschien wel een logische winnaar in een strijd voor meer diversiteit en tegen debacles zoals #Oscarssowhite zoals de afgelopen jaren. Het beste aangepaste scenario was voor mij koffiedik kijken, maar Call Me by Your Name is wellicht de logische en verwachte winnaar. 

Categorie
Beste muziek
Categorie
Beste origineel liedje
Voorspelling
Alexandre Desplat (The Shape of Water)
Voorspelling
This Is Me  (The Greatest Showman)
Persoonlijk
Jonny Greenwood (Phantom Thread)
Persoonlijk
This Is Me  (The Greatest Showman)
Winnaar
Alexandre Desplat (The Shape of Water)
Winnaar
Remember Me (Coco)

De beste muziek vond ik persoonlijk de klassiek getinte soundtrack van Phantom Thread, maar het is Alexandre Desplat die voor zijn muziek in The Shape of Water zich kroont tot winnaar. Hoewel ik de film zelf matig vind, is de muziek van onberispelijke kwaliteit en kan ik me wel vinden in deze keuze. Bij beste liedje zei ik dat ik m'n geld zou zetten op This Is Me, maar gelukkig heb ik dat niet gedaan. Remember Me ging met de prijs lopen en hoewel het een aanstekelijk nummer is, heeft het niet hetzelfde cachet als This Is Me. 

Categorie
Beste productie
Categorie
Beste cinematografie
Voorspelling
The Shape of Water
Voorspelling
Dunkirk
Persoonlijk
Blade Runner 2049
Persoonlijk
Blade Runner 2049
Winnaar
The Shape of Water
 Winnaar
Blade Runner 2049

De Oscar voor beste productie gaat naar The Shape of Water en de productiewaarden van deze film zijn één van de grootste merites van deze film. Geheel onverdiend is deze Oscar dus niet, maar Blade Runner 2049 is in mijn ogen een nog meer verdiende winnaar. Deze toekomstige cultklassieker wint wel de Oscar voor beste cinematografie en dat had ik niet verwacht, maar het is zeker en vast wel verdiend. Het is enkel jammer dat Blade Runner 2049 zich tevreden moet stellen met deze technische categorie, terwijl het moeiteloos kon meespelen met de grote jongens bij de echte filmcategorieën.

Categorie
Beste filmbewerking
Categorie
Beste visuele effecten
Voorspelling
Baby Driver
Voorspelling
Star Wars – The Last Jedi
Persoonlijk
Baby Driver
Persoonlijk
Blade Runner 2049
Winnaar
Dunkirk
Winnaar
Blade Runner 2049
Het beste montagewerk is volgens de jury uitgevoerd op het bandwerk van Dunkirk waar drie verscheidene verhaallijnen samenkomen in één climax. Ook hier geldt dat ik me kan vinden in de keuze, maar zag ik in een andere film - deze keer Baby Driver - een iets meer verdiende winnaar. De beste visuele effecten gaan ook naar Blade Runner 2049 wat in mijn ogen zeker verdiend is. 

In deze editie van de Academy Awards is er niet echt sprake van een grote slokop, hoewel The Shape of Water zich mag uitroepen tot winnaar van deze editie met vier prijzen voor onder andere beste regie, beste productie en beste film. Het is misschien ook typerend voor de diversiteit waar zo nadrukkelijk wordt naar verwezen. Deze diversiteit vind je dus terug in de winnaars van alle soorten en maten, maar dus ook het gebrek aan één film die deze editie volledig domineert. 

Mijn grote favoriet Blade Runner 2049 moet zich tevreden tellen met twee prijzen in technische categorieën, hoewel de prijs voor beste cinematografie toch ééntje is die kan tellen aangezien dit - voor mij althans - de essentie is van de filmkunst. De morele verliezer is misschien wel Three Billboards Outside  Ebbing, Missouri dat met een sterke cast prijzen wegkaapt bij acteurs, maar geen andere categorieën kan winnen. Het moet wellicht een (kleine) teleurstelling zijn voor het creatieve team achter deze film, aangezien het bij andere gala's wel zijn nominaties kon verzilveren.