zondag 9 juli 2017

Bulova Accutron 214 Spaceview

De technologie achter de precisie van quartz bestaat al bijna honderd jaar, maar het was pas in 1969 dat Seiko met een draagbare versie kwam in de vorm van de Seiko Astron. De quartz-klok zag in 1927 het levenslicht, maar de elektronische technologie erachter stond nog in z’n kinderschoenen en kon enkel bij grotere klokken gebruikt worden. Hoewel de precisie van mechanische horloges steeds beter begon te worden, waren horlogemakers steeds op zoek naar een accurater alternatief. 

Amerikaans icoon
De Zwitserse ingenieur Max Hetzel werkte vanaf 1950 bij Bulova en nam eveneens deel aan deze zoektocht. Het werd snel duidelijk dat deze precisie gezocht moest worden bij elektronica en vanaf 1952 gaf Bulova het startschot voor de ontwikkeling van een elektronisch horloge. De technologie van dit horloge was gebonden aan het gebruik van transistors die een stemvork voeden. De frequentie van een stemvork is erg precies waardoor de kans op afwijking een stuk kleiner is dan bij mechanische horloges.




In 1960 werd de Bulova Accutron aan het publiek voorgesteld: dit horloge zoemt aan 360 hertz wat per uur meer dan 2,5 miljoen tikken per uur zijn. Dit was een veelvoudiging ten opzichte van mechanische horloges en de Accutron werd snel in de harten van Amerikaanse organisaties opgenomen. De Accutron participeerde in het Amerikaanse ruimtevaartprogramma en de boordinstrumenten van de ruimtetuigen werden toen uitgerust met deze technologie. Ook het Amerikaanse treinpersoneel deed sinds 1962 een beroep op de precisie van de Accutron, net zoals het Amerikaanse leger. De overleving wil zelfs dat het Amerikaanse leger gevraagd heeft om de lancering van de Accutron uit te stellen omdat het vreesde dat het precieze tijdsinstrument in de handen zou vallen van de Russen.

Esthetisch onverantwoord
Dit jaar mik ik vooral op vintage horloges en ik was al een tijdje op zoek naar de Bulova Accutron 214 Spaceview. Dit horloge is vanzelfsprekend een icoon omwille van zijn status als precisie-instrument, maar heeft ook een soort van steampunk retrofuturistische look die veel liefhebbers aanspreekt. De Accutron 214 kreeg de titel ‘Spaceview’ mee omdat het destijds zo futuristisch eruitzag. Toen ik het bewuste horloge voor het eerst te zien kreeg, was de vormgeving best euh… apart te noemen. Je kan namelijk veel over de Accutron zeggen, maar de esthetische geneugten zijn helaas wel ver te zoeken.  




Dit is in de eerste plaats aan de bizarre kastverhoudingen te wijten. De diameter van de wijzerplaat is slechts 32 mm waardoor het qua grootte eigenlijk als een vrouwenhorloge draagt, zelfs voor een horloge uit de jaren zestig. De hoogte is dan weer totaal onconventioneel met een dikte van 12,5 waardoor de dikte een waanzinnige 40% bedraag van de wijzerplaatdiameter. De Accutron geblokt noemen is dus eigenlijk nog een eufemisme. De Accutron beschikt niet over een kroon waardoor de vormgeving perfect symmetrisch is en daardoor weer punten weet goed te maken.

De apotheose van dit elektronische horloge is uiteraard de elektronische printplaat met de twee transistors bovenaan en daartussen de stemvork. Nu heeft zo’n printplaat dezelfde charme als een Twitterende Trump, maar in de jaren zestig was dit best spectaculair om te zien. Deze printplaat wordt gedomineerd door de kenmerkende groene kleur waardoor het onmiddellijk opvalt. De printplaat staat uiteraard niet toe om hier iets op te graveren van indices en dus bevinden de aanduidingen zich op het erg gebolde glas. Even simpel als inventief opgelost dus.

Erg licht
Ondanks de bizarre kastvormen is de Accutron bijzonder licht. Het weegt minder dan veertig gram en is daardoor amper waarneembaar op de pols. De diameter van 32 mm is vanzelfsprekend klein voor de gemiddelde mannenpols en de kort gebogen lugs maken de vorm niet artificieel langer. In zij-aanzicht toont deze Bulova zich dan wel weer vrij fors door de dikke kast en het gebolde glas dat daar nog eens een vorstelijke schep bovenop doet. Schoonheidswedstrijden zal dit dissidente horloge niet winnen. Door het ontbreken van een kroon dien je aan de achterzijde een piepklein deksel te openen met behulp van je vingernagel. Wanneer dit deksel rechtstaat, is het mogelijk om hier aan te draaien en zodoende het uur te wijzigen. Dit is weer een idee dat in het boek van simpel, maar inventieve ideeën geplaatst mag worden.

De achterzijde bestaat uit twee grote deksels: één om de batterij te vervangen en een andere dus om het uur te wijzigen. Met de nodige trots wordt ook op de achterzijde ook het feit gepresenteerd dat dit horloge waterdicht is. Dat kan misschien wel zo zijn, maar ik zou het sterk afraden om met dit elektronisch horloge waterstofmoleculen op te zoeken.


Mijn exemplaar dateert van 1968 en heeft minimaal één verjongingskuur ondergaan. De secondewijzer ziet een stuk witter uit dan de grote en kleine wijzer wat doet vermoeden dat dit een nieuwe(re) wijzer is of op z’n minst opnieuw geverfd. Ook de punten van de kleine en grote wijzer zijn lichtjes bijgekleurd met witte verf. Beide wijzers luminicseren in het donker. Voor een horloge dat bijna vijftig jaar oud is, vind ik dergelijke kleine ingrepen doodnormaal en zeker niet storend.

Zoemend door het leven 
De stermvorktechnologie van Bulova stierf een stille dood in de jaren zeventig aangezien het werd ingehaald door quartz-horloges die goedkoper en gemakkelijker waren om te produceren. Dat neemt niet weg dat deze technologie een belangrijk deel uitmaakt in de geschiedenis van de horologie. Deze horloges zijn namelijk uniek omwille van het zoemende geluid dat ze maken. De marketingafdeling van Bulova had dat ook opgepikt en adverteerde het horloge onder de slogan ‘The watch that hums’. Deze zachte zoem hoor je duidelijk in een stille omgeving, maar werkt niet neurotisch omdat het in praktijk nauwelijks of niet opvalt door de aanwezigheid van andere omgevingsgeluiden. Deze zoem hoor je wel, maar voel je niet. Het is dus niet zo dat als je het horloge plaatst op een tafel je de trillingen op tafel hoort.




Het oerkenmerk van dit horloge is – nog meer dan het futuristische uiterlijk – de continu bewegende wijzer. Mechanische horloges tikken een aantal keer per seconde met een maximum van tien keer. Met behulp van de stermvorktechnologie tikt de secondewijzer 720 keer per seconde waardoor het effect wordt gecreëerd van een continu glijdende wijzer. Dit was dus Spring Drive avant la lettre. Waar de technologie van Seiko effectief continu glijdt, wordt bij de Bulova het effect gecreëerd omdat het menselijk oog zoveel tikken per seconden uiteraard onmogelijk kan onderscheiden. Op papier wordt dit onderscheid gemaakt, maar in de praktijk zie ik eigenlijk geen verschil tussen dit en de Spring Drive-technologie van m’n Grand Seiko SBGA011.

Te veel volt
Ik heb 335 euro betaald voor mijn exemplaar wat een gemiddelde prijs is. De meeste Accutrons bevinden zich in de prijscategorie tussen 300 en 400 euro. Mijn horloge is niet gewijzigd en maakt gebruik van traditionele 1.15 volt batterijtjes. De Accutron gebruikte origineel namelijk 1.35 volt batterijen van kwik, maar die worden nu niet meer gebruikt omdat ze erg milieuvervuilend zijn. Sommige horloges werden daarom aangepast omdat er een risico was dat de printplaat misschien zou kunnen doorbranden. Ik heb me echter laten vertellen dat dit een broodje aap-verhaal is en na één maand houdt de Accutron de tijd goed bij. Ik ben dus geneigd om deze bewering bij te treden.




Tot slot komt mijn exemplaar met een generieke zwarte lizard strap en dat past wonderwel bij de Accutron. Het bandje is erg licht en de zwarte kleur contrasteert op een mooie manier met het groen van de printplaat. Ten opzichte van een klassiek lederen bandje is het lichter, maar ogenschijnlijk ook minder robuust. In de praktijk heb ik daar echter weinig van gemerkt.

Conclusie
Hoewel de stermvorktechnologie tegenwoordig overbodig is geworden, heeft ze toch veel betekend voor de geschiedenis van de horlogewereld. Dat is al reden genoeg om een vintage exemplaar van een Bulova Accutron in huis te halen. De Spaceview is echter meer dan een voetnoot in de geschiedenis en is een erg leuk horloge met de bizarre kastvormen, weinig alledaagse printplaat als wijzerplaat, een continu bewegende secondewijzer en een zoemend geluid. De Accutron beschikt over een karakterhoofd, maar het is zo bijzonder dat ik dit lelijke eendje met veel plezier mee opneem in m’n collectie. 

vrijdag 7 juli 2017

Knappe horloges voor een zacht prijsje

Sieraden vind je in alle soorten en maten en ook in verscheidene prijscategorieën. De meest opvallende zijn natuurlijk diegene met het hoogste prijskaartje, maar ook voor een bescheiden prijs vind je een heleboel leuke dingen. Hetzelfde geldt voor horloges waar je voor een betaalbare prijs een aantal leuke dingen op de kop kan tikken. Dit is een lijstje van leuke horloges die je kan aanschaffen zonder de bankrekening leeg te plunderen. 

Deep Blue Protac 1000
De aftrap wordt gegeven door een horloge dat ik al een aantal maanden in bezit heb. De Deep Blue is een goedkoper alternatief voor de klassieke divers zoals Seiko SKX-modellen, Seiko Monster of Orient Mako en Orient Ray Raven. De afwerking is op een aantal punten minder zoals de goedkope bezel en onzorgvuldige werking van de kast. Dat weet de Deep Blue echter dubbel en dik goed te maken met punten die - voor mij - belangrijker zijn zoals de aanwezigheid van een saffier glas en een movement dat hackt en opwindbaar is, ironisch genoeg een movement van Seiko (NH36). De wijzerplaat is degelijk afgewerkt en beschikt over een mooie sunburst. Voor ruim 150 euro is dit de ideale tool watch die tegen een stootje kan. 



Steinhart Ocean One
De bedrijfsstrategie van Invicta en Steinhart kan bij mij op weinig appreciatie rekenen aangezien die voornamelijk gestoeld is op het kopiëren van Rolex-designs. Deze hommages vormen echter wel een betaalbaar alternatief voor de dure Rolexen en de Ocean One is daar één van. De basisprijs van 380 euro voor deze Submariner-kloon is niet bepaald goedkoop in vergelijking met een SKX, maar het is wel kwalitatief. Het beschikt namelijk over het gerespecteerde 2824 ETA-movement, saffier glas en een onberispelijke afwerking van de kast en bracelet voor dit geld. Het is in ieder geval een veel beter alternatief dan Invicta's 8926OB-model dat ver beneden het peil van de Ocean One ligt. 



Orient FFD0F001W
Een ander horloge uit mijn collectie is de Orient FFD0F001W. Dit model was een tijdje geleden terug verkrijgbaar, maar op het moment van schrijven lijkt het niet meer verkrijgbaar te zijn. Dit horloge heb ik vorig jaar voor 220 euro gekocht via de Franse poot van Amazon en biedt een heleboel waar voor z'n geld. Vooral het ontwerp is magnifiek met het guilloche patroon op de wijzerplaat, de mooie geblauwde wijzers en een saffier glas. Enkel het movement is niet met zijn tijd meegegaan en hackt niet. De troef van dit horloge is zijn veelzijdigheid waardoor het voor chique gelegenheden kan gedragen worden, maar net zo goed in een strandbar met bermudashort. 



Seiko 5
De Seiko 5 is niet een specifiek horloge, maar wel een collectie van horloges die zijn naam ontleed heeft aan vijf eigenschappen. Dit gaat over het automatische movement, de kroon op de index van vier uur, duurzame kast en bracelet, waterdichtheid en de dagaanduiding op de index van drie uur. Deze horloges variëren in prijs van 50 euro tot meer dan 200 euro, maar zijn beroemd omwille van hun robuustheid. De meeste horloges uit deze collectie zijn sporthorloges, maar af en toe vind je ook exemplaren die neigen naar het ontwerp van een dress watch. 



Bulova Moonwatch
Quartz-horloges zijn over het algemeen een stuk goedkoper dan hun mechanische tegenhangers omdat ze niet (gedeeltelijk) manueel gemaakt moeten worden. Eén van de modellen die veel waar voor je geldt biedt, is ongetwijfeld de Bulova Moonwatch die vorig jaar het levenslicht zag. Deze moderne reïnterpretatie van een astronautenhorloge maakt gebruikt van een 'high precision' quartz zoals Bulova het zelf zo mooi verwoordt. Anders gezegd: dit horloge tikt continu en heeft een ongelofelijke precisie van een maximale afwijking van tien seconden per jaar. Bovendien is deze Bulova een erg precieze chronograaf. De adviesprijs is circa 400 euro, maar als je goed rondkijkt op het internet vind je 'm al vanaf ruim 300 euro.  



Casio G-Shock
Een ander beroemdheid in het quartz-wereldje is de Casio G-Shock. Deze horloges komen in alle soorten en starten vanaf ongeveer 50 euro en kunnen tot enkele honderden euro's kosten. De G-shocks zijn meestal (gedeeltelijk) digitaal en zijn gemaakt om een kernexplosie te overleven. Naast hun ongeëvenaarde robuustheid beschikken ze over een aantal nuttige functionaliteiten zoals thermometer, hoogtemeter, kompas en anderen. Dit maakt het de ideale kandidaat om mee te nemen op outdoor- en trekkingactiviteiten. 



Citizen Ecodrive
Citizen heeft van zonne-energie zijn handelsmerk gemaakt en in de Ecodrive-collectie vind je tal van sporthorloges die werken op zonne-energie. Citizen is één van Japans meest gerespecteerde horlogemakers en levert kwalitatieve horloges af voor een betaalbare prijs. De prijzen in deze collectie beginnen vanaf 120 euro en gaan tot 200 euro en meer. Het ontwerp van de goedkopere horloges is simpel, maar erg degelijk, terwijl de wat duurdere modellen bijkomende complicaties hebben zoals een chronograaf. 



Christopher Ward C60 Trident Pro 600
Dit is de vreemde eend in de bijt, want Christopher Ward zweeft in het horlogespectrum tussen de uiteindes van modehorloge en echte horlogemaker. Dit Britse merk is opgericht in 2004, maar timmert wel serieus aan de weg en beschikt inmiddels over een eigen movement. De C60 Trident Pro 600 is één van de meest verkochte horloges van Christopher Ward en de adviesprijs is 800 euro. De waarheid is echter dat je het met weinig moeite vindt voor de helft van de prijs gezien de onophoudelijke kortingsacties. Deze duiker beschikt over een bezel van keramiek en wordt afgeleverd met het gerespecteerde Sellita SW200-1 movement dat afgeleid is van ETA en COSC gecertificeerd is.



Hamilton Khaki Field
Deze collectie van militaire horloges blinkt uit in eenvoud. Militaire horloges moesten vroeger functioneel zijn en hadden slechts één specifieke functie: goed afleesbaar zijn. Dat is vanzelfsprekend het geval bij de Hamilton Khaki Field. De collectie bevat alle soorten en maten, maar het beste model is wellicht de automaat van 40 mm aangezien die grootte het best is voor de meeste personen. De adviesprijs van deze Hamilton is over 500 euro, maar een speurtocht op de digitale snelweg doet daar snel 150 euro en meer van af. Ik vind het zelf geen beauty, maar dat dit een goed horloge is, staat als een paal boven water. 



Junkers 6060-5
Als je een beetje interesseert in de wereld van horloges zal je allicht wel gehoord hebben van de Bauhaus-stijl. Dit is een stijl die je in verschillende disciplines terugvindt zoals in de architectuur van gebouwen, maar ook in het ontwerp van horloges dat minimalisme omarmt. De Junkers 6060-5 is een mooi en minder gekend exploot van deze stijl. Op deze lijst is de automaat één van de duurdere horloges met een richtprijs van circa 480 euro. Junkers is een relatief klein horlogemerk en het is niet eenvoudig om aan goedkoper exemplaar te komen in tegenstelling tot een Hamilton of Christopher Ward. Een alternatief is de quartz-versie die voor zo'n 200 euro minder over de toonbank gaat. 



Orient Bambino
Japanners zijn heel goed in het produceren van horloges. Dat bewijs Orient met de Bambino-collectie. Ze zijn echter niet zo goed in marketing, want het is Orient USA (een volledig onafhankelijk bedrijf van het Japanse Orient) dat deze belachelijke naam voor deze collectie heeft bedacht. De Bambino's zijn inmiddels aan hun vierde generatie toe die nu zijn voorzien met een movement dat hackt en opwindbaar is. De Bambino's zijn erg leuke dress watches die beginnen vanaf honderd euro en eindigen rond de 250 euro. Als je op zoek bent naar een betaalbare dresser is deze collectie de eerste plaats om op zoek te gaan. Ik bezat de ER24001B maar die is enkele weken geleden verkocht omdat ik het net iets te dressy vond. Misschien ook belangrijk om te weten. 



Seiko SARB + Presage Cocktail
Een populaire reeks onder horlogefans is Seiko's SARB-reeks. Voor 300 à 400 euro heb je een aantal mooie dress watches zoals de SARB033 en SARB035 of een erg mooie sunburst met de SARB065. Van die laatste is dit jaar een geheel nieuwe lijn afgeleid die mee is opgenomen in de Presage-collectie. Het gaat om horloges met verschillende kleuren die beschikken over een erg knappe sunburst. De Presage-modellen zijn - in tegenstelling tot de SARB-horloges - verkrijgbaar in Europa en kosten een kleine vijfhonderd euro. 



M'n eigen mening
Het is duidelijk dat je afhankelijk van je budget en keuzes enkele mooie horloges kan kopen. Je kan bijvoorbeeld de kosten serieus drukken door te opteren voor quartz-varianten in plaats van automaten aangezien die een stuk goedkoper zijn. Als je echt op je budget moet letten, zijn er zelfs in de categorie van minder dan honderd euro genoeg horloges die zowel kwalitatief als mooi zijn: een Seiko 5-model of het gecontesteerde Invicta dat schaamteloos bijna alle Rolex-modellen kopieert. 

Stel dat ik een budget had van ongeveer duizend euro en op zoek ben naar een dresser, duiker en casual horloge, wat zouden dan mijn keuzes zijn? Voor de duiker ga ik resoluut voor de Steinhart Ocean One. Het is weliswaar een regelrechte kopie van de Submariner, maar qua prijs-kwaliteit ga je in deze prijscategorie niks beter vinden en voor dertig euro meer, beschik je zelfs over een bezel van keramiek. Voor de casual alleskunner is de keuze onmiddellijk gemaakt met de Bulova Moonwatch. Het representeert een stukje geschiedenis, maar biedt vooral waar voor je geld. Het is ongelofelijk accuraat en kan op alle gelegenheden gedragen worden. Voor de dresser opteer ik voor de Bauhaus-stijl van Junkers. Met de automaat ga ik over budget, met de quartz-versie respecteer ik het opgelegde budget (een beetje). Het kantoor is de perfecte habitat voor de minimalistische stijl van dit chique horloge en differentieert zich van de traditionele modehorloges die je daar vindt.    

zondag 18 juni 2017

Tabellen en specs update 2

Staat van de collectie
De laatste update van mijn collectie is een half jaar geleden en in dit semester zijn er een aantal verschuivingen gebeurd. Het is te zeggen: met verschuivingen bedoel ik drie nieuwe aanwinsten, want zover groeit mijn collectie alleen maar. Dit jaar ga ik meer de vintage-tour op en zijn er twee nieuwe vintage exemplaren bijgekomen, namelijk de King Seiko met referentie 4502-7010 uit 1971 en de Omega Seamaster Day Date uit 1979. Het voordeel van vintage-horloges is dat ze betaalbaar zijn, nog steeds over een zekere charme beschikken na al die jaren, nog steeds er erg elegant uitzien en de afwerking van deze specifieke afwerkingen is uitmuntend. De derde aanwinst is een Deep Blue Protac 1000. Ik was al een tijdje op zoek naar een bijkomende tool watch en de Deep Blue vervult die functie perfect. 

De volledige collectie ziet er dus nu als volgt uit:

- Rado D-Star
- Orient ER24001B
- Orient FFD0F001W
- Seiko SARB065
- Wwoor
- Melbourne Watch Company Portsea
- Seiko SBGA011
- Omega Speedmaster Dark Side of the Moon
- Seiko SBGR083
- Rolex Submariner met referentie 114060
- King Seiko met referentie 4502-7010
- Deep Blue Protac 1000
- Omega Seamaster (Day Date) met referentie 366.0848

Als ik dit in tabelletjes giet, levert dat volgend resultaat op:

Movement
Quartz
Rado D-Star, Wwoor
Automaat 21 600 tikken per seconde
Orient FFD0F001W, Orient ER24001B, Seiko SARB065, Deep Blue Protac 1000
Automaat 28 800 tikken per seconde
Melbourne Watch Company Seaport, Omega Speedmaster DSotM, Seiko SBGR083, Rolex Submariner, Omega Seamaster
Automaat 36 000 tikken per seconde
King Seiko
Spring Drive
Seiko SBGA011

Glas
Mineraal
Orient ER24001B, Wwoor, King Seiko
Hexalite
Omega Seamaster
Hardlex
Seiko SARB065
Saffier
Orient FFD0F001W, Melbourne Watch Company Seaport, Seiko SBGA011, Rado D-Star, Omega Speedmaster DSotM, Seiko SBGR083, Rolex Submariner, Deep Blue Protac 1000

Band
Lederen polsband
Seiko SARB065, Orient ER24001B, Melbourne Watch Company Seaport, King Seiko
Stalen armband
Orient FFD0F001W, Rado D-Star, Seiko SBGR083, Rolex Submariner, Omega Seamaster
Titanium armband
Seiko SBGA011
Mesh
Wwoor
Silicoon
Deep Blue Protac 1000
Nylon
Omega Speedmaster DSotM

Prijscategorie
<100 euro
Wwoor
100 – 200 euro
Orient ER24001B, Deep Blue Protac 1000
200 – 500 euro
Seiko SARB065, Orient FFD0F001W, King Seiko
500 – 1000 euro
Melbourne Watch Company Seaport, Omega Seamaster
+ 1000 euro
Rado D-Star, Seiko SBGA011, Omega Speedmaster DSotM, Seiko SBGR083, Rolex Submariner

Stijl
Sport
Wwoor, Omega Speedmaster DSotM
Duiker
Rado D-Star, Rolex Submariner, Deep Blue Protac 1000
Dress
Seiko SBGA011, Seiko SARB065, Orient ER24001B, Seiko SBGR083, King Seiko
Marine
Melbourne Watch Company Seaport
Casual / dress
Orient FFD0F001W, Omega Seamaster

Kleur wijzerplaat
Wit
Seiko SBGA011, Seiko SARB065, Orient FFD0F001W
Blauw
WWoor, Melbourne Watch Company Seaport
Zwart
Orient ER24001B, Omega Speedmaster DSotM, Seiko SBGR083, Rolex Submariner, Deep Blue Protac 1000
Grijs
Rado D-Star, Omega Seamaster, King Seiko

Variatie
De enige conclusie die ik kan trekken na het bekijken van deze tabelletjes is dat m'n collectie gevarieerder is dan ooit tevoren. Ik heb altijd gezegd dat ik wel van variatie in m'n collectie houd en dat komt hier zeker tot uiting. Een mooi voorbeeld hiervan is de movements waar bij de automaten ik minstens één exemplaar heb van elke moderne variant. Bij de kleur van de wijzerplaat is er dan weer eentonigheid troef met voornamelijk grijze, witte en zwarte wijzerplaten. 

Het ziet er eveneens naar uit dat ik aan dit tempo aan twee soorten collecties begin: één van vintage horloges en een ander voor moderne horloges. Na de King Seiko en Omega Seamaster ben ik namelijk van plan om nog andere vintage horloges aan te schaffen. Ik denk dan in de eerste plaats aan de Bulova Accutron 214 met stemvorm dat al een tijdje op m'n verlanglijstje prijkt. 

Liquideren
Deze collectie begint al aardige proporties aan te nemen en ik overweeg om een aantal horloges te verkopen. De Orient ER24001B staat in de uitverkoop en kan deze week nog de deur uitgaan. Ook de Rolex Submariner ga ik in de etalage plaatsen. Het is een fantastisch horloge, maar toch niet helemaal mijn smaak. Ook de Portsea gaat wellicht in de uitverkoop komen te staan, al is het niet onmiddellijk. Ik draag dit horloge te weinig om  het in m'n collectie te houden. Tenslotte is er nog de Wwoor die ik eveneens zelden draag, maar dit Chinese horloge is zo goedkoop dat ik niet aan de straatstenen zou kwijt geraken. De vraag die dan nog rest, is of ik zoiets moet laten meetellen voor m'n collectie... 

zondag 11 juni 2017

When in Rome do as the Romans do

2017 geldt als mijn inhaaljaar voor vakanties die ik lang in het verleden had gepland, maar nooit heb uitgevoerd. Eéntje die al heel lang op het verlanglijstje stond was de eeuwige stad, Rome. Als kind had ik een enorme fascinatie voor de Romeinen en hun beschaving is de bakermat voor de moderne westerse samenleving. Hoewel deze interesse is afgenomen na al die jaren, blijft deze stad me boeien en kon een citytrip natuurlijk niet ontbreken.  

Een reis is eigenlijk een soort van miniproject en zoals bij elk project is een goede planning dan onontbeerlijk. Ik had deze trip gepland begin dit jaar en dat leverde een significante besparing op voor m'n portemonnee. De vlucht heb ik zo kunnen boeken voor 91 euro en het verblijf in Rome zelf bedroeg een erg schappelijke 282 euro voor zes overnachtingen (inclusief drie euro toeristenbelasting per dag). Tel daarbij de Roma Pass die je voor dertig à veertig euro kan aanschaffen (afhankelijk of het twee of drie dagen is) en je hebt een goedkope manier om deze magische stad te ontdekken. 

Zondag 4 juni
Op zondag vertrek ik via Zaventem en na de recente terreuraanslagen in Londen en stakingsaanzegging van de douaniers heb ik me al op het ergste voorbereid. Gelukkig valt dat erg goed mee en aangezien ik enkel handbagage mee heb en m'n boarding pass op m'n smartphone staat, mag ik onmiddellijk naar de security check. Dit duurt slechts een kwartiertje, al zal de dag van de week (zondag) er ook wel mee te maken hebben. 

Na een vlucht van amper één uur en veertig minuten land ik op Italiaanse bodem. Voor 14 euro neem ik vervolgens de Leonardo Express naar Roma Termini waar mijn hotel letterlijk één blok is van verwijderd. De hotelkamer blijkt vrij elementair te zijn, maar voor dit bedrag in hartje Rome verwacht ik vanzelfsprekend geen grootse luxe. Alle basisvoorzieningen zijn echter aanwezig en - belangrijker - het bed biedt voldoende slaapcomfort. 



's Avonds ga ik naar twee van Romes grootste toeristische attracties: de Trevifontein en de Spaanse trapen. Zoals te verwachten, kan je hier over de hoofden lopen, maar bij de Trevifontein is dit totaal niet erg. Deze fontein ziet er erg mooi uit en bijna iedereen wil een selfie met de fontein op de achtergrond. De magie van de Spaanse Trappen ontgaat me echter volledig. Deze trappen zijn gelegen aan Piazza di Spagna waar een mooie fontein staat met daarachter de beroemde trappen. Het pleintje ziet er fraai uit en bovenaan de Spaanse Trappen heb je een mooi panorama over Rome. Maar waarom hier zoveel toeristen komen, is me eerlijk gezegd een raadsel... 

Maandag 5 juni
De eerste volledige dag in Rome staat in het teken van de Romeinse beschaving tweeduizend jaren geleden. Het Forum Romanum biedt een uitgebreide collectie van Romeinse gebouwen, sites en tempels die vroeger het hart vormden van het oude Rome. De meeste gebouwen en tempels zijn ruiïnes en je moet al over veel verbeeldingskracht beschikken om een idee te vormen hoe het er hier vroeger uitzag. Toch is het forum zeker en vast de moeite waard. Gewapend met een toeristische gids heb ik net iets meer informatie en zie ik dus meer dan enkel de overblijvende stenen die hier liggen. De informatieborden zijn een nuttige toevoeging en ik heb drie uur nodig om het forum op m'n gemak te bekijken. Je kan op de heuvel ook het Palentijn bekijken dat ook deel uitmaakt van deze site en even groot is als het forum. Dat heb ik echter gereserveerd voor een andere dag en dus beperk ik me tot dit gedeelte van het forum. Als je het forum verlaat, zie je verscheidene archeologische sites waaronder de markten van Trajanus, maar dit spreekt me minder aan. 



Naast het forum staat het Colosseum en met de Roma Pass mag ik de rij wachtenden vriendelijk begroeten en passeren. Ik heb geen hoge verwachtingen van het Colosseum aangezien ik een typische toeristenval verwacht. Dat blijkt echter ongegrond te zijn, want Romes grootste amfitheater ooit is een imposant bouwwerk. De beroemde zuidelijke zijde is knap gerestaureerd en ook de meer vervallen stukken van het theater zien er nog steeds heel behoorlijk uit. Er wordt ook een heleboel informatie gepresenteerd over het Colosseum. Niet alleen over het ontstaan en het doel, maar ook hoe het werd gebruikt in de Middeleeuwen (er stond vroeger zelfs een kerk in!) en hoe het de basis vormde van Mussolini's propaganda. 

In de avond maak ik tenslotte een rondwandeling in de buurt van Via Veneto wat ik één van de minder mooie buurten van Rome vind gezien het gebrek aan trekpleisters zoals kerken of pleintjes. 

Dinsdag 6 mei
Op deze dag is het de beurt aan die andere bekende toeristische trekpleister: Vaticaanstad. Dit is de enige keer in de hele week Rome dat ik de metro neem en dan moet ik nog zo'n anderhalf kilometer stappen totdat ik bij 's werelds kleinste natie arriveer. Aan het Sint-Pietersplein staat één van de vele toeristische gidsen die me overtuigt om een rondleiding te nemen met gids. Het kostenplaatje is vrij hoog met 55 euro, maar het heeft wel één gigantisch voordeel: je mag de rij wachtenden passeren aangezien alle gidsen werken met een vast urenschema. De rondleiding zelf duurt 2,5 uur en omhelst enkel het Vaticaans museum. De rij wachtenden aan dit museum is werkelijk belachelijk lang en ik ben blij dat ik niet moet aanschuiven in deze lange rij. 

Het Vaticaans museum is het op één na grootste museum ter wereld en is in totaal ongeveer 16 kilometer lang. Het museum heeft wel één groot nadeel: de vorm. Het is langwerpig waardoor alle toeristen letterlijk continu door een flessenhals worden gedrukt. De drukte is er zo enerverend dat het (gedeeltelijk) ten koste gaat van dit mooie museum. De rondleiding zelf is interessant, maar toch ook wel een beetje overhaast. Ik schat dat de rondleiding zelf in het museum slechts anderhalf uur duurt wat toch wel weinig is in vergelijking met de omvang van het Vaticaans museum. De rondleiding eindigt bij de wereldberoemde Sixtijnse Kapel dat een massaoverrompeling is. Ik besluit om het museum opnieuw te bekijken op mijn eentje om zo de beroemde Stanze-fresco's van Rafaël - die in de rondleiding werden overgeslagen - te bezichtigen. 



Na mijn tweede tour door het Vaticaans museum kan ik rechtstreeks naar de Sint-Pietersbasiliek gaan zonder te moeten wachten. Dit is 's werelds grootste basiliek en bevat enkele prachtige kunstwerken zoals het beroemde Pieta-beeld van Michelangelo. De kathedraal weet zich echter niet te onderscheiden van de zoveel andere kathedralen die ik de laatste jaren heb bezocht en mijn interesseboog is niet langer gespannen dan een half uur. De doortocht door Vaticaanstand wordt afgerond met een bezoek aan de Engelenburcht dat door de tijd heen verschillende bestemmingen heeft gehad. De bewogen geschiedenis van deze burcht maakt een bezoek zeker de moeite waard. 

Op basis van mijn reisgids uitgegeven door Capitool - een erg toepasselijke naam voor deze trip - maak ik nog een avondwandeling in de buurt van het Lateraans Paleis wat tot de dertiende eeuw de residentie van de pausen was. Dit is een erg leuke buurt die 's avonds erg rustig is, maar nog steeds fraaie foto's oplevert voor het (digitale) fotoboek. 

Woensdag 7 juni
Het Pantheon is het beginpunt van mijn vierde dag in Rome en vind ik persoonlijk het meest interessante bouwwerk van m'n reis. Dit is eigenlijk een tempel die geweid was aan alle Romeinse goden, maar later gebruikt werd als kerk en daardoor nooit is vernietigd. De diameter van het Pantheon is even groot als de hoogte waardoor het harmonieus oogt. In het midden bevindt zich de Oculus, een groot open gat in het plafond waar het licht naar binnen treedt. Het Pantheon is vaak verbouwd en ziet er daardoor nog erg goed en modern uit. Enkel als ik terug naar buitenkom, zie ik de eeuwenoude, originele muur waarop het is gebouwd. In de onmiddellijke omgeving van het Pantheon staat ook de Sint-Ignatius kerk. Onwetend stap ik de kerk binnen en ik ontdek prachtige schilderingen aan het plafond die de vergelijking met de Sixtijnse Kapel zeker kunnen doorstaan. Dit omvat voor mij de essentie van Rome: ongepland ergens binnenstappen en je laten onderdompelen wat Rome te bieden heeft. 



In de middag maak ik een rondwandeling door de buurt van Piazza Navona. Dit plein telt drie mooie fonteinen met Bernini's Vierstromenfontein als orgelpunt. Het is erg gezellig en ik verlies alle oog voor tijd wanneer ik hier op m'n gemak door de nauwe straten kuier of gewoon lui op een bankje de toeristen gadesla. Daarna besluit ik om terug naar de site van het Forum Romanum te gaan om daar de heuvel van Palentijn te bezoeken. Deze heuvel maakt ook deel uit van het forum waardoor ik deze keer wel inkom moet betalen aangezien de Roma Pass niet meer geldig is bij een tweede bezoek. Hier bevinden zich enkele interessante locaties zoals het Circus Maximus en de eerste vestigingen van Rome in het bronzen tijdperk (en dus ook de plek van de legende van Romulus en Remus). Helaas is dit voor mij de grootste ontgoocheling van Rome omdat het veel minder compact is dan het Forum Romanum en de meeste locaties hebben de tand des tijds niet zo goed doorstaan. 

Mijn avondwandeling is inmiddels uitgegroeid tot een traditie deze week en ik wijk af van het geijkte pad. Deze keer verken ik de stationsbuurt van Roma Termini die niet mee is opgenomen in de toeristengids van Capitool. Na twee uur weet ik waarom want eigenlijk zijn er hier weinig interessante dingen te zien. Ik ontdek echter zo wel het residentiële Rome en dat maakt het op zijn beurt dan wel weer interessant, maar dan wel op een andere manier. 

Donderdag 7 april
Tot dusver ben ik altijd binnen de grenzen van de Tiber gebleven, de rivier die Rome in tweeën snijdt. In het buitengedeelte van Rome bevindt zich een totaal andere atmosfeer, ver weg van de drukke toeristenmassa in het historisch centrum. De buurt die deze rustige sfeer helemaal uitademt is ongetwijfeld Trastevere. Deze buurt wordt gekenmerkt door nauwe steegjes, steile hellingen en de winkeltjes en restaurantjes die je overal vindt. Deze buurt is ook de thuishaven van vele kerken aangezien de eerste christenen in Rome in deze vreemdelingenbuurt verbleven. Eén van deze mooie kerken is Santa Maria wat één van de eerste kerken is in Rome. De kerk is niet heel erg bijzonder maar in combinatie met het gezellige pleintje in deze bruisende buurt is het wel een leuke plek om te bezoeken. 



Na mijn wandeling door Trastevere steek ik de Tiber terug over en stuit ik onverwacht op de basiliek van San Clemente. Alweer een kerk, maar deze keer wel een bijzondere: deze kerk vormt namelijk drie kerken in één. In de eerste eeuw na Christus werd hier de figuur Mithras vereerd, in de vierde eeuw werd bovenop deze eerplaats een eerste kerk gebouwd en tenslotte werd in de elfde eeuw op de eerste verwoeste kerk alweer een nieuwe kerk gebouwd. San Clemente is interessant omdat je in de kelder overblijfselen vindt van verwoeste huizen van het oude Rome die ongeveer tweeduizend jaar oud zijn. 

Deze donderdag groeit uit tot een kerkdag want als afsluiter bezoek ik Sint Jan van Lateranen. Deze gigantische kerk was het vroegere Vaticaan omdat hier tot de dertiende eeuw de pauzen verbleven. Qua grandeur moet deze kerk dan nauwelijks onderdoen voor de Sint-Pietersbasiliek al komen hier veel minder toeristen. 

Vrijdag 8 april
Na een slechte nachtrust begin ik slaapdronken aan mijn laatste dag in Rome. Normaal heb ik de gewoonte om enkele musea te bezoeken bij een citytrip maar bij mijn bezoek in Rome is dit op de achtergrond verdrongen tot vandaag. De schade wordt ingehaald met een bezoek aan de Capotilijnse musea wat eigenlijk een samensmelting is van twee musea: Palazzo dei Conservatori waar je binnenkomt en het Palazzo Nuovo waar je naar buiten gaat. Deze twee musea herbergen een knappe collectie van beelden en schilderijen uit zowel de Romeinse oudheid als de Renaissance. Mijn bezoek duurt twee uur, maar ik kan me inbeelden dat je er dubbel zo lang overdoet om alles grondig te bekijken. Deze twee musea zijn verbonden via een ondergrondse gang die een zijsprongetje maakt naar het Forum Romanum. Je kan de grondvesten van een oude tempel zien en je krijgt eveneens een mooi platform om het gehele forum te overschouwen. 



Na dit bezoek kuier ik een beetje doelloos rond aangezien ik alles heb gezien wat ik wou zien. Ik beland zo in de buurt van Campo de Fiori wat ik één van de meest authentieke buurten van Rome vind. Het is nog wel toeristisch, maar het bevat een goede mengeling van bewoners die hun dagelijkse ding doen, mooie bezienswaardigheden, een authentieke sfeer en een levendige groenten- en fruitmarkt. Vermoeid keer ik om drie uur terug naar mijn hotel waar ik hazenslaapje doe. 's Avonds doe ik dezelfde ronde waarmee het allemaal begon: de Trevifontein en Spaanse Trappen. Op deze vrijdag doe ik dat wat later waardoor zowel de fontein als de trappen verlicht zijn wat wel mooie fotogenieke beelden oplevert. Het vormt een mooie afsluiter voor deze citytrip in Rome. 

Zaterdag 9 april
Op het ongoddelijke uur van vijf uur 's ochtends sta ik op om een uurtje later de Leonardo Express te nemen van Roma Termini naar de luchthaven in Fiumicino. De reputatie van Italiës grootste luchthaven is niet goed en daarom neem ik het zekere voor het onzekere. Ik ben dus ruim drie uur voor de vlucht aanwezig, maar dat is nergens voor nodig. Deze zaterdagochtend is het erg rustig op de luchthaven en op amper vijf minuten ben ik door de security check. Na drie uur de tijd de doden vertrekt het vliegtuig zonder problemen en land ik omstreeks half één in Zaventem. Bij de caroussels waar de bagage wordt opgehaald zie ik Frank Raes zitten die er een klein stukje opneemt na de match van Estland tegen België. Via de trein beland ik in Leuven en daar heb ik een vlotte aansluiting met de bus zodat ik vrij gemakkelijk thuis geraak. 

Conclusie
Van de drie recente trips die ik heb ondernomen (New York, Andalusië en dus Rome) is dit wellicht de minste, maar dat wil niet zeggen dat Rome een tegenvaller is. Integendeel, de eeuwige stad herbergt een bijna onuitputtelijke hoeveelheid van kunst, kerken, architectuur en geschiedenis uit zowel de Romeinse oudheid als de Italiaanse renaissance. Dit is tegelijk de sterkte en de zwakte van Rome. Op dit vlak is het misschien wel de mooiste stad ter wereld, maar het ontbeert Rome aan diversiteit. Je vindt hier niet snel stadspleintjes of tuintjes waar je kan genieten van een beetje groen, optredens zijn dun bezaaid (of volledig in het Italiaans) en andere cultuur buiten de eerder vermelde kan je niet opsnuiven.

Misschien is dit ook aan mezelf te wijten, want dit is reeds de derde city trip op twee maanden tijd en dan kan reismoeheid onverwacht toeslaan. De eerlijkheid gebiedt me te zeggen dat de vijfde dag er een beetje te veel aan was en met vier dagen heb je alle hoogtepunten van Rome gezien. Dat neemt echter niet weg dat ik erg blij ben dat ik Rome heb gezien en iedereen moet deze mooie stad zeker eens gezien hebben. Daar ben ik na mijn bezoek zeker van overtuigd.